Een aparte doop in de Heilige Geest : leert de Bijbel dit?

Wat leert de Bijbel

Binnen evangelische en charismatische gemeenten klinkt deze oproep: “Ben je al gedoopt in de Heilige Geest?” Vaak wordt daarmee een tweede geestelijke ervaring bedoeld die na de bekering zou plaatsvinden. Dikwijls wordt daar tongentaal, profetie of een bijzondere krachtservaring aan gekoppeld.

Het klinkt geestelijk.

Het klinkt Bijbels.

Maar is het wat de Bijbel leert?

Wie de Bijbel zorgvuldig leest, ontdekt dat deze leer niet gebaseerd is op de onderwijsbrieven van de apostelen, maar op een verkeerde uitleg van het boek Handelingen. Daardoor worden unieke historische gebeurtenissen verheven tot een norm voor iedere gelovige.

Dat heeft grote gevolgen.

Geen aparte doop in de Heilige Geest

 

Paulus kent of leert geen tweede doop

Opvallend is dat Paulus gelovigen nergens oproept om de doop in de Heilige Geest na te streven.

Integendeel.

Hij schrijft:

“Want ook wij allen zijn door één Geest tot één lichaam gedoopt, hetzij Joden, hetzij Grieken, hetzij dienstknechten, hetzij vrijen; en wij zijn allen tot één Geest gedrenkt.” (1 Korinthe 12:13, STV)

De sleutel is “wij allen zijn.”

Niet sommigen.

Niet de geestelijk rijpen.

Niet degenen die een bijzondere ervaring hebben gehad.

Iedere gelovige is door de Heilige Geest in het Lichaam van Christus geplaatst.

Dat is geen opdracht.

Dat is een voltooid feit.

Daarom schrijft Paulus ook:

“Eén Heere, één geloof, één doop.” (Efeze 4:5, STV)

De Bijbel spreekt nergens over twee aparte dopen.

 

De grootste denkfout: Handelingen als draaiboek lezen

Vrijwel iedere verdediging van een tweede doop verwijst naar Handelingen.

Maar Handelingen is geen draaiboek over het gemeenteleven.

Het beschrijft de unieke overgang van Israël naar de openbaring van het Lichaam van Christus.

Daar vinden bijzondere gebeurtenissen plaats:

  • de uitstorting over de Joden;
  • daarna over de Samaritanen;
  • vervolgens over de heidenen;
  • tenslotte over de discipelen van Johannes.

Deze momenten markeren nieuwe fasen in Gods heilsplan.

Het zijn historische gebeurtenissen.

Geen patroon dat iedere gelovige vandaag opnieuw moet meemaken.

Wie van Handelingen een blauwdruk maakt voor de Gemeente, doet precies hetzelfde als iemand die beweert dat iedere gelovige eerst drie dagen blind moet worden omdat Paulus dat overkwam.

Geschiedenis is nog geen leer.

 

De leer van een ’tweede doop’ schept twee soorten christenen

Hier wordt het gevaar zichtbaar.

Wanneer een tweede doop wordt geleerd, ontstaat automatisch een tweedeling.

Er zijn dan:

  • gewone christenen;
  • christenen die “de doop” hebben ontvangen.

Maar Paulus kent zo’n onderscheid helemaal niet.

Opmerkelijk genoeg schrijft hij 1 Korinthe 12 aan een gemeente die vol geestelijke problemen zat.

Er was verdeeldheid.

Er was zonde.

Er was misbruik van de geestelijke gaven.

Toch schrijft hij zonder uitzondering:

“Want ook wij allen zijn door één Geest tot één lichaam gedoopt…” (1 Korinthe 12:13, STV)

Hun probleem was niet dat zij de Heilige Geest misten.

Hun probleem was dat zij niet geestelijk wandelden.

Ik kwam ooit in een gemeente waarin deze ‘doop’ voorwaarde was om een taak te mogen doen, maar dat werd al snel weer losgelaten omdat er te weinig mensen overbleven om iets te doen.

 

Wel vervuld, niet opnieuw gedoopt

De Schrift kent wél een opdracht over vervulling :

“En wordt niet dronken in wijn, waarin overdaad is, maar wordt vervuld met den Geest.” (Efeze 5:18, STV)

Hier ligt een wereld van verschil.

De doop met de Heilige Geest is Gods eenmalige werk.

