Het klinkt vroom. Eerbiedig zelfs. Alsof daarmee op voorhand het gesprek is beëindigd.
Maar deze redenering heeft misschien wel meer verwarring veroorzaakt dan menige dwaalleer.
Niet omdat de woorden van de Here Jezus onwaar zouden zijn. Integendeel. Iedere uitspraak van de Here Jezus is volmaakt waar.
Het probleem is een ander.
Veel christenen passen de woorden van Jezus rechtstreeks toe op de Gemeente, zonder rekening te houden met Gods heilsplan, de bediening van Paulus en de Verborgenheid die pas later werd geopenbaard.
Daardoor worden Wet en Genade, Israël en de Gemeente, profetie en Verborgenheid voortdurend met elkaar vermengd.
Dit artikel is géén aanval op kerken of oprechte gelovigen. Integendeel. Juist omdat zoveel christenen deze manier van Bijbellezen hebben meegekregen, is het belangrijk opnieuw de vraag te stellen:
Wat zegt de Schrift?
Niet alleen wat zij zegt, maar ook:
tot wie?
wanneer?
waarom?
Dát is de sleutel tot verantwoord Bijbelgebruik.
De rode letter valkuil
Waarom veel christenen vooral de rode letters lezen
Opmerkelijk genoeg hebben veel christenen onbewust een canon binnen de canon gemaakt.
De rode letters lijken belangrijker te zijn geworden dan de zwarte.
Alsof de Evangeliën de definitieve uitleg geven van de rest van het Nieuwe Testament.
Maar de Schrift leert dat nergens. En, de grondtekst kent geen kleurendruk.
“Al de Schrift is van God ingegeven, en is nuttig tot lering, tot wederlegging, tot verbetering, tot onderwijzing, die in de rechtvaardigheid is.” (2 Timótheüs 3:16, STV)
Niet een deel van de Schrift.
Ook niet alleen de woorden van Jezus.
Al de Schrift.
Waarom de bediening van Paulus vaak wordt vergeten
Vraag eens in een gemiddelde kerk:
Waarom werd Paulus geroepen?
Vaak blijven de antwoorden steken bij:
zendeling
apostel van de heidenen
schrijver van brieven
Allemaal waar.
Maar Paulus zegt zelf iets veel groters.
“Hoe dat Hij mij door openbaring heeft bekendgemaakt deze verborgenheid.” (Efeze 3:3, STV)
En:
“Welke in andere eeuwen den kinderen der mensen niet is bekendgemaakt…” (Efeze 3:5, STV)
Hier ligt de sleutel.
Paulus ontving geen tweede mening over de woorden van Jezus.
Hij ontving een nieuwe openbaring van de verheerlijkte Christus.
Daarom is de bediening van Paulus onmisbaar en essentieel voor het verstaan van het Nieuwe Testament.
Waarom Mattheüs niet rechtstreeks tot de Gemeente spreekt
De Here Jezus zegt Zelf:
“Ik ben niet gezonden, dan tot de verloren schapen van het huis Israëls.” (Matthéüs 15:24, STV)
En:
“En gaat niet op den weg der heidenen… maar gaat veelmeer heen tot de verloren schapen van het huis Israëls.” (Matthéüs 10:5-6, STV)
Dat laat de context van Zijn aardse bediening zien.
Hij kwam als Israëls Messias.
Hij predikte het Koninkrijk.
Hij leefde onder de Wet.
De Gemeente als Lichaam van Christus was toen nog een Verborgenheid.
Mattheüs 6:14-15 uitgelegd: geldt deze tekst voor de Gemeente?
Hier wordt de rodeletter-valkuil zichtbaar.
“Want indien gij den mensen hun misdaden vergeeft, zo zal uw hemelse Vader ook u vergeven.” (Matthéüs 6:14, STV)
Gods vergeving is hier verbonden aan de houding van de mens.
Maar Paulus schrijft later:
“Vergevende elkander, gelijk ook God in Christus ulieden vergeven heeft.” (Efeze 4:32, STV)
De volgorde is
Niet:
vergeven om vergeving te ontvangen.
Maar:
vergeven omdat God reeds heeft vergeven.
Dat is geen tegenstelling.
Dat is voortgaande openbaring binnen Gods heilsplan.
Waarom Paulus de sleutel is tot het verstaan van de Bijbel
Paulus schrijft:
“Want ik heb ook hetzelve niet van een mens ontvangen, noch geleerd, maar door de openbaring van Jezus Christus.” (Galaten 1:12, STV)
Dat betekent dat de verhoogde Here Jezus na Zijn hemelvaart nieuwe waarheden bekendmaakte.
