Stop met vergoddelijken van Israël

Israël heeft geen Christelijke fans nodig maar hun Messias

In grote delen van het christendom is iets merkwaardigs gebeurd. Israël is verschoven van een onderwerp van Bijbelstudie naar een onderwerp van bijna religieuze bewondering of nog sterker: verafgoding en vergoddelijking.

In conferenties, blogs en sociale media wordt Israël soms behandeld alsof het land zelf een soort heilige status heeft gekregen. Politieke gebeurtenissen worden onmiddellijk tot profetie verheven en elke kritische opmerking over Israël wordt gezien als een aanval op Gods plan.

Maar laten we eerlijk zijn: de Bijbel zelf doet daar niet aan mee.

De Schrift romantiseert Israël namelijk helemaal niet.

Sterker nog: de Bijbel spreekt vaak harder over Israël dan over enig ander volk.

De Bijbel spaart Israël niet

Wie het Oude Testament leest zonder religieuze bril ziet iets opvallends. Israël wordt nergens voorgesteld als een moreel voorbeeldvolk. Integendeel.

Mozes zegt zelfs expliciet dat Israël het land niet krijgt vanwege eigen rechtvaardigheid.

“Niet om uw gerechtigheid, noch om de oprechtheid uws harten komt gij in, om hun land te erven.” (Deuteronomium 9:5, STV)

Dat is geen flatterende beoordeling.

Door de hele geschiedenis heen lezen we over:

opstand
afgoderij
ongehoorzaamheid
en uiteindelijk de verwerping van de Messias.

Dát is het Bijbelse beeld van Israël.

Het Nieuwe Testament is nog confronterender

Wanneer de Here Jezus verschijnt, bereikt de crisis zijn hoogtepunt.

Johannes schrijft zonder omhaal van woorden:

“Hij is gekomen tot het Zijne, en de Zijnen hebben Hem niet aangenomen.”
(Johannes 1:11, STV)

Dat is een historisch feit waar christenen niet omheen kunnen.

Het grootste deel van het Joodse volk verwierp de Messias.

Paulus:

“Maar tegen Israël zegt hij: Den gehelen dag heb Ik Mijn handen uitgestrekt tot een ongehoorzaam en tegensprekend volk.” (Romeinen 10:21, STV)

“Wat dan? Hetgeen Israël zoekt, dat heeft het niet verkregen; maar de uitverkorenen hebben het verkregen, en de anderen zijn verhard geworden.”(Romeinen 11:7, STV)

Met andere woorden: Israël staat vandaag geestelijk niet hoger, maar juist onder een tijdelijke verharding.

Het evangelie maakt geen etnische uitzonderingen

Toch lijkt het in sommige christelijke kringen alsof het Joodse volk een aparte geestelijke status heeft gekregen. Alsof hun etniciteit hen dichter bij God zou brengen.

Maar het Nieuwe Testament laat daar geen millimeter ruimte voor.

“En de zaligheid is in geen ander; want er is ook onder den hemel geen andere Naam, Die onder de mensen gegeven is, door Welken wij moeten zalig worden.”
(Handelingen 4:12, STV)

Dat geldt voor:

Europeanen
Afrikanen
Arabieren

en ook voor Joden.

Niemand komt tot God via afkomst.

Alleen via Christus.

De ironie van moderne Israël-verering

De ironie is bijna pijnlijk.

Juist christenen die zeggen de Bijbel letterlijk te nemen, lijken soms het duidelijkste Bijbelse punt over Israël te vergeten:

Israël heeft de Messias nodig

Niet politieke steun.
Niet religieuze bewondering.
Niet theologische sympathie of romantiek..

Maar bekering.

Paulus zegt daarom ook:

“Broeders, de toegenegenheid mijns harten en het gebed dat ik tot God voor Israël doe, is tot hun zaligheid.”
(Romeinen 10:1, STV)

Paulus organiseerde geen Israël-conferenties.

Hij bad voor hun bekering.

De andere fout: Israël uit Gods plan schrappen

Maar eerlijkheid verplicht ons ook het andere uiterste te benoemen.

Eeuwenlang heeft een deel van het christendom beweerd dat Israël volledig vervangen is door de kerk.

Ook dat is onbijbels.

Paulus zegt namelijk:

“Zo zeg ik dan: Heeft God Zijn volk verstoten? Dat zij verre!”
(Romeinen 11:1, STV)

En hij voegt eraan toe:

“Want de genadegiften en de roeping Gods zijn onberouwelijk.”
(Romeinen 11:29, STV)

God heeft Zijn beloften aan Israël niet ingetrokken.