De vervulling met de Heilige Geest gaat over het dagelijkse leven van de gelovige.

Daarom roept Paulus op om:

  • door de Geest te wandelen;
  • de Geest niet te bedroeven;
  • de Geest niet uit te blussen.

Maar nergens zegt hij:

“Zoek de doop in de Heilige Geest.”

 

Iedere gelovige ontvangt de Heilige Geest bij zijn bekering

Paulus laat geen ruimte voor een wachttijd.

Hij schrijft:

“In Welken ook gij zijt, nadat gij het Woord der waarheid, namelijk het Evangelie uwer zaligheid gehoord hebt; in Welken gij ook, nadat gij geloofd hebt, zijt verzegeld geworden met den Heiligen Geest der belofte.” (Efeze 1:13, STV)

De volgorde is eenvoudig.

Het Evangelie horen.

Geloven.

Verzegeld worden.

Niet maanden later.

Niet na handoplegging.

Niet na een conferentie.

Niet na tongentaal.

Maar direct nadat men gelooft.

 

De leer van een aparte doop heeft een schadelijk gevolg

Christenen gaan naar binnen kijken.

Heb ik wel genoeg geloof?

Waarom spreek ik geen tongen?

Waarom ervaar ik niets bijzonders?

Heb ik misschien iets gemist?

Zo verschuift het vertrouwen van Christus naar de eigen ervaring.

En precies daar ligt het gevaar.

Het Evangelie rust niet op gevoel.

Niet op beleving.

Niet op spectaculaire ervaringen.

Maar op het volbrachte werk van de Here Jezus Christus.

De rijkdom van Gods Genade

Iedere wedergeboren gelovige:

  • is door de Heilige Geest in het Lichaam van Christus gedoopt;
  • is verzegeld met de Heilige Geest;
  • heeft de Heilige Geest inwonend;
  • mag dagelijks leren wandelen onder Zijn leiding.

Dat is geen “tweede zegen”.

Dat is de rijkdom van Gods Genade vanaf het eerste moment van geloof.

 

Samenvattend

De leer van een aparte doop in de Heilige Geest houdt geen stand wanneer zij wordt getoetst aan de brieven van Paulus.

Zij ontstaat doordat de overgangsgebeurtenissen uit Handelingen worden losgemaakt van hun historische context en vervolgens als norm voor de Gemeente worden gebruikt.

De Schrift wijst echter een andere weg.

Niet zoeken naar een tweede ervaring.

Niet jagen op spectaculaire manifestaties.

Niet twijfelen of er misschien nog iets ontbreekt.

Maar rusten in Christus, Die alles heeft volbracht, en weten dat iedere gelovige vanaf het moment van geloof volledig deel heeft aan de Heilige Geest.

Van daaruit mag hij groeien in heiliging, gehoorzaamheid en een leven dat steeds meer onder de leiding van de Geest staat.

 

“Want uit Hem, en door Hem, en tot Hem zijn alle dingen. Hem zij de heerlijkheid in der eeuwigheid. Amen.” (Romeinen 11:36, STV)

lees ook:

Waarom Handelingen geen blauwdruk is voor de gemeente vandaag – Bijbelse basis

O, welk een wond’re Verlosser

Genade kocht mij vrij

Vanmorgen hadden wij, mijn vrouw en ik, sinds heel lange tijd weer eens een zeer ontnuchterend gesprek aan de voordeur met zogenaamde ‘getuigen van Jehova’, colporteurs van het Wachttorengenootschap. Ze hebben geen enkele geloofszekerheid, want het hangt alles van hun volharding af. Verder ontkennen zij dat Jezus Heer is. Wat een verdietig verhaal telkens  weer. Enigszins ontdaan deden we de voordeur weer dicht. Nadien hadden wij, los van elkaar, onderstaand lied in gedachten. Het is allemaal Genade wat de klok slaat.

 

O, welk een wond’re Verlosser vond ik in mijn Heiland en Heer.

Lofprijs vervult nu mijn harte, mijn zonden gedenkt Hij niet meer.

Genade kocht mij vrij! Genade kocht mij vrij! Mijn ziele juicht: Halleluja! Genade kocht mij vrij!

Stromen van licht en genade vervullen mijn ziel, meer en meer.

‘k Weet: al mijn schuld is vergeven door ’t bloed van mijn Heiland en Heer.