Niet ter vervanging van Zijn aardse bediening.
Maar als verdere ontvouwing van Gods heilsplan.
Wie Paulus overslaat, mist daarom:
de Verborgenheid;
de bedeling der Genade;
het Lichaam van Christus;
de hemelse roeping van de Gemeente.
Wat gebeurt er als Israël en de Gemeente door elkaar worden gehaald?
Wanneer de bediening van Paulus wordt genegeerd, ontstaat vanzelf verwarring.
Dan wordt:
Wet vermengd met Genade;
Israël vermengd met de Gemeente;
profetie vermengd met de Verborgenheid;
het Koninkrijk vermengd met het Lichaam van Christus.
Het gevolg is een Evangelie waarin voorwaarden en Genade voortdurend door elkaar lopen.
Recht snijden van het Woord is geen optionele keuze
Paulus schrijft niet:
“Lees de Bijbel aandachtig.”
Hij schrijft:
“Benaarstig u, om uzelven Gode beproefd voor te stellen, een arbeider, die niet beschaamd wordt, die het Woord der waarheid recht snijdt.” (2 Timótheüs 2:15, STV)
Het probleem van veel hedendaagse prediking is niet dat men te veel over Jezus spreekt.
Het probleem is dat men de Here Jezus tijdens Zijn aardse bediening leest zonder te luisteren naar wat diezelfde Here Jezus later vanuit de hemel aan Paulus heeft geopenbaard.
De rodeletter-valkuil vermijden
De rode letters zijn niet belangrijker dan de zwarte.
Samen vormen zij het volmaakte Woord van God.
Maar de Bijbel vraagt om zorgvuldig onderscheid.
Niet alles wat in de Schrift staat, is rechtstreeks tot de Gemeente gesproken.
Alles is voor ons geschreven tot lering.
Maar niet alles is aan ons gericht.
Wie dat onderscheid leert zien, ontdekt hoe de bediening van Paulus, de Verborgenheid en het onderscheid tussen Israël en de Gemeente de Bijbel ontsluiten.
Misschien is de grootste blinde vlek van het moderne christendom daarom niet een gebrek aan liefde voor de Bijbel.
Misschien is het eenvoudig een gebrek aan zorgvuldig Bijbelgebruik.
Verwarring onder Christenen ontstaat niet doordat men de Bijbel openlijk afwijst, maar doordat men verschillende delen van de Schrift zonder onderscheid op één hoop gooit.
Beloften aan Israël worden toegepast op de Gemeente. De prediking van de Here Jezus tijdens Zijn aardse omwandeling wordt rechtstreeks gelijkgesteld aan de bediening van Paulus. Het Koninkrijk wordt verward met de Gemeente. Wet en genade lopen door elkaar.
Het gevolg is een evangelie vol innerlijke tegenstrijdigheden.
De sleutel die deze knoop ontwart, is wat de apostel Paulus noemt:
De verborgenheid.
Verborgenheid in de Bijbel
Wat betekent de verborgenheid in de Bijbel?
Het woord verborgenheid klinkt voor velen mystiek of geheimzinnig. In de Schrift betekent het iets anders.
Een verborgenheid is een waarheid die in Gods raadsplan besloten lag, maar gedurende eerdere eeuwen niet openbaar was gemaakt. Op Gods tijd werd die waarheid bekendgemaakt.
Paulus schrijft:
“Dat Hij mij door openbaring heeft bekendgemaakt deze verborgenheid.” Efeze 3:3 (STV)
De verborgenheid was dus niet het resultaat van menselijke studie, religieuze ontwikkeling of filosofische ontdekking. Zij werd door God geopenbaard.
Dat maakt Paulus niet belangrijker dan de andere apostelen, maar zijn bediening was wel uniek.
Waarom sprak de Here Jezus tijdens Zijn aardse bediening niet openlijk over de Gemeente?
Hier ontstaat vaak weerstand.
Men redeneert: de Here Jezus heeft toch alles geleerd wat wij moeten weten?
Maar de Schrift zegt iets anders.
Tijdens Zijn aardse bediening was de Here Jezus in de eerste plaats gezonden tot Israël. Hij zei:
“Ik ben niet gezonden dan tot de verloren schapen van het huis Israëls.” Mattheüs 15:24 (STV)
Zijn prediking stond in het teken van het beloofde Koninkrijk, de bekering van Israël en de vervulling van de profetieën.
