Kingdom Nów ??

Tijden en gelegenheden zijn in Gods hand

Kingdom Now stelt dat de Gemeente geroepen is om het Koninkrijk van God vóór de wederkomst van Christus zichtbaar op aarde te vestigen. Christenen zouden maatschappelijke terreinen moeten innemen, politieke en culturele invloed moeten verkrijgen en demonische machten uit steden en gebieden moeten verdrijven.

In extremere vormen wordt zelfs beweerd dat Christus pas kan terugkeren nadat de Gemeente de wereld aan Hem heeft onderworpen.

Dat  klinkt allemaal krachtig en strijdvaardig. Toch berust  het op een fundamentele verwarring. Er is onvoldoende onderscheid tussen de huidige verhoging van Christus, het verborgen karakter van Zijn Koninkrijk en Zijn toekomstige openbare Koningschap over Israël en de volkeren.

De Schrift leert nergens dat de Gemeente het Koninkrijk moet vestigen.

 

KIngdom Now, een onbijbelse misvatting
Waarom KIngdom Now niet Bijbels is

Christus bouwt Zijn Gemeente en Hij zal Zijn Koninkrijk openbaar maken.

 Christus is verhoogd, maar regeert nog niet vanaf de troon van David

De Here Jezus Christus is opgewekt uit de doden en verhoogd aan Gods rechterhand. Hij bezit alle macht en is met heerlijkheid en eer gekroond.

“Doch nu zien wij nog niet, dat Hem alle dingen onderworpen zijn; maar wij zien Jezus met heerlijkheid en eer gekroond.” — Hebreeën 2:8-9 (STV)

Dit gedeelte bevat een belangrijk gegeven

Christus is reeds gekroond. Hij bezit koninklijke waardigheid en gezag. Tegelijkertijd zien wij nog niet dat alle dingen Hem daadwerkelijk onderworpen zijn.

Hij is de rechtmatige Erfgenaam en de verhoogde Heer, maar Hij oefent het openbare Davidische Koningschap over Israël en de wereld nog niet uit.

Psalm 110 zegt:

“De HEERE heeft tot Mijn Heere gesproken: Zit aan Mijn rechterhand, totdat Ik Uw vijanden gezet zal hebben tot een voetbank Uwer voeten.” — Psalm 110:1 (STV)

Christus zit nu aan Gods rechterhand. Hij zit nog niet op de troon van David in Jeruzalem. Hij wacht op het door God bepaalde tijdstip waarop Zijn vijanden daadwerkelijk onder Zijn voeten worden gesteld.

Ook Hebreeën spreekt over dit wachten:

“Maar Deze, één slachtoffer voor de zonden geofferd hebbende, is in eeuwigheid gezeten aan de rechterhand Gods; voorts verwachtende, totdat Zijn vijanden gesteld worden tot een voetbank Zijner voeten.” — Hebreeën 10:12-13 (STV)

Het woord verwachtende is veelzeggend. De openbare uitoefening van Christus’ Koningschap over de aarde is nog toekomstig.

 

Het Koninkrijk is al realiteit, maar is nog verborgen

Het probleem van de Kingdom Now leer is niet dat Christus Koning wordt genoemd. Christus is de rechtmatige Koning der koningen en bezit alle macht.

De dwaling ontstaat wanneer Zijn huidige hemelse verhoging wordt gelijkgesteld aan de openbare vestiging van het Messiaanse Koninkrijk op aarde.

De juiste tegenstelling is daarom niet:

nu geen Koninkrijk, later wel een Koninkrijk

maar:

nu verborgen, later openbaar

Christus bezit het recht op het Koninkrijk. Hij is verhoogd en gekroond. Maar de zichtbare heerschappij die door de profeten is aangekondigd, is nog niet aangebroken.

De Gemeente leeft niet in de tijd waarin Christus zichtbaar vanaf de troon van David over Israël en de volkeren regeert, maar leeft in de tijd waarin de Koning door de wereld is verworpen en in de hemel verborgen is.

 

Het Koninkrijk zou niet onmiddellijk openbaar worden

De discipelen verwachtten dat het Koninkrijk Gods spoedig zichtbaar zou verschijnen. Juist daarom vertelde de Here Jezus een gelijkenis:

“En als zij dit hoorden, voegde Hij daarbij, en zeide een gelijkenis, omdat Hij nabij Jeruzalem was, en omdat zij meenden, dat het Koninkrijk Gods terstond zou openbaar worden. Hij zeide dan: Een zeker welgeboren man reisde in een vergelegen land, om voor zichzelven een koninkrijk te ontvangen, en dan weder te keren.” — Lukas 19:11-12 (STV)

De volgorde is duidelijk.