Genade kocht mij vrij! Genade kocht mij vrij! Mijn ziele juicht: Halleluja! Genade kocht mij vrij!

Niets kan van Jezus mij scheiden, Hij woont door zijn Geest in mijn hart.

In Hem ben ‘k veilig geborgen, in uren van zorg en van smart.

Refrein: Genade kocht mij vrij! Genade kocht mij vrij! Mijn ziele juicht: Halleluja! Genade kocht mij vrij!

‘k Werd niet gered door mijn werken, zelfs niet door berouwvol geween,

noch door mijn worst’ling en strijden, doch slechts door genade alleen.

Refrein: Genade kocht mij vrij! Genade kocht mij vrij! Mijn ziele juicht: Halleluja!

Genade kocht mij vrij!

De verborgenheid in de Bijbel

De sleutel die veel christenen zijn kwijtgeraakt

De verborgenheid in de Bijbel is geen bijzaak

Verwarring onder Christenen ontstaat niet doordat men de Bijbel openlijk afwijst, maar doordat men verschillende delen van de Schrift zonder onderscheid op één hoop gooit.

Beloften aan Israël worden toegepast op de Gemeente. De prediking van de Here Jezus tijdens Zijn aardse omwandeling wordt rechtstreeks gelijkgesteld aan de bediening van Paulus. Het Koninkrijk wordt verward met de Gemeente. Wet en genade lopen door elkaar.

Het gevolg is een evangelie vol innerlijke tegenstrijdigheden.

De sleutel die deze knoop ontwart, is wat de apostel Paulus noemt:

De verborgenheid.
Verborgenheid in de Bijbel

Wat betekent de verborgenheid in de Bijbel?

Het woord verborgenheid klinkt voor velen mystiek of geheimzinnig. In de Schrift betekent het iets anders.

Een verborgenheid is een waarheid die in Gods raadsplan besloten lag, maar gedurende eerdere eeuwen niet openbaar was gemaakt. Op Gods tijd werd die waarheid bekendgemaakt.

Paulus schrijft:

“Dat Hij mij door openbaring heeft bekendgemaakt deze verborgenheid.”
Efeze 3:3 (STV)

De verborgenheid was dus niet het resultaat van menselijke studie, religieuze ontwikkeling of filosofische ontdekking. Zij werd door God geopenbaard.

Dat maakt Paulus niet belangrijker dan de andere apostelen, maar zijn bediening was wel uniek.

Waarom sprak de Here Jezus tijdens Zijn aardse bediening niet openlijk over de Gemeente?

Hier ontstaat vaak weerstand.

Men redeneert: de Here Jezus heeft toch alles geleerd wat wij moeten weten?

Maar de Schrift zegt iets anders.

Tijdens Zijn aardse bediening was de Here Jezus in de eerste plaats gezonden tot Israël. Hij zei:

“Ik ben niet gezonden dan tot de verloren schapen van het huis Israëls.”
Mattheüs 15:24 (STV)

Zijn prediking stond in het teken van het beloofde Koninkrijk, de bekering van Israël en de vervulling van de profetieën.

Daarom sprak Hij veel over:

  • het Koninkrijk der hemelen;
  • de troon van David;
  • de komst van de Messias;
  • het oordeel over Israël;
  • de toekomstige wederkomst.

De Gemeente als het Lichaam van Christus werd tijdens Zijn aardse omwandeling nog niet volledig geopenbaard.

Dat was geen tekort in Zijn prediking. Het hoorde bij Gods orde van openbaring.

Paulus en de openbaring van de verborgenheid

Paulus ontving een bijzondere opdracht.

Hij noemt zichzelf dienaar van het Evangelie onder de heidenen en rentmeester van de genade Gods.

“Indien gij maar gehoord hebt van de bedeling der genade Gods, die mij gegeven is aan u.”
Efeze 3:2 (STV)

En verder:

“En allen te verlichten, dat zij mogen verstaan welke de gemeenschap der verborgenheid zij, die van alle eeuwen verborgen is geweest in God.”
Efeze 3:9 (STV)

Paulus spreekt dus niet slechts over vergeving van zonden. Hij maakt een tot dan toe verborgen onderdeel van Gods plan bekend.

Dat is van groot belang voor het verstaan van:

  • de Gemeente;
  • de genade;
  • de hemelse positie van de gelovige;
  • de eenheid van Jood en heiden in één Lichaam;
  • de huidige verborgen positie van Christus;
  • de toekomstige openbaring van Zijn Koninkrijk.