Daarom sprak Hij veel over:
het Koninkrijk der hemelen;
de troon van David;
de komst van de Messias;
het oordeel over Israël;
de toekomstige wederkomst.
De Gemeente als het Lichaam van Christus werd tijdens Zijn aardse omwandeling nog niet volledig geopenbaard.
Dat was geen tekort in Zijn prediking. Het hoorde bij Gods orde van openbaring.
Paulus en de openbaring van de verborgenheid
Paulus ontving een bijzondere opdracht.
Hij noemt zichzelf dienaar van het Evangelie onder de heidenen en rentmeester van de genade Gods.
“Indien gij maar gehoord hebt van de bedeling der genade Gods, die mij gegeven is aan u.” Efeze 3:2 (STV)
En verder:
“En allen te verlichten, dat zij mogen verstaan welke de gemeenschap der verborgenheid zij, die van alle eeuwen verborgen is geweest in God.” Efeze 3:9 (STV)
Paulus spreekt dus niet slechts over vergeving van zonden. Hij maakt een tot dan toe verborgen onderdeel van Gods plan bekend.
Dat is van groot belang voor het verstaan van:
de Gemeente;
de genade;
de hemelse positie van de gelovige;
de eenheid van Jood en heiden in één Lichaam;
de huidige verborgen positie van Christus;
de toekomstige openbaring van Zijn Koninkrijk.
De Gemeente is niet hetzelfde als Israël
Een van de belangrijkste gevolgen van deze openbaring is het onderscheid tussen Israël en de Gemeente.
De Gemeente is niet het nieuwe Israël.
Zij is ook geen geestelijke vervanging van Israël.
De Gemeente is het Lichaam van Christus.
“En heeft alle dingen Zijn voeten onderworpen, en heeft Hem der Gemeente gegeven tot een Hoofd boven alle dingen; welke Zijn lichaam is.” Efeze 1:22-23 (STV)
Israël heeft een aardse roeping, aardse beloften en een toekomstige bestemming in verband met het Koninkrijk op aarde.
De Gemeente heeft een hemelse roeping, hemelse zegeningen en een positie in Christus.
Wie Israël en de Gemeente vermengt, tast onvermijdelijk beide aan.
Israël verliest zijn beloften en de Gemeente verliest haar hemelse positie.
De verborgenheid van Christus en de Gemeente
De verborgenheid draait niet in de eerste plaats om een leerstellig schema.
Zij draait om Christus.
Christus is het Hoofd.
De Gemeente is Zijn Lichaam.
Gelovigen uit Joden en heidenen worden in Hem tot één gemaakt.
“Dat de heidenen zijn mede-erfgenamen, en van hetzelfde lichaam, en mededeelgenoten Zijner belofte in Christus, door het Evangelie.” Efeze 3:6 (STV)
Dat was in die vorm niet bekendgemaakt in de oudtestamentische profetieën.
De profeten spraken wel over de zegen van de heidenen onder het toekomstige Koninkrijk. Maar de vorming van één hemels Lichaam, waarin Jood en heiden dezelfde positie ontvangen, was verborgen.
Christus regeert nu in de gelovigen, maar Zijn Koninkrijk is nog niet openbaar
Een andere belangrijke waarheid is dat Christus vandaag wel verhoogd is, maar Zijn Koninkrijk nog niet zichtbaar op aarde heeft geopenbaard.
Hij zit aan de rechterhand Gods.
“Indien gij dan met Christus opgewekt zijt, zo zoekt de dingen die boven zijn, waar Christus is, zittende aan de rechterhand Gods.” Kolossenzen 3:1 (STV)
Zijn heerschappij is echt, maar nog verborgen.
Daarom is het onjuist om te beweren dat de Gemeente nu geroepen is om het Koninkrijk op aarde te vestigen.
De Gemeente bouwt niet het Messiaanse Koninkrijk.
Zij verkondigt het Evangelie der genade Gods.
Zij wacht op haar hemelse Heer.
Zij neemt niet de plaats van Israël in.
Waarom Kingdom Now botst met de verborgenheid
De leer van Kingdom Now stelt dat de kerk nu geroepen is om Gods Koninkrijk zichtbaar te maken, maatschappelijke systemen te transformeren en geestelijke heerschappij over de wereld uit te oefenen.
Maar deze gedachte botst met de verborgenheid.
Hij haalt de toekomstige openbaring van het Koninkrijk naar het heden.
Hij verwart de Gemeente met Israël.
Hij maakt de kerk tot een aardse machtsinstelling.