De welgeboren man vertrekt naar een vergelegen land. Daar ontvangt hij het recht op het Koninkrijk. Daarna keert hij terug om daadwerkelijk als Koning te regeren.

De gelijkenis zegt niet dat zijn dienstknechten tijdens zijn afwezigheid het land moesten onderwerpen en zijn Koninkrijk voor hem moesten vestigen. Zij moesten trouw handelen met wat hun is toevertrouwd, totdat hij terugkomt.

Hun opdracht is niet: Neem mijn plaats in en onderwerp mijn vijanden.

Hun opdracht is: Wees getrouw totdat ik kom.

Bij zijn terugkeer handelt de koning zelf met zijn vijanden:

“Doch deze mijn vijanden, die niet hebben gewild, dat ik over hen koning zou zijn, brengt hen hier, en slaat ze hier voor mij dood.” — Lukas 19:27 (STV)

De verwerping van Christus eindigt dus niet doordat de Gemeente de wereld geleidelijk bekeert of onderwerpt. Zij eindigt wanneer Christus Zelf terugkeert en Zijn gezag openbaar vestigt.

 

De troon van David in de toekomst

De engel Gabriël zei over de Here Jezus:

“Deze zal groot zijn, en de Zoon des Allerhoogsten genaamd worden; en God, de Heere, zal Hem den troon van Zijn vader David geven. En Hij zal over het huis Jakobs Koning zijn in der eeuwigheid.” — Lukas 1:32-33 (STV)

De troon van David is niet hetzelfde als de troon aan de rechterhand Gods in de hemel.

David heeft nooit in de hemel geregeerd. Zijn troon stond in Jeruzalem en was verbonden met het Koningschap over Israël.

Christus zit nu aan Gods rechterhand. Bij Zijn wederkomst zal Hij de troon van David aanvaarden en zichtbaar over het huis van Jakob en de volkeren regeren.

Openbaring spreekt daarover als een toekomstige gebeurtenis:

“En de zevende engel heeft gebazuind, en er geschiedden grote stemmen in den hemel, zeggende: De koninkrijken der wereld zijn geworden onzes Heeren en van Zijn Christus, en Hij zal als Koning heersen in alle eeuwigheid.” — Openbaring 11:15 (STV)

De koninkrijken van deze wereld zijn vandaag zichtbaar nog niet aan Christus onderworpen. Dat zal gebeuren wanneer Hij Zijn Koningschap openbaar aanvaardt.

 

Eerst de Gemeente, daarna het herstel van Davids Koninkrijk

Handelingen 15 geeft een van de duidelijkste weerleggingen van de Kingdom Now leer.

Jakobus beschrijft Gods programma:

“Simeon heeft verhaald, hoe God eerst de heidenen heeft bezocht, om uit hen een volk aan te nemen door Zijn Naam.” — Handelingen 15:14 (STV)

Daarna zegt hij:

“Na dezen zal Ik wederkeren, en weder opbouwen den tabernakel van David, die vervallen is, en hetgeen daarvan verbroken is, weder opbouwen, en Ik zal denzelven weder oprichten.” — Handelingen 15:16 (STV)

De woorden eerst en na dezen bepalen de volgorde.

God verzamelt nu uit de heidenen een volk voor Zijn Naam. Daarna zal Christus wederkeren. Vervolgens wordt de vervallen hut van David hersteld.

De Kingdom Now leer keert deze volgorde om. Volgens deze leer moet de Gemeente eerst het Koninkrijk zichtbaar maken, waarna Christus kan terugkeren.

De Schrift zegt precies het tegenovergestelde:

Christus keert terug en Hij vestigt het Koninkrijk.

 

De Gemeente is geen aardse veroveringsmacht

De Gemeente wordt nergens voorgesteld als een organisatie die politieke, economische en culturele machtsposities moet veroveren om het Koninkrijk van God te vestigen.

De Gemeente is het Lichaam van Christus, met een hemelse roeping en bestemming.

“Maar onze wandel is in de hemelen, waaruit wij ook den Zaligmaker verwachten, namelijk den Heere Jezus Christus.” — Filippenzen 3:20 (STV)

De Gemeente verwacht haar Zaligmaker uit de hemel. Zij bereidt niet eerst een voltooide christelijke wereld voor om die vervolgens aan Hem aan te bieden.

