De Statenvertaling verdient waardering, géén absolutisme

Wanneer een vertaling heilig wordt verklaard.

1637 is géén Sinaï

Directe aanleiding voor dit artikel is de recente ophef in Reformatorische hoek. Verdeeldheid heet het, met zoveel woorden; straks 4 versies in omloop en wat dan??

In deze kringen wordt de Statenvertaling behandeld alsof deze zelf bijna een heilige status heeft. Alsof 1637 het eindpunt van Gods voorzienigheid in de geschiedenis van de Bijbeltekst zou zijn. Alsof wie een andere vertaling gebruikt zich op glad ijs begeeft. Dat klinkt vroom, maar het is historisch niet vol te houden. De Statenvertaling is een monument van geloof en taal, maar zij rust voor het Nieuwe Testament op de Textus Receptus van Desiderus Erasmus, een teksteditie uit de zestiende eeuw gebaseerd op een beperkt aantal relatief late manuscripten. Wie dat eerlijke historische feit niet wil onder ogen zien, verdedigt uiteindelijk niet de Schrift, maar een traditie.

De Statenvertaling is een monument in de geschiedenis van de kerk in Nederland. Generaties gelovigen hebben door deze vertaling de Schrift leren kennen. Haar taal heeft het geloofsleven gevormd, preken gedragen en het geestelijk vocabulaire van eeuwen bepaald. Daar mag met recht dankbaarheid voor zijn.

Laat dat eerst duidelijk zijn. De Statenvertaling behoort tot de grootste prestaties uit de geschiedenis van het Nederlandse protestantisme. Zij werd gemaakt door bekwame geleerden, zorgvuldig vertaald uit de grondtalen en met grote eerbied voor het Woord van God.

Daarom is waardering voor deze vertaling volkomen terecht.

Maar waardering is iets anders dan verabsolutering. En juist daarom is het zorgelijk dat de Statenvertaling in sommige kringen niet meer alleen wordt gewaardeerd, maar verabsoluteerd. Wat begon als liefde voor een vertaling, is hier en daar veranderd in een vorm van exclusivisme die historisch en inhoudelijk niet houdbaar is.
En dat probleem beperkt zich allang niet meer tot bepaalde reformatorische kerkverbanden.

De Statenvertaling is geen vierde taal van de openbaring

De Bijbel is door God gegeven in:

  • Hebreeuws

  • Aramees

  • Grieks

Niet in Nederlands.

De Statenvertaling is dus geen geïnspireerde tekst, maar een vertaling van de geïnspireerde tekst. Een zeer zorgvuldige vertaling, maar nog steeds een vertaling.

Wie doet alsof de Statenvertaling zelf een bijzondere, bijna onaantastbare status heeft gekregen, schrijft ongemerkt iets toe aan een vertaling wat alleen aan de Schrift zelf toekomt.

Wanneer een vertaling bijna vereerd wordt, dreigt de geschiedenis van de Bijbeltekst uit beeld te verdwijnen. De Statenvertaling is een monument van geloof en taal, maar rust op de Textus Receptus-traditie van Desiderus Erasmus, niet op de oudste manuscripten die we vandaag kennen. Liefde voor de Statenvertaling is terecht; absolutisme is dat niet.

De exclusiviteitsclaim

In verschillende kringen hoort men tegenwoordig stellige uitspraken zoals:
alleen de Statenvertaling is betrouwbaar
andere vertalingen zijn verdacht of onbetrouwbaar
God heeft Zijn Woord in het bijzonder in de Statenvertaling bewaard.
Dat klinkt vroom en principieel. Maar historisch klopt het eenvoudig niet.
De Statenvertaling is een vertaling uit 1637. Zij is gebaseerd op de tekstuitgaven die destijds beschikbaar waren, en voor het Nieuwe Testament vooral op de Textus Receptus, de Griekse teksttraditie die in de zestiende eeuw door onder anderen Erasmus werd samengesteld.
Dat betekent dat de Statenvertaling niet gebaseerd is op de oudste manuscripten die wij tegenwoordig kennen. Die manuscripten waren in de tijd van de Statenvertalers eenvoudig nog niet ontdekt.
Dat is geen kritiek op de Statenvertalers. Het is simpelweg een historisch feit.