Hij verschuift de verwachting van de wederkomst naar maatschappelijke invloed.
De Schrift leert echter niet dat de Gemeente de wereld geleidelijk zal onderwerpen aan Christus.Hij leert dat Christus Zelf zal verschijnen en Zijn Koninkrijk openbaar zal maken.
Wet en Genade mogen niet worden vermengd
Wanneer de verborgenheid wordt genegeerd, raakt ook het onderscheid tussen Wet en Genade kwijt.
De Wet werd aan Israël gegeven.
De genade Gods wordt nu om niet verkondigd aan Jood en heiden.
“Want de zonde zal over u niet heersen; want gij zijt niet onder de wet, maar onder de genade.” Romeinen 6:14 (STV)
Dat betekent niet dat Genade tot wetteloosheid leidt.
Genade verandert de grondslag van de wandel.
De gelovige leeft niet heilig om aanvaard te worden, maar omdat hij in Christus aanvaard is.
Wet zegt: doe en leef.
Genade zegt: geloof en leef.
Wet eist gerechtigheid.
Genade schenkt gerechtigheid.
Wie beide vermengt, berooft de Wet van haar scherpte en de genade van haar vrijheid.
De grote gevolgen van het negeren van de verborgenheid
Wanneer de verborgenheid uit beeld verdwijnt, ontstaan steeds dezelfde dwalingen:
vervangingstheologie;
Kingdom Now;
dominion theology;
vermenging van Wet en genade;
de gedachte dat de kerk Israël heeft vervangen;
het toepassen van Israëls aardse beloften op de Gemeente;
verwarring over de wederkomst;
verwarring over de opname van de Gemeente;
verwarring over het Koninkrijk.
Dit zijn geen losstaande fouten.
Zij komen voort uit het niet recht snijden van het Woord der waarheid.
Paulus schrijft:
“Benaarstig u, om uzelven Gode beproefd voor te stellen, een arbeider die niet beschaamd wordt, die het Woord der waarheid recht snijdt.” 2 Timotheüs 2:15 (STV)
Recht snijden betekent niet dat wij delen van de Bijbel wegzetten als onbelangrijk.
Het betekent dat wij ieder Schriftgedeelte lezen in zijn eigen verband, bestemming en plaats binnen Gods heilsplan.
De hele Bijbel is voor ons, maar niet alles gaat over ons
Dit onderscheid is onmisbaar.
De hele Schrift is nuttig.
Maar niet iedere opdracht is rechtstreeks aan de Gemeente gegeven.
Niet iedere belofte is aan de Gemeente gedaan.
Niet ieder oordeel betreft dezelfde groep.
Niet iedere verwachting heeft dezelfde bestemming.
De Bijbel kent:
Israël;
de heidenen;
de Gemeente.
Wie die drie groepen door elkaar haalt, maakt de Schrift onduidelijk.
Wie ze onderscheidt, ontdekt juist de eenheid van Gods plan.
De verborgenheid en de hemelse roeping van de Gemeente
De Gemeente is geen aardse politieke beweging.
Zij is geen religieuze voortzetting van Israël.
Zij is geen instrument om de wereld te christianiseren.
Zij is een hemels volk.
“Maar onze wandel is in de hemelen, waaruit wij ook den Zaligmaker verwachten, namelijk den Heere Jezus Christus.” Filippenzen 3:20 (STV)
Dat bepaalt haar hoop.
Dat bepaalt haar positie.
Dat bepaalt haar roeping.
De Gemeente verwacht niet dat de wereld haar zal erkennen. Zij verwacht Christus.
Waarom de verborgenheid geen bijzaak is
Sommigen beschouwen dit als ingewikkelde leer voor gevorderde Bijbelkenners.
Maar dat is een ernstige misvatting.
De verborgenheid bepaalt hoe wij:
Paulus lezen;
de Evangeliën lezen;
Israël verstaan;
de Gemeente verstaan;
de genade verstaan;
de wederkomst verstaan;
het Koninkrijk verstaan.
Wie de verborgenheid mist, mist niet slechts een detail.
Hij mist het raamwerk waarin een groot deel van het Nieuwe Testament geplaatst moet worden.
Zonder de verborgenheid blijft de Bijbel een warboel
De verborgenheid in de Bijbel is geen mystiek randonderwerp.
Zij is de geopenbaarde waarheid over Gods huidige handelen in Christus en de Gemeente.
Paulus mocht bekendmaken dat God uit Joden en heidenen één Lichaam vormt, met een hemelse positie, onder Christus als Hoofd.