De Gemeente is niet hetzelfde als Israël

Een van de belangrijkste gevolgen van deze openbaring is het onderscheid tussen Israël en de Gemeente.

De Gemeente is niet het nieuwe Israël.

Zij is ook geen geestelijke vervanging van Israël.

De Gemeente is het Lichaam van Christus.

“En heeft alle dingen Zijn voeten onderworpen, en heeft Hem der Gemeente gegeven tot een Hoofd boven alle dingen; welke Zijn lichaam is.”
Efeze 1:22-23 (STV)

Israël heeft een aardse roeping, aardse beloften en een toekomstige bestemming in verband met het Koninkrijk op aarde.

De Gemeente heeft een hemelse roeping, hemelse zegeningen en een positie in Christus.

Wie Israël en de Gemeente vermengt, tast onvermijdelijk beide aan.

Israël verliest zijn beloften en de Gemeente verliest haar hemelse positie.

De verborgenheid van Christus en de Gemeente

De verborgenheid draait niet in de eerste plaats om een leerstellig schema.

Zij draait om Christus.

Christus is het Hoofd.

De Gemeente is Zijn Lichaam.

Gelovigen uit Joden en heidenen worden in Hem tot één gemaakt.

“Dat de heidenen zijn mede-erfgenamen, en van hetzelfde lichaam, en mededeelgenoten Zijner belofte in Christus, door het Evangelie.”
Efeze 3:6 (STV)

Dat was in die vorm niet bekendgemaakt in de oudtestamentische profetieën.

De profeten spraken wel over de zegen van de heidenen onder het toekomstige Koninkrijk. Maar de vorming van één hemels Lichaam, waarin Jood en heiden dezelfde positie ontvangen, was verborgen.

Christus regeert nu in de gelovigen, maar Zijn Koninkrijk is nog niet openbaar

Een andere belangrijke waarheid is dat Christus vandaag wel verhoogd is, maar Zijn Koninkrijk nog niet zichtbaar op aarde heeft geopenbaard.

Hij zit aan de rechterhand Gods.

“Indien gij dan met Christus opgewekt zijt, zo zoekt de dingen die boven zijn, waar Christus is, zittende aan de rechterhand Gods.”
Kolossenzen 3:1 (STV)

Zijn heerschappij is echt, maar nog verborgen.

Daarom is het onjuist om te beweren dat de Gemeente nu geroepen is om het Koninkrijk op aarde te vestigen.

De Gemeente bouwt niet het Messiaanse Koninkrijk.

Zij verkondigt het Evangelie der genade Gods.

Zij wacht op haar hemelse Heer.

Zij neemt niet de plaats van Israël in.

Waarom Kingdom Now botst met de verborgenheid

De leer van Kingdom Now stelt dat de kerk nu geroepen is om Gods Koninkrijk zichtbaar te maken, maatschappelijke systemen te transformeren en geestelijke heerschappij over de wereld uit te oefenen.

Maar deze gedachte botst met de verborgenheid.

Hij haalt de toekomstige openbaring van het Koninkrijk naar het heden.

Hij verwart de Gemeente met Israël.

Hij maakt de kerk tot een aardse machtsinstelling.

Hij verschuift de verwachting van de wederkomst naar maatschappelijke invloed.

De Schrift leert echter niet dat de Gemeente de wereld geleidelijk zal onderwerpen aan Christus.Hij leert dat Christus Zelf zal verschijnen en Zijn Koninkrijk openbaar zal maken.

Wet en Genade mogen niet worden vermengd

Wanneer de verborgenheid wordt genegeerd, raakt ook het onderscheid tussen Wet en Genade kwijt.

De Wet werd aan Israël gegeven.

De genade Gods wordt nu om niet verkondigd aan Jood en heiden.

“Want de zonde zal over u niet heersen; want gij zijt niet onder de wet, maar onder de genade.”
Romeinen 6:14 (STV)

Dat betekent niet dat Genade tot wetteloosheid leidt.

Genade verandert de grondslag van de wandel.

De gelovige leeft niet heilig om aanvaard te worden, maar omdat hij in Christus aanvaard is.

Wet zegt: doe en leef.

Genade zegt: geloof en leef.

Wet eist gerechtigheid.