 

Gelovigen worden gezanten (gezondenen) genoemd:

“Zo zijn wij dan gezanten van Christuswege, alsof God door ons bade; wij bidden van Christuswege: Laat u met God verzoenen.” — 2 Korinthe 5:20 (STV)

Een gezant vertegenwoordigt een afwezige Koning in een vreemd land. Hij neemt dat land niet over. Hij verkondigt de boodschap van zijn Koning.

De roeping van de Gemeente is daarom Christus te verkondigen, mensen op te roepen zich met God te laten verzoenen, gelovigen op te bouwen, het Woord te bewaren en de Here Jezus Christus te verwachten.

Nu geroepen dus tot getuigenis, niet tot wereldheerschappij.

 

Kingdom Now verwart Israël met de Gemeente

De zichtbare aardse heerschappij van de Messias is in de profetieën verbonden met Israël, Jeruzalem, het huis van Jakob en de troon van David.

Na de opstanding vroegen de discipelen:

“Heere, zult Gij in dezen tijd aan Israël het Koninkrijk wederoprichten?” — Handelingen 1:6 (STV)

De Here Jezus antwoordde niet dat er geen herstel van Israël zou komen. Hij zei:

“Het komt u niet toe, te weten de tijden of gelegenheden, die de Vader in Zijn eigen macht gesteld heeft.” — Handelingen 1:7 (STV)

Het herstel werd niet ontkend. Alleen het tijdstip werd niet bekendgemaakt.

De Kingdom Now leer neemt de aardse beloften aan Israël en past die rechtstreeks toe op de Gemeente. De Gemeente wordt daardoor de vermeende erfgenaam van Israëls aardse koninkrijksroeping.

Maar de Gemeente is niet Israël. De hemelse positie van het Lichaam van Christus is niet hetzelfde als de aardse regering vanaf de troon van David.

Wie dit onderscheid uitpoetst of niet ziet, maakt van de Gemeente iets wat zij volgens de Schrift niet is.

 

De wereld wordt niet geleidelijk het Koninkrijk

De Kingdom Now leer verwacht dat het Koninkrijk steeds zichtbaarder wordt doordat de Gemeente terrein wint. De Schrift beschrijft de tijd vóór Christus’ verschijning echter niet als een periode waarin de wereld steeds christelijker wordt.

Paulus schrijft:

“En weet dit, dat in de laatste dagen ontstaan zullen zware tijden.” — 2 Timotheüs 3:1 (STV)

De Here Jezus vroeg:

“Doch de Zoon des mensen, als Hij komt, zal Hij ook geloof vinden op de aarde?” — Lukas 18:8 (STV)

De Schrift verwacht allesbehalve een geleidelijke overwinning van de Gemeente over alle politieke, maatschappelijke en geestelijke machten.

In de gelijkenis van het onkruid blijft het onkruid tussen de tarwe staan tot de oogst. De oogst is de voleinding van de eeuw, wanneer Christus Zelf ingrijpt.

De Gemeente zal vrucht dragen. Het Evangelie zal mensen uit alle volken bereiken. Maar nergens wordt beloofd dat de Gemeente vóór de wederkomst de samenleving zal onderwerpen of de wereld tot het Koninkrijk zal maken.

 

Satan is nog niet gebonden

Binnen de Kingdom Now leer wordt veel gesproken over het ‘binden van territoriale machten, het innemen van steden en het verdrijven van satanische heerschappij”uit complete gebieden.

De Schrift leert onomwonden dat satan in deze tijd nog actief is:

“Zijt nuchteren, en waakt; want uw tegenpartij, de duivel, gaat om als een briesende leeuw, zoekende, wien hij zou mogen verslinden.” — 1 Petrus 5:8 (STV)

Satan is dus nog niet gebonden zoal voorzegd in Openbaring 20.

Zijn daadwerkelijke binding vindt plaats wanneer een engel uit de hemel neerdaalt en hem op Gods bevel bindt:

“En hij greep den draak, de oude slang, welke is de duivel en satanas, en bond hem duizend jaren.” — Openbaring 20:2 (STV)

Niet ‘de Gemeente bindt satan door decreten, territoriale gebeden of moderne apostolische autoriteit’.

God Zélf laat hem op het vastgestelde moment binden.

