De grote verdrukking, voor wie bestemd

De grote verdrukking

Wat is het, voor wie bestemd, en voor wie niet?

De term “grote verdrukking” roept veel vragen op.
Is dit een periode waar de Gemeente doorheen moet?
Is dit algemeen christelijk lijden?
Of gaat het om iets heel specifieks in Gods profetisch plan?

De Schrift laat zien dat de grote verdrukking geen vaag geestelijk begrip is, maar een concrete, toekomstige, afgebakende periode met een duidelijk doel en een duidelijk adres.

Wat is de grote verdrukking?

De uitdrukking komt rechtstreeks uit:

Mattheüs 24:21

“Want alsdan zal grote verdrukking wezen, hoedanige niet is geweest van het begin der wereld tot nu toe, en ook niet zijn zal.”

Hier spreekt de Here Jezus over een ongeëvenaarde periode van benauwdheid. Niet zomaar moeilijkheden. Niet gewone vervolging. Maar een unieke, nooit eerder voorgekomen tijd van wereldwijde ontwrichting.

Deze periode wordt verder beschreven in:

  • Daniël 9–12
  • Openbaring 6–19
  • Zacharia 12–14

Het gaat om de laatste fase van Daniëls zeventigste week (Dan. 9:24–27): een periode van zeven jaar, waarvan de tweede helft wordt aangeduid als de grote verdrukking.

“Een tijd van benauwdheid voor Jakob”

De sleuteltekst staat in:

Jeremia 30:7

“Wee! want die dag is groot, dat er geen is als hij; het is een tijd van benauwdheid voor Jakob; nog zal hij daaruit verlost worden.”

Hier wordt het expliciet:
De verdrukking is voor Jakob — dat wil zeggen: voor Israël.

Dit betekent niet dat andere volken niet getroffen worden. De oordelen in Openbaring treffen de hele wereld. Maar het primaire doel is:

  • Israëls loutering
  • Israëls bekering
  • Israëls voorbereiding op het Messiaanse Koninkrijk

De verdrukking is dus geen willekeurig iets, maar onderdeel van Gods verbondsplan met Zijn aardse volk.

 De rol van de volkeren

  • De oordelen in Openbaring 6–18 laten zien dat:
  • Wereldwijde oorlogen uitbreken
  • Hongersnoden en plagen komen
  • Een beestelijk wereldsysteem opkomt

De mensheid geconfronteerd wordt met Gods toorn

In Openbaring 6:17 staat:

“Want de grote dag Zijns toorns is gekomen, en wie kan bestaan?”

De grote verdrukking is dus ook een periode van Goddelijk oordeel over de goddeloze wereldorde.

 Is de Gemeente bestemd voor de grote verdrukking?

Hier ligt vaak de grootste verwarring.

Wanneer men Israël en de Gemeente niet onderscheidt, worden teksten uit Mattheüs 24 rechtstreeks op de Gemeente toegepast. Maar de Schrift maakt een onderscheid tussen:

  • Gods profetisch programma met Israël
  • Gods verborgenheid betreffende het Lichaam van Christus

Paulus schrijft in:

1 Thessalonicenzen 5:9

“Want God heeft ons niet gesteld tot toorn, maar tot verkrijging der zaligheid door onze Heere Jezus Christus.”

En in:

Romeinen 5:9

“…wij zullen door Hem behouden worden van de toorn.”

De grote verdrukking wordt gekenmerkt als een tijd van toorn.
Maar de Gemeente is niet tot toorn gesteld.

Daarom kan de grote verdrukking niet primair gericht zijn op het Lichaam van Christus.

Waarom dit onderscheid essentieel is

Wanneer men dit onderscheid niet maakt:

  • Worden gelovigen in angst gebracht voor profetische gerichten
  • Worden Israëlitische beloften vergeestelijkt
  • Worden gemeente-waarheden vermengd met koninkrijksleer

Maar wanneer men de Schrift “recht snijdt” (2 Tim. 2:15), ziet men:

  • Israël heeft een aardse roeping
  • De Gemeente heeft een hemelse roeping
  • De grote verdrukking hoort bij Israëls profetische traject

Wat betekent dit praktisch?

Voor de gelovige vandaag betekent dit:

Wij leven, en komen ook niet in de grote verdrukking

Wij wachten niet op de antichrist

Wij wachten op Christus

Onze hoop is geen oordeel, maar verwachting.

De grote verdrukking is:

Een toekomstige, unieke periode van ongekende benauwdheid

Bestemd voor Israël en de ongelovige wereld

Gericht op oordeel én loutering

Niet bestemd voor het Lichaam van Christus

Gods plannen lopen niet door elkaar.
Hij werkt onderscheidelijk, maar altijd trouw aan Zijn Woord.