Israël blijft Israël.
De Gemeente blijft de Gemeente.
Het Koninkrijk zal door Christus Zelf openbaar worden gemaakt.
Wet en genade mogen niet worden vermengd.
Daarom is de verborgenheid geen hobby voor liefhebbers van schema’s.
Het is een onmisbare sleutel voor het recht verstaan van Gods Woord.
Wie het negeert, leest de Bijbel alsof alles over iedereen gaat.
Wie het erkent, ziet orde waar anderen tegenstrijdigheid zien.
klinkt geestelijk, actief en betrokken en duikt steeds vaker op in preken, gemeentelijke beleidsstukken, conferenties en christelijke projecten.
Toch blijft doorgaans volkomen onduidelijk wat men er precies mee bedoelt.
Moeten christenen eenvoudig door hun levenswandel getuigen van de Here Jezus Christus?
Moet de Gemeente maatschappelijke misstanden bestrijden?
Moeten christenen politieke invloed verwerven?
Moeten wij steden, culturen en organisaties onder Gods heerschappij brengen?
Of moeten wij zelfs “de hemel naar de aarde halen”?
Dat is nogal wat…..
De formulering Gods Koninkrijk zichtbaar maken klinkt Bijbels, maar komt als opdracht aan de Gemeente nergens in de Schrift voor. Dat maakt het niet automatisch ketters, maar wel verdacht en gevaarlijk vaag. Onbijbelse terminologie kan namelijk ongemerkt leiden tot onbijbelse verwachtingen, een verkeerde visie op de Gemeente en uiteindelijk een ander evangelie.
De Gemeente maakt het Koninkrijk niet zichtbaar, maar getuigt van de Koning.
Wat betekent Gods Koninkrijk zichtbaar maken?
In de meest gunstige betekenis wil men waarschijnlijk zeggen dat gelovigen door hun gedrag iets van Christus behoren te laten zien. Zij moeten liefdevol, eerlijk, heilig, genadig en dienstbaar leven.
Dat is volkomen Bijbels.
Paulus schrijft:
“Opdat gij moogt onberispelijk en oprecht zijn, kinderen Gods zijnde, onstraffelijk in het midden van een krom en verdraaid geslacht, onder welke gij schijnt als lichten in de wereld.” (Filippenzen 2:15, STV)
Gelovigen behoren als lichten in de wereld te wandelen. Zij mogen goeddoen, de waarheid spreken, barmhartigheid bewijzen en getuigen van hun Heiland.
Maar waarom zouden wij dat dan Gods Koninkrijk zichtbaar maken noemen?
De Schrift gebruikt andere woorden. Zij spreekt over wandelen als kinderen des lichts, het Woord verkondigen, goede werken doen, Christus belijden, het Evangelie bekendmaken en als gezanten van Christus optreden.
Wanneer wij Bijbelse opdrachten vervangen door een zelfbedachte slogan, ontstaat gemakkelijk begripsverwarring. De slogan gaat vervolgens méér betekenen dan de Schrift ons voorhoudt.
Wat begint als een andere formulering voor christelijke levenswandel, kan uitgroeien tot een complete visie op maatschappelijke en politieke transformatie.
Vrome woorden zijn niet automatisch ook gezonde woorden
Sommigen zullen zeggen dat dit slechts een woordenkwestie is. Iedereen begrijpt toch ongeveer wat ermee bedoeld wordt?
Maar net dat woordje ongeveer vormt het probleem.
Bijbelse leer vraagt om duidelijkheid. Zeker wanneer het gaat over de roeping van de Gemeente, het Koninkrijk van God en de wederkomst van Christus, kunnen wij ons geen mistige slogans veroorloven.
Paulus schrijft:
“Houd het voorbeeld der gezonde woorden, die gij van mij gehoord hebt, in geloof en liefde, die in Christus Jezus is.” (2 Timotheüs 1:13, STV)
Gezonde leer vraagt om gezonde woorden. Woorden zijn niet neutraal. Zij sturen ons denken en bepalen welke verwachtingen wij ontwikkelen.
Wie voortdurend zegt dat de Gemeente Gods Koninkrijk zichtbaar moet maken, zal de Gemeente uiteindelijk ook gaan beoordelen op zichtbare resultaten:
Heeft zij de samenleving veranderd?
Heeft zij politieke invloed gekregen?
Heeft zij de stad getransformeerd?
Heeft zij maatschappelijke structuren onder Gods heerschappij gebracht?