Erasmus was geen onfeilbare teksteditor

De Textus Receptus is ontstaan in een concrete historische situatie. Erasmus had slechts een beperkt aantal relatief late handschriften tot zijn beschikking. In sommige gevallen moest hij zelfs improviseren.
Zo ontbrak in zijn manuscript een deel van het boek Openbaring, waardoor hij het ontbrekende gedeelte vanuit het Latijn weer terug naar het Grieks vertaalde. Dat soort details laten zien dat de Textus Receptus een historisch gegroeide teksteditie is, geen wonderbaarlijk onaantastbare standaardtekst.
Wie dus doet alsof de Statenvertaling rechtstreeks rust op de perfecte en oudste tekst, vertelt een verhaal dat historisch niet klopt.

De Statenvertalers zelf waren nuchter

Het is opvallend dat sommige hedendaagse verdedigers van de Statenvertaling stelliger zijn dan de Statenvertalers zelf ooit waren. De vertalers wisten heel goed dat zij vertaalden. Zij wisten ook dat taal verandert en dat revisie soms nodig kan zijn.
Zij zagen hun werk niet als een onaantastbare eindstap in de geschiedenis van de Bijbelvertaling.
Dat latere generaties hun vertaling soms behandelen alsof zij zelf een soort canonieke status heeft gekregen, zou hen waarschijnlijk verbazen.

Fanatisme, ook buiten de reformatorische gezindte

Opvallend genoeg beperkt dit verschijnsel zich niet tot de traditionele reformatorische kerken.
Ook daarbuiten bestaan bewegingen die een bijna absolute status aan de Statenvertaling toekennen. Op websites zoals sv1637.org wordt de indruk gewekt dat de Statenvertaling de enige betrouwbare Bijbel zou zijn.
Dergelijke claims gaan nog een stap verder dan wat in veel kerkelijke kringen wordt gezegd. Daar wordt soms de suggestie gewekt dat andere vertalingen principieel onbetrouwbaar zijn, of zelfs dat moderne tekstkritiek een bedreiging vormt voor het Woord van God.
Het probleem met dit soort redeneringen is dat zij niet alleen historisch zwak zijn, maar ook geestelijk contraproductief.

Wanneer verdediging omslaat in schade

Wie de Statenvertaling verdedigt met overdreven claims, bereikt uiteindelijk het tegenovergestelde van wat men bedoelt.
Wanneer men beweert dat alleen één specifieke vertaling betrouwbaar is, terwijl aantoonbaar is dat deze vertaling gebaseerd is op een beperkte tekstbasis uit de zestiende eeuw, dan ondermijnt men juist de geloofwaardigheid van het eigen standpunt.
Dan ontstaat de indruk dat men niet werkelijk geïnteresseerd is in de geschiedenis van de tekst, maar vooral in het verdedigen van een traditie.
Dat is niet alleen contraproductief, het kan zelfs schadelijk zijn. Vooral voor jonge mensen die later ontdekken dat de werkelijkheid ingewikkelder ligt dan hun was verteld. Dan kan het vertrouwen in het geheel onder druk komen te staan.

De Bijbel zelf wijst op verstaanbaarheid

De Schrift zelf benadrukt steeds het belang van verstaanbaarheid.

“En zij lazen in het boek, in de wet Gods, duidelijk; en zij gaven de zin, en deden verstaan in het lezen.”
(Nehemia 8:9 STV)

Dat is een belangrijke correctie. Het doel van de Schrift is niet dat zij bewonderd wordt als een historisch monument, maar dat zij begrepen wordt.
De Statenvertalers zelf hebben dat ook zo bedoeld.

Het echte gezag

Het gezag ligt uiteindelijk niet in een specifieke vertaling, maar in het Woord van God zelf. Dat Woord is gegeven in Hebreeuws, Aramees en Grieks. Vertalingen proberen dat Woord zo betrouwbaar mogelijk weer te geven.
Sommige vertalingen doen dat beter dan andere, maar geen enkele vertaling heeft een exclusief monopolie op Gods stem.

De Statenvertaling verdient respect, waardering en blijvend gebruik. Zij heeft eeuwenlang een centrale rol gespeeld in het geestelijk leven van Nederland.

Maar zodra een vertaling tot een onaantastbare norm wordt verheven, ontstaat een probleem. Dan verschuift het gezag van het Woord van God naar een historische vertaling.
En dat is precies het punt waar liefde voor de Statenvertaling kan omslaan in iets dat zij nooit bedoeld was te zijn: een mythe.

 

 

 

is de statenvertaling de enige juiste bijbel
waar komt de textus receptus vandaan
welke manuscripten gebruikte erasmus
waarom discussie over de statenvertaling
wat is het verschil tussen sv en hsv
zijn moderne bijbelvertalingen betrouwbaar
wat is de oudste bijbeltekst
hoe is de bijbeltekst overgeleverd

Mythes over Westcott en Hort

YouTube player

Veel wilde verhalen, mythes, zware beschuldigingen en meer van dat fraais over een zekere meneer Westcott worden rondgepompt op het worldwide web. Niet zelden niet gehinderd door enige goede kennis van zaken.