De gelovige moet de duivel weerstaan. Dat is iets anders dan beweren dat de Gemeente zijn macht over de wereld nu reeds kan of zou moeten  beëindigen.

 

Christus Zelf zal Zijn Koninkrijk vestigen

Het toekomstige Koninkrijk ontstaat niet door kerkelijke strategie, politieke meerderheden, culturele beïnvloeding of moderne apostolische netwerken.

Daniël zegt:

“Doch in de dagen van die koningen zal de God des hemels een Koninkrijk verwekken, dat in der eeuwigheid niet zal verstoord worden.” — Daniël 2:44 (STV)

God richt het Koninkrijk op.

Christus verschijnt in heerlijkheid. Hij oordeelt de volkeren, herstelt Israël, aanvaardt de troon van David en maakt Zijn heerschappij openbaar.

Dat is geen geleidelijk menselijk proces. Het is een beslissend Goddelijk ingrijpen.

Bij Zijn eerste komst werd de Koning verworpen. Bij Zijn tweede komst zal Hij Zijn Koningschap openbaar aanvaarden.

 

Het gevaar van de Kingdom Now leer

Wanneer de Gemeente zichzelf gaat zien cq. verheffen als de zichtbare regering van God op aarde, verschuift onvermijdelijk het zwaartepunt.

Het Evangelie van verzoening wordt vervangen door een boodschap van maatschappelijke transformatie. Dienaren worden machthebbers. Moderne apostelen en profeten krijgen bestuurlijke autoriteit. Politieke invloed wordt aangezien voor geestelijke overwinning.

Voorspoed, succes en maatschappelijke macht worden bewijsstukken van koninkrijkskracht. Kritiek op leiders kan vervolgens worden voorgesteld als verzet tegen Gods gezag.

Daarmee ontstaat precies het tegenovergestelde van het voorbeeld van Christus.

De Here Jezus kwam tijdens Zijn eerste komst niet om politieke macht te grijpen, maar om te dienen en Zijn leven te geven.

De Gemeente volgt haar verworpen Heer. Zij draagt in deze wereld niet de kroon van zichtbare wereldheerschappij, maar het getuigenis van een gekruisigde en opgestane Christus.

 

Geen passiviteit, maar trouw

De afwijzing van de Kingdom Now leer betekent niet dat christenen zich dan maar uit de samenleving moeten terugtrekken.

Gelovigen behoren goed te doen, rechtvaardig te handelen, voor hun naasten te zorgen, de waarheid te spreken en hun licht te laten schijnen.

Maar er is een wezenlijk verschil tussen trouw en rechtvaardig leven in de wereld en beweren dat de Gemeente de wereld zou moeten veroveren en het Koninkrijk moet vestigen.

Het eerste is Bijbels.

Het tweede neemt een werk op zich dat Christus voor Zichzelf heeft voorbehouden.

 

Christus bouwt Zijn Gemeente

De Here Jezus heeft niet gezegd dat de Gemeente Zijn Koninkrijk moet bouwen. Hij heeft gezegd:

“En Ik zeg u ook, dat gij zijt Petrus, en op deze petra zal Ik Mijn gemeente bouwen, en de poorten der hel zullen dezelve niet overweldigen.” — Mattheüs 16:18 (STV)

Christus bouwt Zijn Gemeente.

De Gemeente bouwt niet Zijn Koninkrijk. Zij verkondigt het Evangelie, bewaart het Woord en verwacht de Heer.

Dat is geen zwakke of passieve roeping. Het is trouw blijven aan het werk dat Christus haar daadwerkelijk heeft opgedragen.

 

De Bijbelse volgorde

Christus is gestorven, opgewekt en verhoogd. Hij zit nu aan Gods rechterhand en wacht totdat Zijn vijanden tot een voetbank van Zijn voeten worden gesteld.

In deze tijd verzamelt Hij Zijn Gemeente uit Joden en heidenen. De Gemeente verkondigt het Woord, dient, lijdt, getuigt en verwacht haar Heer.

Daarna zal Christus wederkomen. Hij zal het Davidische Koningschap aanvaarden, Israël herstellen, de volkeren oordelen en Zijn reeds bestaande maar verborgen Koninkrijk zichtbaar op aarde vestigen.

Christus is dus nu al de rechtmatige Koning en de verhoogde Heer. Maar Hij regeert nog niet openbaar vanaf de troon van David over Israël en de volkeren.