Is het maar makkelijk als je niet meer onder de wet leeft?

Is het maar makkelijk als je niet meer onder de wet leeft?

Dat is een vraag die je vaak hoort.
Als je zegt dat de gelovige niet onder de Wet is, maar onder de Genade, dan reageren sommigen direct:

“Dan wordt het geloof wel erg gemakkelijk.”

Maar is dat werkelijk zo?

Paulus schrijft in Romeinen 6 vers 14:
“Want de zonde zal over u niet heersen; want gij zijt niet onder de wet, maar onder de Genade.”

Let goed op wat daar staat. Hij zegt niet: u hebt geen norm meer.
Hij zegt: u bent niet onder de Wet.

Dat is een positieaanduiding.

Onder de Wet betekent: staan onder een systeem van eis en vergelding.
De Wet zegt: doe dit en gij zult leven.
Maar de Wet geeft geen kracht om te doen wat zij eist.

Romeinen 3 vers 20 zegt:


“Want door de wet is de kennis der zonde.”

En Romeinen 7 vers 7:


“Want ik wist de zonde niet dan door de wet.”

De wet openbaart Gods heiligheid.
De wet openbaart óók onze onmacht.

Het probleem lag niet in de wet.
Paulus zegt in Romeinen 8 vers 3:


“Want hetgeen der wet onmogelijk was, dewijl zij door het vlees krachteloos was…”

De wet was goed.
Het vlees was zwak.

Dus wie onder de Wet leeft, leeft onder een voortdurende eis, zonder innerlijke kracht om die eis te vervullen. Dat is geen gemak. Dat is een last.

Maar wat betekent dan: onder de Genade?

Romeinen 6 vers 4 zegt:

“Zo dan, wij zijn met Hem begraven door den doop in den dood, opdat, gelijkerwijs Christus uit de doden opgewekt is tot de heerlijkheid des Vaders, alzo ook wij in nieuwigheid des levens wandelen zouden.”

Genade betekent:
rechtvaardiging zonder werken.
een nieuwe positie in Christus.
mede gekruisigd met Hem.
opgewekt tot een nieuw leven.

En dan komt direct het misverstand.
Paulus stelt het zelf aan de orde in Romeinen 6 vers 15:

“Wat dan? Zullen wij zondigen, omdat wij niet zijn onder de wet, maar onder de genade? Dat zij verre.”

Genade is géén vrijbrief voor zonde.
Integendeel zelfs

Onder de Wet wordt de zonde veroordeeld, maar niet weggedaan.
Onder de Genade wordt de heerschappij van de zonde verbroken.

“Want de zonde zal over u niet heersen.”

Dát is bevrijding.

Maar is dat mákkelijker?

In zekere zin is het lichter, want er is geen veroordeling meer.
Maar in een andere zin is het dieper, want het raakt het hart.

Onder de Wet kun je je nog verschuilen achter uiterlijke naleving.
Onder Genade krijgt de door de Wet veroordeelde zondaar verlossing in Christus.

Galaten 2 vers 20 zegt:

“Ik ben met Christus gekruist; en ik leef, doch niet meer ik, maar Christus leeft in mij…”

Dat is geen gemak.
Dat is zelfverloochening.

Onder Genade dien je niet uit angst, maar uit liefde.
Je gehoorzaamt niet om aangenomen te worden, maar omdat je aangenomen bent.
Je leeft niet uit eigen kracht, maar in afhankelijkheid van Christus.

De norm wordt niet verlaagd.
Maar wordt verdiept.

De wet werkt van buiten naar binnen.
Genade werkt van binnen naar buiten.

Dus nee, niet onder de Wet leven is géén makkelijke weg.
Het is geen lagere roeping.
Het is een hogere werkelijkheid.

Geen eigen gerechtigheid meer.
Geen religieuze prestaties meer.
Maar ook geen leven meer voor jezelf.

Niet onder de Wet,
maar onder de Genade.

En dat betekent:
Christus in ons, de hoop der heerlijkheid.

Bedelingenleer toegelicht

Bedelingenleer toegelicht

YouTube player
In deze video breng ik wat nuance aan over iets waar heel veel verwarring en misverstanden over bestaan : Gods woord , de Bijbel recht snijden. De Bedelingenleer. Door bepaalde mensen wordt met grote woorden gegooid, als zou het een ‘valse’ of een ‘vuile’ leer zijn. Wat grote onzin, en polemische taal is.
Heel kort noem ik ook de hyperbedelingen leer, wat een heel ander ding is. Ik heb over dit onderwerp verschillende blogs geschreven.

De Schrift recht snijden

De bedelingen in de Bijbel en de reden waarom Paulus er letterlijk over spreekt

Bedelingen….

Geverifieerd door MonsterInsights