Over Persoonsverwisseling, onderscheid tussen schriftkritiek en tekstkritiek, en meer miverstanden die bewust of onbewust in de lucht worden gehouden.

lees ook:

De mythe van Westcott en occultisme

https://www.gotquestions.org/Westcott-and-Hort.html

https://www.biblicaltraining.org/learn/institute/nt605-textual-criticism/nt605-25-who-were-westcott-and-hort

De mythe van Westcott en occultisme

De mythe van Westcott en occultisme

Persoonsverwarring, polemiek en historische feiten

Binnen discussies over Bijbelvertalingen en tekstkritiek duikt met regelmaat de bewering op dat Westcott & Hort verbonden zouden zijn geweest met occultisme. Met name Brooke Foss Westcott wordt daarbij beschuldigd van esoterische of zelfs satanische sympathieën. Voor veel lezers klinkt dit ernstig en verontrustend — en dat is precies de bedoeling van zulke claims.

Bij nader onderzoek blijkt echter dat deze beschuldiging berust op persoonsverwarring, selectief citeren en polemische overdrijving. In dit artikel zet ik de feiten zorgvuldig op een rij.

Twee Westcotts, twee totaal verschillende werelden

De kern van het probleem is eenvoudig: er leefden in de negentiende eeuw twee Britse mannen met de achternaam Westcott, die regelmatig met elkaar worden verward.

Brooke Foss Westcott (1825–1901)

Brooke Foss Westcott was:

  • anglicaans theoloog en bisschop van Durham
  • hoogleraar en nieuwtestamenticus
  • mede-redacteur van een invloedrijke Griekse NT-editie
  • orthodox in de klassieke christelijke geloofsartikelen

Hij schreef uitvoerig over:

  • de godheid van Christus
  • de Drie-eenheid
  • de opstanding
  • de autoriteit van de Schrift

Er bestaat geen enkel historisch bewijs dat hij zich bezighield met occultisme, spiritisme, esoterie of geheime genootschappen.

William Wynn Westcott (1848–1925)

William Wynn Westcott daarentegen was:

  • arts en lijkschouwer
  • vrijmetselaar
  • mede-oprichter van de Hermetic Order of the Golden Dawn
  • actief in kabbala, rituele magie en esoterische symboliek

Hij was daadwerkelijk een occultist.

Cruciaal is echter dit punt:

deze twee mannen hadden geen familieband, geen samenwerking en geen inhoudelijke overlap.

De enige overeenkomst is hun achternaam en het feit dat zij in dezelfde eeuw leefden.

Hoe ontstond de verwarring?

De verwarring is niet toevallig ontstaan. Zij werd gevoed door:

Onzorgvuldig bronnengebruik
Citaten van “Westcott” worden gebruikt zonder voornaam of context.

Polemische literatuur
Met name in sommige KJV-only publicaties wordt bewust vaag gesproken over “Westcott”, waardoor lezers aannemen dat het om Brooke Foss Westcott gaat.

Schuld door associatie
Omdat Brooke Foss Westcott betrokken was bij tekstkritiek, wordt hij in één adem genoemd met alles wat men wantrouwt.

Dit is geen historisch argument, maar een retorische tactiek.

Wat wordt Westcott concreet verweten?

Vaak worden de volgende beschuldigingen genoemd:

  • gebruik van het woord mystery of spiritual
  • waardering voor kerkvaders
  • kritiek op droog rationalisme
  • afwijzing van de Textus Receptus als absoluut normatief

Geen van deze punten wijst op occultisme. Integendeel: ze passen volledig binnen de klassieke christelijke traditie.

Ook reformatoren als Calvijn en theologen als Augustinus gebruiken mystieke taal — zonder occult te zijn.

Tekstkritiek is géén occultisme

De diepere reden voor de beschuldiging ligt elders.

Westcott & Hort erkenden dat:

  • er meerdere teksttradities bestaan
  • manuscripten onderling kleine verschillen vertonen
  • geen enkele gedrukte tekst absoluut identiek is aan alle anderen

Dat standpunt botst met tekstueel absolutisme, waarin men één specifieke tekst (meestal gekoppeld aan de KJV) als volmaakt beschouwt.