 

De Gemeente bouwt het Koninkrijk niet. Christus bouwt Zijn Gemeente en Christus zal Zijn Koninkrijk openbaren.

Kingdom Now zegt eigenlijk:

Wij moeten het Koninkrijk vestigen voordat de Koning komt.

De Schrift zegt:

“Na dezen zal Ik wederkeren.” Handelingen 15:16 (STV)

zie ook:

Bijbelstudie lezingen: Kingdom Now ….

De gemeente van Jezus Christus is geen bedrijf maar een levend lichaam

Geen bedrijfsstrategieën of marketingmethodes!

De gemeente is geen bedrijf, maar het levende lichaam van Christus. Toch wordt in veel kerken steeds vaker gedacht in termen van strategie, groei, management, visie, impact en meetbaar succes. Dat klinkt professioneel en daadkrachtig, maar de vraag is niet of het werkt. De vraag is of het Bijbels is.

De gemeente niet als bedrijf zien is geen romantische gedachte, maar een Bijbelse noodzaak. De gemeente is ook niet een religieuze organisatie met Christus als inspiratiebron. Zij is het lichaam van Christus, gekocht met Zijn bloed, bewoond door de Geest en geroepen om te leven onder Christus als Hoofd.

“En heeft alle dingen Zijn voeten onderworpen, en heeft Hem der Gemeente gegeven tot een Hoofd boven alle dingen; Welke Zijn lichaam is, en de vervulling Desgenen, Die alles in allen vervult” (Efeze 1:22-23 STV).

Dat is de kern. Christus is niet de directeur van een religieuze onderneming. Hij is het Hoofd van Zijn lichaam.

Gemeente geen bedrijf maar lichaam van Christus

De gemeente is het lichaam van Christus

De Schrift spreekt over de gemeente niet in bedrijfskundige, maar in organische termen. Zij is lichaam, tempel, huisgezin, kudde en woonstede Gods. Dat zijn levende beelden. Ze spreken over verbondenheid, afhankelijkheid, groei van binnenuit, onderlinge zorg, heiligheid en gehoorzaamheid aan Christus.

Paulus zegt:

“Want gelijk het lichaam één is, en vele leden heeft, en al de leden van dit ene lichaam, vele zijnde, maar één lichaam zijn, alzo ook Christus” (1 Korinthe 12:12 STV).

En vervolgens:

“En gijlieden zijt het lichaam van Christus, en leden in het bijzonder” (1 Korinthe 12:27 STV).

Een lichaam wordt niet bestuurd als een bedrijf. Een lichaam leeft vanuit het hoofd. Als het hoofd niet werkelijk de leiding heeft, ontstaat er geen gezonde groei maar wanorde. In een lichaam is het oog geen concurrent van de hand, de voet geen ondergeschikte zonder waarde, en het oor geen overbodig onderdeel. Elk lid heeft zijn plaats, niet omdat een managementmodel dat zo bedacht heeft, maar omdat God het zo beschikt heeft.

“Maar nu heeft God de leden gezet, een iegelijk van dezelve in het lichaam, gelijk Hij gewild heeft” (1 Korinthe 12:18 STV).

Dat ene vers doorbreekt veel modern kerkelijk denken. Niet de leider “zet mensen op hun plek”. Niet de strategie bepaalt wie nodig is. Niet het groeiplan bepaalt de waarde van de leden. God heeft de leden gezet zoals Hij gewild heeft.

 

Christus is het Hoofd, niet het management

In een bedrijf is leiding vaak gericht op doelen, resultaten, processen, groei, efficiëntie en rendement. In de gemeente is leiding onderworpen aan Christus. Dat is wezenlijk anders.

“En Hij is het Hoofd des lichaams, namelijk der Gemeente, Hij, Die het Begin is, de Eerstgeborene uit de doden, opdat Hij in allen de Eerste zou zijn” (Kolossenzen 1:18 STV).

Christus moet in alles de Eerste zijn. Niet de visie van de voorganger. Niet de ambitie van het team. Niet de groei van de organisatie. Niet het imago naar buiten. Niet de vraag hoe men de kerk aantrekkelijker maakt voor de religieuze consument.

Christus.

Daarom is bedrijfsdenken in de kerk zo gevaarlijk. Het schuift gemakkelijk van gehoorzaamheid naar succes, van waarheid naar effectiviteit, van trouw naar meetbaarheid, van herderlijke zorg naar leiderschapsontwikkeling, van Schriftuurlijke opbouw naar organisatorische groei.