Heeft zij voldoende terrein op de duisternis veroverd?
Zo wordt een slogan een opdracht, de opdracht wordt een programma en het programma verandert de identiteit van de Gemeente.
Het Koninkrijk van Christus is verborgen, niet afwezig
Christus is opgewekt, verhoogd en verheerlijkt. Hij is met eer en heerlijkheid gekroond. Zijn Koninkrijk bestaat en Zijn gezag is volkomen werkelijk.
Maar Zijn Koninkrijk is in deze tijd nog niet zichtbaar en openbaar op aarde zoals het na Zijn wederkomst zal zijn.
Dat is een belangrijk onderscheid.
Christus regeert, maar de wereld erkent Hem niet als Koning. Hij bevindt Zich persoonlijk in de hemel. De aarde is nog niet zichtbaar aan Zijn rechtvaardige heerschappij onderworpen. Satan is nog niet gebonden. De volken wandelen niet in gehoorzaamheid aan de Messias. Jeruzalem is nog niet de stad van de grote Koning.
De Here Jezus zei:
“Mijn Koninkrijk is niet van deze wereld.” (Johannes 18:36, STV)
Zijn Koninkrijk ontleent zijn oorsprong, gezag en kracht niet aan deze wereld. Het wordt niet gevestigd door politieke strategie, culturele macht, religieuze dominantie of maatschappelijke beïnvloeding.
Het Koninkrijk is niet afhankelijk van het succes van de kerk.
Het zal openbaar worden door de verschijning van de Koning.
Christus zal Zijn Koninkrijk Zelf openbaar maken
De Schrift legt de zichtbare openbaring van het Koninkrijk niet in handen van de Gemeente.
Christus zal wederkomen.
Christus zal de volken oordelen.
Christus zal Zijn vijanden onderwerpen.
Christus zal de troon van David herstellen.
Christus zal over de aarde regeren.
Christus zal Zijn Koninkrijk openbaar maken.
De Gemeente hoeft dat werk niet voor Hem uit te voeren.
Toch verschuift binnen moderne koninkrijkstheologie de nadruk gemakkelijk van wat Christus zal doen naar wat wij nu moeten realiseren. Er ontstaat een activistisch christendom waarin gelovigen worden opgeroepen om het Koninkrijk te bouwen, uit te breiden, te vestigen, gestalte te geven of zichtbaar te maken.
Maar Christus heeft niet gezegd dat wij Zijn Koninkrijk moeten bouwen. Hij zei:
““Ik zal Mijn gemeente bouwen.” (Mattheüs 16:18, STV)
Hij bouwt Zijn Gemeente. Hij vergadert een volk voor Zijn Naam. Hij voltooit Zijn werk. Hij verschijnt op Zijn tijd.
De eer van de zichtbare openbaring van het Koninkrijk behoort niet aan de daadkracht van christenen, maar aan de wederkomende Christus.
De Gemeente getuigt, maar regeert niet
De Gemeente is het Lichaam van Christus. Zij heeft een hemelse roeping, positie en verwachting. Zij is in deze wereld aanwezig als getuige van een verworpen, opgestane en verhoogde Heer.
Paulus beschrijft onze opdracht als volgt:
“Zo zijn wij dan gezanten van Christus wege, alsof God door ons bade; wij bidden van Christus wege: Laat u met God verzoenen.” (2 Korinthe 5:20, STV)
Een gezant vertegenwoordigt zijn vorst in een vreemd land. Hij verkondigt diens boodschap, maar neemt het land niet eigenmachtig over. Hij vestigt daar niet alvast de volledige regering van zijn koning.
De Gemeente verkondigt daarom niet:
Wij zullen de wereld transformeren.
Wij zullen de cultuur veroveren.
Wij zullen Gods regering maatschappelijk invoeren.
Wij zullen de hemel naar de aarde brengen.
De Bijbelse boodschap luidt:
“Laat u met God verzoenen.” (2 Korinthe 5:20, STV)
Dat is de bediening der verzoening. Niet de bediening der maatschappelijke overname.
Van christelijke wandel naar een transformatieagenda
De uitspraak Gods Koninkrijk zichtbaar maken kan een brug vormen naar een veel verdergaand programma.
Het begint vaak bij goede werken, zorg voor armen en betrokkenheid bij de samenleving. Maar al snel wordt gezegd dat de Gemeente geroepen is om hele steden, organisaties, bedrijven, scholen, media en overheden te transformeren.