In plaats van dit verschil inhoudelijk te bespreken, wordt soms gekozen voor karaktermoord

Historische consensus

Onder historici, kerkhistorici en tekstcritici bestaat brede overeenstemming:

  • Brooke Foss Westcott was een christelijk theoloog
  • hij was geen occultist
  • de beschuldigingen zijn ongefundeerd

Er bestaat geen enkel academisch standaardwerk dat hem als esotericus of occultist classificeert.

Waarom deze mythe blijft bestaan

Mythes zijn hardnekkig omdat zij:

  • eenvoudig zijn
  • emotioneel werken
  • bestaande overtuigingen bevestigen

De suggestie dat een ongewenste teksteditie “uit occulte bron” zou komen, maakt verder argumenteren overbodig — maar alleen ten koste van de waarheid.

Dus

Ja, er was een Westcott die occultist was.

Maar….. dat was dus niet Brooke Foss Westcott van Westcott & Hort.

De beschuldiging berust op persoonsverwisseling en polemiek, niet op geschiedenis. Wie eerlijk wil spreken over Bijbeltekst en vertaling, zal dit onderscheid moeten erkennen.

Waar inhoudelijke verschillen bestaan, moeten zij inhoudelijk besproken worden, niet met mythevorming, maar met feiten.

“Gij zult geen vals getuigenis spreken.”

 

Ook gerelateerd lezen(extern):

https://www.biblicaltraining.org/learn/institute/nt605-textual-criticism/nt605-25-who-were-westcott-and-hort

https://www.gotquestions.org/Westcott-and-Hort.html

What is the Majority Text?

What is the Critical Text?

What is the Textus Receptus?

What is Verbal Plenary Preservation?

What are Codex Sinaiticus and Codex Vaticanus?

Waarom de Statenvertaling verschilt van de King James Version

Waarom de Statenvertaling verschilt van de King James Version

Kleine tekstverschillen, grote betrouwbaarheid

Wie de Statenvertaling (1637) en de King James Version (1611) naast elkaar legt, ontdekt dat deze klassieke Bijbels soms van elkaar verschillen. Dat roept bij sommige gelovigen vragen of zelfs onrust op: hoe kan Gods Woord betrouwbaar zijn als teksten niet overal exact gelijk zijn? Ik wil kijken hoe het komt dat zulke verschillen niet alleen verklaarbaar zijn, maar juist wijzen op een opmerkelijke, door God bewaarde stabiliteit van de Bijbel.

 

Geen tekstueel absolutisme, wel tekstueel vertrouwen

De Bijbel is door de eeuwen heen overgeleverd via handgeschreven en later gedrukte manuscripten. Daarbij zijn kleine tekstuele variaties ontstaan: een woord meer of minder, een andere woordvolgorde, soms een korte toevoeging of weglating. Wat we echter overal zien, is continuïteit: de boodschap, de leer en het evangelie blijven gelijk.

God heeft nergens beloofd dat wij één volmaakt identieke teksteditie zouden bezitten. Wel mogen we erop vertrouwen dat Zijn Woord betrouwbaar, gezaghebbend en inhoudelijk stabiel is. Dat noemen we geen tekstueel absolutisme, maar tekstueel vertrouwen.

Statenvertaling en King James: zustervertalingen

De Statenvertaling en de King James Version hebben veel met elkaar gemeen:

Beide vertalingen zijn nationale kerkvertalingen uit de zeventiende eeuw. Ze functioneerden eeuwenlang als dé standaardbijbel in hun respectieve taalgebieden en zijn voor het Nieuwe Testament gebaseerd op de Textus Receptus.

Toch blijken de vertalers op verschillende plaatsen andere tekstkritische keuzes te hebben gemaakt. Dat betekent niet dat één van beide onzorgvuldig was. Integendeel: de vertalers waren hoogopgeleide theologen, goed bekend met de beschikbare Griekse handschriften en varianten.

Bewuste keuzes van vertalers

Bijbelvertalers volgen niet slaafs één gedrukte Griekse editie. Zij wegen beschikbare manuscripten en varianten af en maken soms een eigen keuze. Later kunnen onderzoekers die keuzes reconstrueren.

Voor de King James Version is dat gedaan in de bekende Griekse uitgave van Scrivener. Voor de Statenvertaling is inmiddels eveneens nauwkeurig in kaart gebracht waar en hoe de onderliggende Griekse tekst afwijkt van die van de KJV.

Het gaat om honderden kleine verschillen, die vrijwel altijd grammaticaal of stilistisch van aard zijn, inhoudelijk geen betekenisvol effect hebben en theologisch volledig onschadelijk zijn.