Maar de gemeente wordt niet gebouwd door marktanalyse, branding of prestatie-indicatoren. De Here Jezus Zelf zegt:

“En op deze petra zal Ik Mijn Gemeente bouwen, en de poorten der hel zullen dezelve niet overweldigen” (Mattheüs 16:18 STV).

Hij bouwt Zijn gemeente. Niet wij bouwen Zijn merk. Niet wij bouwen Zijn bedrijf. Niet wij bouwen Zijn koninkrijk met aardse strategieën.

Hij bouwt Zijn gemeente.

 

Groei is geen bedrijfsdoel maar vrucht van Christus

Natuurlijk spreekt de Bijbel over groei. Maar Bijbelse groei is geen groeistrategie in bedrijfskundige zin. Het is geen schaalvergroting, geen publieksbereik, geen expansie van een religieuze organisatie. Bijbelse groei is groei in Christus, vanuit Christus en tot Christus.

“Maar de waarheid betrachtende in liefde, alleszins zouden opwassen in Hem, Die het Hoofd is, namelijk Christus; Uit Welken het gehele lichaam bekwamelijk samengevoegd en samen vastgemaakt zijnde, door alle voegselen der toebrenging, naar de werking van een iegelijk deel in zijn maat, den wasdom des lichaams bekomt, tot zijns zelfs opbouwing in de liefde” (Efeze 4:15-16 STV).

Let op: het lichaam groeit “uit Welken”, dus uit Christus. De wasdom komt niet uit het model, niet uit de methode, niet uit het leiderschapssysteem, maar uit Hem. En het doel is niet imago, bereik of institutionele macht, maar opbouwing in de liefde.

Wanneer kerkelijke groei wordt benaderd als bedrijfsstrategie, verschuift de aandacht van geestelijke opbouw naar meetbaar succes. Dan gaat het al snel over aantallen, budgetten, gebouwen, programma’s, zichtbaarheid en invloed. Maar de Schrift spreekt over wasdom in waarheid, liefde, eenheid, heiligheid, kennis van Christus en volwassenheid.

Een volle zaal kan geestelijke armoede verbergen. Een sterke organisatie kan een zwak lichaam maskeren. Een goed draaiend programma kan de afwezigheid van echte geestelijke groei verdoezelen.

Niet alles wat groeit, is gezond. Ook wildgroei is groei.

 

Bedrijfsstrategieën verschuiven de maatstaf

Het grote probleem van bedrijfsstrategieën in de gemeente is dat zij ongemerkt de maatstaf verschuiven. Men vraagt niet meer eerst: is dit naar de Schrift? Men vraagt: werkt het? Trekt het mensen? Verhoogt het de betrokkenheid? Versterkt het onze uitstraling? Past het bij onze doelgroep?

Maar de gemeente leeft niet van doelgroepdenken. Zij leeft van het Woord van God.

“Heilig ze in Uw waarheid; Uw Woord is de waarheid” (Johannes 17:17 STV).

Wanneer “wat werkt” belangrijker wordt dan “wat waar is”, komt de gemeente op gevaarlijk terrein. Dan kan de prediking worden aangepast aan de smaak van de hoorders. Dan wordt zonde zachter benoemd. Dan wordt genade losgemaakt van bekering. Dan wordt onderwijs vervangen door beleving. Dan wordt herderlijke zorg vervangen door coaching. Dan wordt Bijbelse vermaning vervangen door positieve communicatie.

Paulus waarschuwt voor een tijd waarin mensen de gezonde leer niet verdragen:

“Want er zal een tijd zijn, wanneer zij de gezonde leer niet zullen verdragen; maar kittelachtig zijnde van gehoor, zullen zij zichzelven leraars opgaderen naar hun eigen begeerlijkheden; En zullen hun gehoor van de waarheid afwenden, en zullen zich keren tot fabelen” (2 Timotheüs 4:3-4 STV).

Een gemeente die zich laat leiden door vraaggestuurd aanbod, loopt precies dit gevaar. Zij gaat leveren wat mensen willen horen, in plaats van te verkondigen wat God heeft gesproken.

 

Gelovigen zijn geen klanten

In een bedrijf is de klant belangrijk. Zijn ervaring, zijn tevredenheid en zijn binding aan het merk staan centraal. Maar in de gemeente zijn gelovigen geen klanten. Zij zijn leden van het lichaam van Christus.