Maar dat betekent niet dat Israël vandaag geestelijk gezond is.

De Bijbelse realiteit

De Bijbel tekent een ongemakkelijke waarheid.

Israël heeft een unieke plaats in Gods heilsplan.
Maar Israël leeft momenteel grotendeels in ongeloof.

Die twee waarheden horen bij elkaar.

Wie er één weglaat, vervormt de Schrift.

Waar het werkelijk om gaat

De kern van het Evangelie is niet een land.

Niet een volk.

Niet een etnische identiteit.

De kern van het evangelie is een Persoon.

Jezus Christus.

 

En zolang Israël Hem niet erkent, staat het volk precies waar ieder ander volk staat: verloren,  in nood van redding.

Christenen zouden er wijs aan doen te stoppen met twee dingen.

Stoppen met Israël uit Gods plan schrappen.
Maar óók stoppen met Israël verheffen tot een bijna heilig volk.

De Bijbel doet geen van beide.

De Schrift wijst uiteindelijk altijd naar één naam.

Jezus Christus

Zie ook

(extern):

De toekomst van Israël; Jesaja 60 – Alleen Geloof

 

 

 

 

 

 

;

 

De bruid van Christus

Is de Gemeente de Bruid van Christus?

Is de Gemeente de Bruid van Christus? Deze vraag wordt binnen het christendom vaak als vanzelfsprekend beantwoord met een volmondig ja. Toch blijkt bij zorgvuldige lezing van de Bijbel dat deze overtuiging nauwelijks expliciet schriftuurlijk wordt onderbouwd. Integendeel: wanneer we de Bijbel systematisch laten spreken, ontstaat een ander – en voor velen verrassend – beeld.

In dit artikel onderzoeken we aan de hand van de Schrift de relatie tussen Israël, het oude en nieuwe verbond, de Bruidegom en de Bruid. Daarbij laten we traditie en gevoel bewust los en volgen we de bijbelse lijn van verbond en heilsgeschiedenis.

Israël en het oude verbond: een huwelijk

Toen Israël door de uittocht uit Egypte een natie werd, sloot de HEERE met het volk het zogeheten Mozaïsche verbond. Dit verbond was niet slechts een wettelijk of religieus systeem, maar functioneerde in de Schrift als een huwelijksverbond.

Kenmerken van dit huwelijk

  • De Bruidegom: de HEERE (JHWH), Die Zich openbaart als “Ik ben”.
  • De Bruid: Israël, het uit Egypte verloste volk.
  • De ondertrouw: de woestijnreis.
  • De huwelijksluiting: bij de Sinaï, met Israëls herhaalde instemming.
  • De echtelijke woning: het land Kanaän – eigendom van de HEERE, bewoond door Israël.

De wet fungeerde als huwelijksvoorwaarden. Trouw was essentieel. Afgoderij werd daarom niet gezien als een abstracte religieuze fout, maar als overspel.

Ontrouw, scheiding en het einde van het oude huwelijk

De profeten beschrijven Israëls geschiedenis consequent in huwelijkstaal. Andere goden dienen heet “hoererij”, en politieke of religieuze verbonden met heidenvolken worden als overspel getypeerd.

Hoe lang duurt een huwelijk volgens de Schrift?

De Bijbel geeft vier samenhangende antwoorden:

  1. Het ideaal: een huwelijk is bedoeld voor altijd.
  2. In de praktijk: ontrouw verbreekt de gemeenschap.
  3. Juridisch: echtscheiding via een scheidbrief.
  4. Wettelijk: de dood maakt een einde aan het huwelijk.

Alle vier zijn toepasbaar op de verhouding tussen de HEERE en Israël. De tien stammen werden weggezonden met een scheidbrief; Juda bleef formeel, maar het huwelijk eindigde definitief door de dood van de Bruidegom aan het kruis.

De wet verbindt immers slechts levenden. Door de dood van Christus werd het oude verbond wettig beëindigd.

Het nieuwe verbond: geen herstel, maar een nieuw huwelijk

De profeten kondigen een nieuw verbond aan. Dit verbond is:

  • niet overeenkomstig het oude,
  • gesloten met heel Israël,
  • eeuwig van aard.

Belangrijk is dit onderscheid: het oude huwelijk wordt niet hersteld – dat verbiedt de wet – maar vervangen door een nieuw huwelijk.