Enkele concrete voorbeelden

In de praktijk gaat het bijvoorbeeld om een extra verduidelijkend woord, een nuanceverschil tussen plaats- of tijdsaanduiding, het wel of niet noemen van een bepaalde groep, of het verschil tussen hoofdtekst en voetnoot. Geen enkel van deze verschillen tast een kernleer van het christelijk geloof aan.

Een bekend voorbeeld is Handelingen 16:7, waar sommige oude handschriften spreken over “de Geest van Jezus”, terwijl andere alleen “de Geest” vermelden. De Statenvertaling noemt deze variant netjes in een voetnoot. Dat laat zien hoe open en zorgvuldig de vertalers met tekst varianten omgingen.

Belangrijk is: eeuwenlang hebben oprechte christenen wereldwijd beide lezingen gebruikt, zonder dat dit hun geloof of zaligheid aangetast heeft

Probleem van ‘één perfecte tekst’

Sommige gelovigen menen dat God één absoluut perfecte Griekse of Hebreeuwse tekst heeft bewaard, vaak gekoppeld aan de King James Version. Dit standpunt roept echter grote problemen op:

  • er bestaan meerdere Textus Receptus-edities die onderling verschillen
  • het standpunt is sterk Engels-gericht
  • het doet geen recht aan niet-Engelstalige christenen

Waarom zou God Zijn Woord alleen volmaakt bewaren voor Engelstaligen en niet voor Nederlanders, Chinezen of Arabieren?

Moderne kritische teksten

Ook moderne kritische edities van het Griekse Nieuwe Testament verschillen niet méér van de Textus Receptus dan TR-edities onderling van elkaar verschillen. Het idee dat deze teksten “radicaal anders” zijn, houdt geen stand bij eerlijk historisch onderzoek.

Gods voorzienige bewaring

Wat we door de geschiedenis heen zien, is dat er weliswaar sprake is van kleine tekstuele variatie, maar tegelijk van een overweldigende inhoudelijke stabiliteit. Overal klinkt hetzelfde evangelie en wordt dezelfde Christus verkondigd.

Christenen over de hele wereld worden gered, groeien in genade en ontwikkelen gezonde leer, ondanks kleine verschillen in tekst en vertaling.

Samenvattend

De strijd over minieme tekstverschillen is onnodig en vaak schadelijk. God heeft Zijn Woord uitzonderlijk goed bewaard, niet door absolute uniformiteit, maar door betrouwbare veelheid.

Dat nodigt uit tot vertrouwen, nederigheid en dankbaarheid — en tot eerbiedig luisteren naar Gods Woord, in welke betrouwbare vertaling dan ook.

zie ook:

De claims van de “checklist vervalste Bijbels” van sv1637.org gecheckt – Bijbelse basis

De KJV-only en Statenvertaling alléén controverse ontzenuwd – Bijbelse basis

Waar komt de term “Textus Receptus” vandaan? – Bijbelse basis

Een betrouwbare Bijbel: tekstoverlevering – Bijbelse basis

Wat is ‘King James Onlyism’? – Bijbelse basis

Zijn moderne Bijbels vervalst? – Bijbelse basis

De “Statenvertaling-alleen” denkfout en de verwarring

De “Statenvertaling-alleen” denkfout en de verwarring

Waarom de verabsolutering van de Statenvertaling geen Schriftgetrouwheid is, maar een denkfout

Er bestaat een vorm van vroomheid die zich voordoet als trouw aan Gods Woord, maar die in werkelijkheid wordt gedreven door angst voor correctie. De “Statenvertaling-alleen”denkfout spreekt in hoofdletters over eerbied, en soms met grote woorden en grove beschuldigingen over “corrupte , valse Bijbels” maar sluit tegelijkertijd de ogen voor feiten. Het credo is eenvoudig en onwrikbaar:

De Statenvertaling is norm. Afwijking is gevaar. Onderzoek is verdacht.

Dit denken is niet onschuldig. Het is systematisch, polemisch en misleidend. En het steunt op één fundamentele verwarring die telkens opnieuw wordt verzwegen:

>>>het onderscheid tussen Schriftkritiek en tekstkritiek<<<

De fatale verwarring: Schriftkritiek ≠ tekstkritiek

Het debat rond de Statenvertaling wordt bewust vervuild door twee totaal verschillende zaken op één hoop te gooien.

Tekstkritiek vraagt:

Wat heeft de oorspronkelijke auteur geschreven?