De samenleving moet onder “koninkrijksprincipes” worden gebracht. Christenen moeten “invloedssferen” innemen. Geestelijke leiders moeten bestuurlijke autoriteit uitoefenen. De cultuur moet worden heroverd.
Daarmee is de Gemeente niet langer een getuigend volk dat haar Heer uit de hemel verwacht. Zij wordt een maatschappelijke veranderingsbeweging die de wereld alvast in gereedheid moet brengen voor Gods regering.
Dit gedachtegoed sluit aan bij Kingdom Now, dominionisme en de New Apostolic Reformation. Binnen zulke stromingen wordt de Gemeente dikwijls gezien als een leger dat gebieden moet innemen en de invloed van satan moet terugdringen totdat Gods Koninkrijk op aarde zichtbaar wordt.
De wederkomst van Christus dreigt dan niet langer de beslissende openbaring van het Koninkrijk te zijn. Zij wordt slechts de voltooiing van een proces dat de kerk al op gang heeft gebracht.
Dat is een fundamentele verschuiving.
Kingdom Now verschuift de christelijke hoop
De Bijbelse hoop van de Gemeente is niet een geleidelijk gekerstende samenleving. Haar hoop is de verschijning van Christus.
Paulus schrijft:
“Verwachtende de zalige hoop en verschijning der heerlijkheid van den groten God en onzen Zaligmaker Jezus Christus.” (Titus 2:13, STV)
Wij verwachten niet dat de kerk de wereld steeds verder zal onderwerpen aan Christus. Wij verwachten Christus Zelf.
De Schrift beschrijft de laatste dagen bovendien niet als een tijd van toenemende onderwerping van de wereld aan het Evangelie. Zij spreekt over zware tijden, afval, verleiding, zelfliefde, geldgierigheid, hoogmoed en een schijn van godzaligheid.
Dat betekent niet dat wij passief of onverschillig moeten worden. Integendeel. Wij mogen dienen, getuigen, goeddoen en het Evangelie verkondigen.
Maar wij moeten trouw niet verwarren met wereldheerschappij.
Paulus schrijft:
“Voorts wordt in de uitdelers vereist, dat elk getrouw bevonden worde.” (1 Korinthe 4:2, STV)
God vraagt trouw. Niet dat wij vóór de wederkomst aantoonbaar de samenleving hebben getransformeerd.
De risico’s van onbijbelse terminologie
Het gebruik van onbijbelse terminologie is niet altijd onschuldig. Vooral wanneer woorden structureel de duidelijke taal van de Schrift vervangen, ontstaan ernstige risico’s.
Vaagheid verhult leerstellige verschillen
Binnen één gemeente kunnen mensen allemaal spreken over “Gods Koninkrijk zichtbaar maken”, terwijl zij totaal verschillende dingen bedoelen.
De één bedoelt persoonlijke heiliging.
Een ander bedoelt sociale gerechtigheid.
Weer een ander bedoelt politieke invloed.
Een volgende bedoelt geestelijke gebiedsverovering.
De gezamenlijke slogan wekt eenheid, terwijl er inhoudelijk geen eenheid bestaat.
Een slogan krijgt meer gezag dan de Schrift
Wanneer een term vaak genoeg wordt herhaald, gaat hij als vanzelf Bijbels klinken. Vervolgens vraagt bijna niemand meer waar de opdracht precies in de Schrift staat.
Men begint niet meer bij de Bijbel, maar bij het concept. Daarna worden teksten gezocht die het concept moeten ondersteunen.
Dat is geen Schriftuitleg, maar een slogan gebruiken als kapstok.
Verschillende Bijbelse lijnen worden vermengd
De toekomstige regering van Christus, de aardse beloften aan Israël, de hemelse roeping van de Gemeente en de persoonlijke levenswandel van de gelovige worden samengevoegd tot één breed koninkrijksprogramma.
Daardoor vervaagt het onderscheid tussen Israël en de Gemeente en tussen de tegenwoordige bedeling en de toekomstige openbaring van het Koninkrijk.
Dwaalleer krijgt een vertrouwd geluid
Woorden als koninkrijk, doorbraak, transformatie, autoriteit, invloed en heerschappij klinken geestelijk. Maar binnen bepaalde bewegingen hebben zij een heel specifieke betekenis.
Wie alleen op het vrome taalgebruik afgaat, kan ongemerkt een complete onbijbelse visie binnenhalen.
De praktijk verandert mee
Onbijbelse terminologie blijft zelden beperkt tot woorden. Zij beïnvloedt prediking, leiderschap, evangelisatie, gemeentebouw en de omgang met politiek.