Waarom dit bijbels noodzakelijk is

  • De eerste Bruidegom stierf.
  • De toekomstige Bruidegom is de Opgestane.
  • Israël moet niet gerepareerd worden, maar wedergeboren.
  • Zowel Bruidegom als Bruid zijn nieuw geworden.

Het nieuwe verbond wordt daarom in het hart geschreven, berust op vergeving en leidt tot echte gemeenschap: kennen in bijbelse zin.

Wie is de Bruid volgens het Nieuwe Testament?

Opvallend is dat de Bruid in het Nieuwe Testament nauwelijks genoemd wordt. Niet door Paulus, niet in de brieven, en zelfs niet door Jezus Zelf.

Slechts in het boek Openbaring wordt de Bruid expliciet geïdentificeerd:

“De Bruid, de vrouw van het Lam … het nieuwe Jeruzalem.”

Het nieuwe Jeruzalem:

  • vertegenwoordigt Israël,
  • daalt neer op een nieuwe aarde,
  • verschijnt na het duizendjarig rijk.

Dat duizendjarig rijk is de periode van de bruiloft: de regering van Christus op grond van het nieuwe verbond.

En de Gemeente dan?

De Gemeente wordt in de Schrift nooit “de Bruid” genoemd. Wat wél steeds gezegd wordt, is dat de Gemeente het Lichaam van Christus is.

Dit verschil is essentieel:

  • een lichaam is reeds verenigd,
  • een bruid ziet uit naar vereniging.

De opvatting dat de Gemeente de Bruid is, berust niet op expliciete schriftplaatsen, maar op theologische afleiding. Zij leidt bovendien tot vervanging van Israël in de profetieën en miskent de huidige gemeenschap van gelovigen met Christus.

 

Samengevat

Wanneer we de Schrift zorgvuldig volgen, ontstaat een consistent beeld:

  • Israël is de bruid onder oud én nieuw verbond.
  • Het nieuwe verbond is een nieuw, eeuwig huwelijk.
  • De Gemeente heeft een hoge, maar onderscheiden plaats als Lichaam van Christus.

Deze Bijbelse lijn vraagt om herbezinning, maar doet recht aan Gods trouw, rechtvaardigheid en heilshistorische orde.

“Opdat Hij in alles verheerlijkt worde.”

Schrift en belijdenis?

Schrift en belijdenis?

Belijdenisgeschriften 

In het boek “Schrift en belijdenis?” onderzoekt Harold Grevers de gereformeerde belijdenisgeschriften en vergelijkt deze met de Bijbel. Hij stelt de vraag of het gerechtvaardigd is om naast de Bijbel een belijdenis te hebben en of de gereformeerde belijdenisgeschriften volledig in overeenstemming zijn met de Bijbel.

Geschiedenis

Grevers geeft eerst een korte geschiedenis van de Reformatie en het ontstaan van de gereformeerde belijdenisgeschriften. Hij bespreekt de drie sola’s van de Reformatie: alleen door het geloof, alleen door Gods genade en alleen door de Schrift. Hij bespreekt ook de opkomst van de wederdopers en hun invloed op de totstandkoming van de Nederlandse Geloofsbelijdenis.

Niet in overeenstemming

Vervolgens bespreekt Grevers de drie belijdenisgeschriften: de Nederlandse Geloofsbelijdenis, de Dordtse Leerregels en de Heidelbergse Catechismus. Hij onderzoekt verschillende artikelen uit deze geschriften en vergelijkt ze met de Bijbel. Hij concludeert dat er meerdere punten zijn waar de belijdenisgeschriften niet in overeenstemming zijn met de Bijbel.

Grevers bespreekt ook de rol van de kerkenraad en de sacramenten in de gereformeerde traditie. Hij stelt dat de kerkenraad niet in overeenstemming is met de Bijbelse structuur van de gemeente en dat de sacramenten geen genademiddelen zijn.

De uitverkiezing

Ten slotte bespreekt Grevers de leer van de uitverkiezing en verwerping. Hij concludeert dat deze leer niet in overeenstemming is met de Bijbel en dat de Bijbel leert dat God alle mensen wil redden.

De Bijbel alleen

Grevers besluit zijn boek met een oproep om terug te keren naar de Bijbel en de belijdenisgeschriften kritisch te onderzoeken. Hij benadrukt dat de Bijbel het enige onfeilbare richtsnoer is voor het christelijk geloof.

Lees: Schrift en belijdenis? (pdf)

Geverifieerd door MonsterInsights