Schriftkritiek vraagt:

Is wat de auteur geschreven heeft wel waar, betrouwbaar of gezaghebbend?

Dat verschil is niet subtiel. Het is principieel.

Tekstkritiek veronderstelt het gezag van de Schrift.  Deze zoekt niet naar afbraak, maar naar herstel. En corrigeert kopiisten, geen profeten. Maar probeert de tekst terug te brengen naar haar oorspronkelijke vorm.

Schriftkritiek daarentegen ondergraaft dat gezag. Hiermee stelt men de inhoud zelf ter discussie.

Wie deze twee gelijkstelt, bedrijft geen theologie, maar retorische manipulatie.

SV-alleen denken leeft van die verwarring

SV-alleen denken kan alleen bestaan zolang tekstkritiek wordt voorgesteld als Schriftkritiek. Daarom wordt elk beroep op oudere handschriften, elke voetnoot, elke tekstvariant onmiddellijk geframed als “aanval op de Bijbel”.

Dat is geen toeval. Dat is strategie.

Zodra men toegeeft dat tekstkritiek iets anders is dan Schriftkritiek, stort het hele SV-alleen bouwwerk in. Want dan blijkt ineens dat moderne tekstuitgaven niet de Schrift aantasten, maar doorgaans trachten haar zo zuiver mogelijk te achterhalen.

Daarom moet het onderscheid vaag blijven. Angst werkt beter dan argumenten.

De Textus Receptus: hulpmiddel, geen norm

De Textus Receptus is geen geïnspireerde tekst, maar een historische reconstructie, samengesteld met de beperkte middelen van de zeventiende eeuw. Dat was toen legitiem. Maar het was nooit bedoeld als eindstation.

Sindsdien zijn er veel oudere handschriften ontdekt. Die negeren is geen geloofsdaad, maar een keuze — een bewuste weigering om te luisteren naar beter en ouder bewijsmateriaal.

Wie zegt:

“Wij houden vast aan de Textus Receptus, ook als oudere handschriften iets anders laten zien”

zegt impliciet:

Het doet er niet toe wat de apostelen geschreven hebben, zolang onze vertrouwde tekst maar intact blijft. Dat is geen eerbied voor de Schrift. Dat is verplaatsing van gezag.

De ironie: SV-alleen denken bedrijft zelf Schriftkritiek

Hier wordt het pijnlijk.

Door vast te houden aan een specifieke editie — ongeacht betere gegevens — verschuift het gezag: niet langer de oorspronkelijke tekst is norm, maar een latere tekstvorm.

De vraag is dan niet meer:
Wat schreef Paulus? maar: Wat staat er in de Statenvertaling?

Dat is precies wat Schriftkritiek doet: het gezag losmaken van de oorspronkelijke openbaring en verankeren in iets anders.

SV-only denken beschuldigt anderen van Schriftkritiek, maar praktiseert haar zelf.

“Weglaten” als angstwoord

Het woord weglaten is het favoriete wapen in dit debat. Het suggereert roof, verminking, verlies. Maar in werkelijkheid gaat het meestal om het herkennen en verwijderen van latere toevoegingen.

Meer woorden betekent niet meer waarheid.
Meer vroom klinkende zinnen betekent niet meer inspiratie.Tekstkritiek vraagt niet:Wat klinkt het mooist? maar: Wat verklaart het ontstaan van de andere varianten? Wie dat weigert te vragen, heeft de waarheid ingeruild voor ‘wat men gewend is’

Een geloof dat voetnoten vreest, is geen sterk geloof

SV-alleen denken doet alsof Gods Woord alleen kan overleven binnen één Nederlandse vertaling uit 1637. Alsof Gods voorzienigheid ophield bij de Statenvertalers.

Dat is geen hoge Schriftopvatting. Dat is Gods woord benauwd inpassen.

Een geloof dat bang is voor handschriften,bang is voor wetenschap, bang ook voor correctie, is geen geloof dat rust in de waarheid, maar een geloof dat zichzelf, koste wat-kost, moet beschermen.

Noem het bij de naam

Tekstkritiek is geen vijand van de Schrift.
Tekstkritiek is een dienaar.

Schriftkritiek is geen synoniem van tekstkritiek.
Dat gelijkstellen is intellectueel oneerlijk.

SV-alleen denken is geen onschuldige voorkeur, maar een systeem dat leeft van verwarring, angst en verabsolutisering van traditie.

Wie werkelijk buigt voor Gods Woord, buigt niet voor één vertaling,niet voor één editie, niet voor één tijdperk

De vraag moet zijn, zonder angst en zonder in een verdedigingsreflex te schieten:

Wat staat er werkelijk geschreven?