Wanneer een gemeente zichzelf ziet als instrument om Gods Koninkrijk maatschappelijk zichtbaar te maken, zal zij andere prioriteiten stellen dan een gemeente die zichzelf ziet als het Lichaam van Christus met een hemelse roeping.
De gelovige wordt belast met een onmogelijke opdracht
De gedachte dat wij Gods Koninkrijk zichtbaar moeten maken, kan ook grote geestelijke druk veroorzaken.
Als de buurt niet verandert, hebben wij dan gefaald?
Als de politiek goddelozer wordt, hebben wij dan onvoldoende invloed uitgeoefend?
Als ziekte en armoede blijven bestaan, is het Koninkrijk dan onvoldoende doorgebroken?
Als een stad niet wordt getransformeerd, heeft de gemeente dan te weinig geloof of geestelijk gezag gehad?
Zo worden gelovigen verantwoordelijk gemaakt voor resultaten die God hun nooit heeft opgedragen.
De opdracht van de gelovige is niet om de zichtbare regering van Christus op aarde te realiseren. Hij mag trouw wandelen, het Evangelie bekendmaken en goede werken doen.
De uitkomst is aan God.
Het Evangelie dreigt horizontaal te worden
Waar maatschappelijke transformatie centraal komt te staan, verandert dikwijls ook de inhoud van het Evangelie.
Zonde wordt vooral onrecht.
Bekering wordt maatschappelijke bewustwording.
Verlossing wordt bevrijding uit structuren.
Verzoening wordt menselijke verbinding.
Het Koninkrijk wordt een betere samenleving.
Maar het Bijbelse Evangelie gaat allereerst over de verhouding van de zondaar tot God.
Paulus vat het Evangelie als volgt samen:
“Dat Christus gestorven is voor onze zonden, naar de Schriften; En dat Hij is begraven, en dat Hij is opgewekt ten derden dage, naar de Schriften.” (1 Korinthe 15:3-4, STV)
Goede werken zijn de vrucht van het Evangelie. Zij zijn niet het Evangelie zelf.
Wanneer het verbeteren van de wereld de kern van de boodschap wordt, kan men zeer actief zijn en toch de apostolische boodschap naar de achtergrond drukken.
Israël en de Gemeente worden door elkaar gehaald
Veel moderne koninkrijkstheologie neemt profetieën over het toekomstige Messiaanse Rijk en past die rechtstreeks toe op de Gemeente.
Beloften over Israël, Jeruzalem, de troon van David, vrede onder de volken en de zichtbare regering van de Messias worden vergeestelijkt. Vervolgens wordt van de kerk verwacht dat zij deze profetieën nu maatschappelijk gaat realiseren.
Maar de Gemeente heeft Israël niet vervangen.
Israël heeft een eigen roeping en toekomst binnen Gods plan. De Gemeente is het Lichaam van Christus met een hemelse positie en bestemming.
Wie deze lijnen vermengt, maakt de Gemeente verantwoordelijk voor beloften die God Zelf in de toekomst aan Israël zal vervullen.
Het Koninkrijk wordt niet zichtbaar doordat de Gemeente Israëls aardse beloften overneemt. Het wordt zichtbaar wanneer Christus wederkomt en Gods Woord letterlijk vervuld wordt.
Maak Christus bekend
Er is een duidelijk Bijbels alternatief voor de slogan Gods Koninkrijk zichtbaar maken.
Wij mogen Christus bekendmaken.
Wij mogen het Evangelie verkondigen.
Wij mogen als lichten in de wereld wandelen.
Wij mogen goede werken doen.
Wij mogen de waarheid vasthouden.
Wij mogen mensen oproepen zich met God te laten verzoenen.
Wij mogen de verschijning van onze Here Jezus Christus verwachten.
Dat is geen passieve roeping. Het is een hemelse en geestelijke roeping die niet afhankelijk is van maatschappelijke macht of zichtbare successen.
De Gemeente hoeft het Koninkrijk niet te bouwen, te vestigen of zichtbaar te maken. Zij getuigt van de verhoogde maar voor de wereld nog verborgen Koning.
Gods Koninkrijk zichtbaar maken is geen Bijbelse opdracht aan de Gemeente. De Gemeente is geroepen Christus bekend te maken totdat Hij Zelf verschijnt en Zijn Koninkrijk openbaar maakt.
Wanneer Hij verschijnt, zal niemand meer hoeven uit te leggen wat het betekent dat Gods Koninkrijk zichtbaar is.