Een klant beoordeelt. Een lid dient.
Een klant consumeert. Een lid draagt bij.
Een klant vertrekt wanneer het aanbod hem niet bevalt. Een lid zoekt de opbouw van het lichaam.
Een klant vraagt: wat krijg ik hier? Een lid vraagt: hoe kan ik in liefde dienen?

Paulus schrijft:

“Want ook het lichaam is niet één lid, maar vele leden” (1 Korinthe 12:14 STV)

En Petrus zegt:

“Een iegelijk, gelijk hij gave ontvangen heeft, alzo bediene hij dezelve aan de anderen, als goede uitdelers der menigerlei genade Gods” (1 Petrus 4:10 STV).

De gemeente is dus geen podium met publiek. Zij is ook geen religieuze winkel waar men geestelijke producten afneemt. Zij is een lichaam waarin elk lid, naar de genade die God geeft, dient tot opbouw van de anderen.

Waar bedrijfsdenken binnendringt, worden mensen gemakkelijk ingedeeld naar bruikbaarheid. Wie zichtbaar, vaardig, succesvol of strategisch inzetbaar is, krijgt aandacht. Wie zwak, lijdend, oud, beperkt, beschadigd of minder productief is, kan als lastig worden ervaren.

Maar in het lichaam van Christus werkt het anders.

“Ja veelmeer, de leden, die ons dunken de zwakste des lichaams te zijn, die zijn nodig” (1 Korinthe 12:22 STV).

Dat staat haaks op bedrijfsmatig denken. In een bedrijf is zwakte vaak een probleem voor de prestatie. In het lichaam van Christus zijn de zwakke leden nodig.

 

Oudsten zijn herders, geen managers

De Bijbel kent leiding in de gemeente. Maar die leiding is herderlijk, dienend en Schriftgebonden. Oudsten zijn geen managers van een religieuze organisatie. Zij zijn opzieners en herders over de kudde van God.

Petrus schrijft:

“Weidt de kudde Gods, die onder u is, hebbende opzicht daarover, niet uit bedwang, maar gewilliglijk; noch om vuil gewin, maar met een volvaardig gemoed; Noch als heerschappij voerende over het erfdeel des Heeren, maar als voorbeelden der kudde geworden zijnde” (1 Petrus 5:2-3 STV).

Dit is een totaal andere toon dan veel modern leiderschapsdenken. Niet heersen. Niet manipuleren. Niet sturen op eigen visie. Niet bouwen aan een persoonlijke invloedssfeer. Niet de kudde gebruiken om een bediening groot te maken. Maar weiden, dienen, waken, voorgaan als voorbeeld.

Oudsten zijn volgens de Schrift herders van de kudde, geen managers van een religieuze organisatie.

Paulus zegt tegen de oudsten van Efeze:

“Zo hebt dan acht op uzelven, en op de gehele kudde, over dewelke u de Heilige Geest tot opzieners gesteld heeft, om de Gemeente Gods te weiden, welke Hij verkregen heeft door Zijn eigen bloed” (Handelingen 20:28 STV)

Dat laatste is doorslaggevend. De gemeente is niet van de voorganger. Niet van het bestuur. Niet van de stichting. Niet van de beweging. Niet van de familie die haar ooit begon. Zij is “de Gemeente Gods”, verkregen door Zijn eigen bloed.

Wie de gemeente behandelt als zijn organisatie, raakt aan iets dat niet van hem is.

 

Strategie kan afhankelijkheid van de Geest vervangen

Er is niets mis met orde, wijsheid, planning en praktische verantwoordelijkheid. De Schrift is niet chaotisch. Maar er is een groot verschil tussen ordelijk dienen en strategisch bouwen vanuit menselijke maakbaarheid.

Het gevaar is dat men in de praktijk meer verwacht van modellen, trainingen, branding, leiderschapstaal, doelgroepenanalyse en groeiplannen dan van het Woord van God, het werk van de Geest en de trouw van Christus.

De vroege gemeente wordt niet beschreven als een strategisch uitstekend georganiseerde beweging, maar als een gemeente die volhardde in de leer, gemeenschap, breking des broods en gebeden.

“En zij waren volhardende in de leer der apostelen, en in de gemeenschap, en in de breking des broods, en in de gebeden” (Handelingen 2:42 STV)

Dat klinkt bijna te eenvoudig voor de moderne kerk. Geen brandingstrategie. Geen groeicampagne. Geen visieproces. Geen leiderschapsmodel. Maar leer, gemeenschap, breking des broods en gebeden.