Alles minder is geen trouw, maar verhard en blind traditionalisme. Om niet te zeggen overspannen complotdenken.

zie ook:

De claims van de “checklist vervalste Bijbels” van sv1637.org gecheckt – Bijbelse basis

De KJV-only en Statenvertaling alléén controverse ontzenuwd – Bijbelse basis

Waar komt de term “Textus Receptus” vandaan? – Bijbelse basis

Een betrouwbare Bijbel: tekstoverlevering – Bijbelse basis

Wat is ‘King James Onlyism’? – Bijbelse basis

Zijn moderne Bijbels vervalst? – Bijbelse basis

Is de King James Version echt de meest betrouwbare Bijbelvertaling?

Is de King James Version echt de meest betrouwbare Bijbelvertaling?

Binnen sommige christelijke kringen leeft sterk de overtuiging dat de King James Version (KJV) (en in het Nederlandse taalgebied Iets vergelijkbaars met de Statenvertaling) de enige goede of meest zuivere Bijbelvertaling zou zijn. Moderne vertalingen zouden al dan niet opzettelijk fouten bevatten, doctrines verzwakken of zelfs het Woord van God aantasten.

Klopt dat beeld wel?

In dit artikel kijken we historisch, tekstueel en leerstellig naar deze claim.

Het gezag van de Schrift staat in nieuwere vertalingen niet ter discussie

Christenen geloven dat de Bijbel door God is geïnspireerd (2 Timotheüs 3:16). Dat gezag rust niet op één specifieke Engelse vertaling, maar op God zelf.

Al vóór Christus werd het Oude Testament vertaald in het Grieks (de Septuagint), en juist díe vertaling wordt in het Nieuwe Testament regelmatig geciteerd. Dit laat zien dat Gods Woord ook in vertaling gezaghebbend is.

Gods Woord is niet gebonden aan één taal of één editie.

De King James Version is niet onveranderlijk. Wat vaak wordt vergeten:
De KJV die vandaag wordt gelezen is niet identiek aan de editie van 1611, ze is meerdere keren herzien, vooral in 1769. De oorspronkelijke vertalers moedigden aan om andere vertalingen te raadplegen wanneer iets onduidelijk was. De KJV-vertalers beschouwden hun werk dus nadrukkelijk niet als foutloos of exclusief.

Beperkingen van de Textus Receptus

De KJV is gebaseerd op de zogeheten Textus Receptus, een Griekse tekst die vooral teruggaat op het werk van Erasmus (16e eeuw).
Hij beschikte over:
slechts enkele manuscripten, die bovendien relatief jong waren. Sindsdien zijn veel oudere en betrouwbaardere manuscripten ontdekt, waaronder Codex Sinaiticus en Codex Vaticanus (4e eeuw). Moderne vertalingen maken gebruik van dit bredere en oudere bewijsmateriaal.
Belangrijk om te weten: Textus Receptus is een latere marketingterm, geen goddelijk kwaliteitsstempel.

Concrete problemen in de KJV

Verouderde en onduidelijke taal. De KJV gebruikt woorden die vandaag een andere betekenis hebben of niet meer worden begrepen:

conversation = levenswandel
let = verhinderen
prevent = voorafgaan

Dit maakt de KJV in voorkomende gevallen moeilijk leesbaar, vooral voor jongeren en nieuwe lezers.

Verwarrende naamvormen

In de KJV veranderen namen zonder uitleg:

Elia → Elias
Jesaja → Esaias
Jona → Jonas
Boaz → Booz

Moderne vertalingen houden namen meestal consequent gelijk, wat het lezen, doorzoeken en vergelijken sterk vereenvoudigt.

Zwakkere formuleringen op leerstellig belangrijke punten

De KJV is  op sommige plaatsen minder duidelijk over:

de godheid van Christus (o.a. Johannes 1:18, Titus 2:13)
de persoonlijkheid van de Heilige Geest (Romeinen 8:26 – “itself”)

Moderne vertalingen zoals de New International Version maken deze punten duidelijker, zonder iets toe te voegen aan de tekst.

KJV-only argumenten getoetst aan de geschiedenis

Soms wordt beweerd dat moderne vertalingen geestelijke achteruitgang veroorzaken. De geschiedenis laat iets anders zien:

Theologische dwalingen en liberalisme ontstonden ook toen de KJV nog dominant was. Geen enkele Bijbelvertaling garandeert geestelijke groei. Zelfs de gemeente van Korinthe kampte met ernstige problemen, hoewel zij de Griekse tekst hadden. Laten we ons realiseren dat geestelijke groei komt door gehoorzaamheid, niet door één specifieke vertaling
(Jakobus 1:22).