Genade schenkt gerechtigheid.

Wie beide vermengt, berooft de Wet van haar scherpte en de genade van haar vrijheid.

De grote gevolgen van het negeren van de verborgenheid

Wanneer de verborgenheid uit beeld verdwijnt, ontstaan steeds dezelfde dwalingen:

  • vervangingstheologie;
  • Kingdom Now;
  • dominion theology;
  • vermenging van Wet en genade;
  • de gedachte dat de kerk Israël heeft vervangen;
  • het toepassen van Israëls aardse beloften op de Gemeente;
  • verwarring over de wederkomst;
  • verwarring over de opname van de Gemeente;
  • verwarring over het Koninkrijk.

Dit zijn geen losstaande fouten.

Zij komen voort uit het niet recht snijden van het Woord der waarheid.

Paulus schrijft:

“Benaarstig u, om uzelven Gode beproefd voor te stellen, een arbeider die niet beschaamd wordt, die het Woord der waarheid recht snijdt.”
2 Timotheüs 2:15 (STV)

Recht snijden betekent niet dat wij delen van de Bijbel wegzetten als onbelangrijk.

Het betekent dat wij ieder Schriftgedeelte lezen in zijn eigen verband, bestemming en plaats binnen Gods heilsplan.

De hele Bijbel is voor ons, maar niet alles gaat over ons

Dit onderscheid is onmisbaar.

De hele Schrift is nuttig.

Maar niet iedere opdracht is rechtstreeks aan de Gemeente gegeven.

Niet iedere belofte is aan de Gemeente gedaan.

Niet ieder oordeel betreft dezelfde groep.

Niet iedere verwachting heeft dezelfde bestemming.

De Bijbel kent:

  • Israël;
  • de heidenen;
  • de Gemeente.

Wie die drie groepen door elkaar haalt, maakt de Schrift onduidelijk.

Wie ze onderscheidt, ontdekt juist de eenheid van Gods plan.

De verborgenheid en de hemelse roeping van de Gemeente

De Gemeente is geen aardse politieke beweging.

Zij is geen religieuze voortzetting van Israël.

Zij is geen instrument om de wereld te christianiseren.

Zij is een hemels volk.

“Maar onze wandel is in de hemelen, waaruit wij ook den Zaligmaker verwachten, namelijk den Heere Jezus Christus.”
Filippenzen 3:20 (STV)

Dat bepaalt haar hoop.

Dat bepaalt haar positie.

Dat bepaalt haar roeping.

De Gemeente verwacht niet dat de wereld haar zal erkennen. Zij verwacht Christus.

Waarom de verborgenheid geen bijzaak is

Sommigen beschouwen dit als ingewikkelde leer voor gevorderde Bijbelkenners.

Maar dat is een ernstige misvatting.

De verborgenheid bepaalt hoe wij:

  • Paulus lezen;
  • de Evangeliën lezen;
  • Israël verstaan;
  • de Gemeente verstaan;
  • de genade verstaan;
  • de wederkomst verstaan;
  • het Koninkrijk verstaan.

Wie de verborgenheid mist, mist niet slechts een detail.

Hij mist het raamwerk waarin een groot deel van het Nieuwe Testament geplaatst moet worden.

Zonder de verborgenheid blijft de Bijbel een warboel

De verborgenheid in de Bijbel is geen mystiek randonderwerp.

Zij is de geopenbaarde waarheid over Gods huidige handelen in Christus en de Gemeente.

Paulus mocht bekendmaken dat God uit Joden en heidenen één Lichaam vormt, met een hemelse positie, onder Christus als Hoofd.

Israël blijft Israël.

De Gemeente blijft de Gemeente.

Het Koninkrijk zal door Christus Zelf openbaar worden gemaakt.

Wet en genade mogen niet worden vermengd.

Daarom is de verborgenheid geen hobby voor liefhebbers van schema’s.

Het is een onmisbare sleutel voor het recht verstaan van Gods Woord.

Wie het  negeert, leest de Bijbel alsof alles over iedereen gaat.

Wie het erkent, ziet orde waar anderen tegenstrijdigheid zien.

En  daar begint helder Bijbelbegrip.

zie ook:

De bediening van Jezus en Paulus niet hetzelfde – Bijbelse basis

De Gemeente is geen Israël – Bijbelse basis

Geverifieerd door MonsterInsights