En dan lezen we:

“En de Heere deed dagelijks tot de Gemeente, die zalig werden” (Handelingen 2:47 STV)

De Heere deed toe. Niet de strategie. Niet het programma. Niet het communicatiemodel. De Heere.

 

Bedrijfstaal verandert het geestelijk klimaat

Taal is nooit neutraal. Wanneer de gemeente voortdurend spreekt in termen van visie, targets, teams, cultuur, DNA, merk, leiderschap, impact, groei en succes, verandert het geestelijke klimaat. Men gaat denken vanuit maakbaarheid en prestatie.

Maar de taal van de Schrift is anders: genade, waarheid, lichaam, leden, Hoofd, kudde, herders, opbouw, heiliging, dienst, liefde, lijden, volharding, vermaning, vertroosting, gemeenschap, gebed.

Bedrijfstaal wekt vaak de indruk dat de gemeente een project is dat wij moeten laten slagen. Bijbelse taal herinnert ons eraan dat de gemeente van Christus is en door Hem gedragen wordt.

Dat betekent niet dat alles amateuristisch of slordig moet zijn. Dat is een valse tegenstelling. Orde is Bijbels. Betrouwbaarheid is Bijbels. Goede zorg is Bijbels. Verantwoord rentmeesterschap is Bijbels.

Maar zodra orde verandert in controle, rentmeesterschap in rendement, leiding in management, dienst in prestatie, en opbouw in groei-obsessie, is de gemeente haar eigen aard aan het verloochenen.

 

De gemeente leeft uit Christus

De gemeente is geen menselijke uitvinding. Zij is niet ontstaan uit een marktkans, een visieplan of een religieuze behoefte. Zij is verbonden met de opgestane en verheerlijkte Christus.

“Want wij zijn leden Zijns lichaams, van Zijn vlees en van Zijn benen” (Efeze 5:30 STV).

Dat is diepe, levende verbondenheid. De gemeente leeft omdat Christus leeft. Zij wordt gevoed omdat Christus haar voedt. Zij wordt bewaard omdat Christus haar bewaart.

Zij wordt gebouwd omdat Christus haar bouwt.

Daarom moet de gemeente niet leren denken als een bedrijf, maar leren wandelen als een lichaam. Niet gedreven door ambitie, maar geleid door het Hoofd. Niet gericht op succes, maar op trouw. Niet gevormd door managementmodellen, maar door het Woord van God.

Niet afhankelijk van menselijke strategie, maar van de Here Zelf.

De gemeente van Jezus Christus is geen bedrijf. Zij is geen religieuze onderneming die met moderne strategieën aantrekkelijker, groter en invloedrijker moet worden gemaakt. Zij is het lichaam van Christus, gekocht met Zijn bloed, bewoond door de Geest en geroepen om onder het Hoofd te leven.

Dat vraagt om bekering van veel kerkelijk denken. Weg van maakbaarheid. Weg van succesdwang. Weg van religieuze marketing. Weg van leiderschapscultuur die meer lijkt op de zakenwereld dan op de Schrift.

Terug naar Christus.
Terug naar het Woord.
Terug naar herderlijke zorg.
Terug naar de opbouw van het lichaam.
Terug naar gebed.
Terug naar afhankelijkheid.

Wie de gemeente als bedrijf behandelt, verliest gemakkelijk uit het oog dat zij het lichaam van Christus is, gekocht met Zijn bloed.

Want de gemeente is niet van ons.

Zij is van Hem.

“En heeft alle dingen Zijn voeten onderworpen, en heeft Hem der Gemeente gegeven tot een Hoofd boven alle dingen; Welke Zijn lichaam is, en de vervulling Desgenen, Die alles in allen vervult” (Efeze 1:22-23 STV).

Zin en onzin over “de vijfvoudige bediening”

Géén machtsmodel voor de gemeente van Jezus Christus

YouTube player

Er wordt tegenwoordig heel wat beweerd over “de vijfvoudige bediening​'” en deze wordt ons dan gepresenteerd als gezagsstructuur voor de gemeente van Jezus Christus. Maar niet wat men graag wil dat de Schrift zegt, maar wat de Schrift echt zegt is van belang.
Zie Efeze 4.

 

Geverifieerd door MonsterInsights