Over tekstkritiek

Tekstkritiek is zeker niet hetzelfde als Schriftktitiek, en geen aanval op de Bijbel, maar een wetenschappelijke methode om zo dicht mogelijk bij de oorspronkelijke tekst te komen.

Kenmerken: vergelijking van manuscripten, behoud van varianten in voetnoten en geen aantasting van kernleer. Belangrijk: geen enkele christelijke doctrine staat op het spel door tekstvarianten.

Welke vertaling dan?

klinkt wellicht wat gechargeerd ,maar de vertaling die je gebruikt is waarschijnlijk de beste. want wat heb je aan een Bijbel die je niet gebruikt? Al zijn er natuurlijk boeken die de naam vertaling niet waardig zijn zoals de ‘Bijbel’ van de Jehovah’s getuigen die heet de ‘Nïeuwe Wereldvertaling’  Of in het Engels taalgebied the Message, of the Passion ’translation’ bijvoorbeeld.

Samengevat

De King James Version is een indrukwekkend historisch document, maar niet de norm waaraan alle andere vertalingen moeten worden onderworpen. Wie werkelijk eerbied heeft voor Gods Woord:, leest de Bijbel veel, vergelijkt meerdere vertalingen. En laat zich leiden door waarheid, niet door traditie.

Dit allemaal los gezien van alle persoonlijke voorkeur. De mijne ligt om tal van secundaire redenen bij de Statenvertaling, Ik kan echter niet met geldige, zuivere argumenten hard maken dat die vertaling superieur zou zijn aan alle nieuwere vertalingen. Ik besef me heel goed dat de inzichten hierover behoorlijk uiteenlopen. Ook weet ik dat ik hiermee bepaald niet iedereen tevreden of gerust ga stellen. Ik hoor graag, maar dan liever niet op basis van geleende of gevoelsargumenten , maar op basis van de Schrift zelf, waar ik het fout zou zien .

“Heilig hen door de waarheid; uw woord is de waarheid.”
— Johannes 17:17

Vervalste Bijbels… zijn ‘moderne’ Bijbels vervalst?

Vervalste Bijbels… zijn ‘moderne’ Bijbels vervalst?

De checklist “Vervalste Bijbels” van SV1637.org beweert dat moderne Bijbelvertalingen onbetrouwbaar, aangetast of zelfs vervalst zijn. Volgens deze checklist zou alleen de Statenvertaling een zuivere en door God bewaarde Bijbel zijn. Daarmee wordt impliciet gesteld dat het overgrote deel van de christelijke wereld al decennialang een corrupte Bijbel zou lezen.

Zware beschuldiging

Dat is een buitengewoon zware beschudiging. Wie zulke claims doet, moet met uitzonderlijk sterk bewijs komen. In wat volgt wordt de checklist rechtstreeks geconfronteerd met haar eigen beweringen en worden deze kritisch beoordeeld op basis van tekstkritiek, manuscriptgeschiedenis en logica.

De checklist stelt dat moderne Bijbels Gods Woord weglaten. Zij presenteert lange lijsten van woorden, zinnen en verzen die in sommige moderne vertalingen ontbreken, tussen haken staan of in voetnoten zijn geplaatst. Dit wordt aangeduid als “weglating” en zelfs als vervalsing.

Deze voorstelling van zaken is misleidend. Moderne vertalingen laten geen oorspronkelijke Bijbeltekst weg, maar weigeren om latere toevoegingen als oorspronkelijk te presenteren. Veel van de genoemde passages ontbreken in de oudste Griekse handschriften en duiken pas eeuwen later op in de tekstgeschiedenis. Dat zij in de Statenvertaling staan, bewijst alleen dat zij voorkwamen in de teksttraditie die men in de zeventiende eeuw kende. Het bewijst niet dat zij door de bijbelschrijvers zijn geschreven.

Onjuist

Het is daarom onjuist om deze correcties als “weglating van Gods Woord” te bestempelen. Integendeel, het respecteren van de oudste beschikbare tekst is juist een poging om Gods Woord zo getrouw mogelijk weer te geven.

De checklist beweert verder dat moderne vertalers de leer veranderen. Deze beschuldiging wordt echter nergens concreet onderbouwd. Er wordt geen enkele christelijke kernleer aangewezen die door tekstkritiek zou zijn verdwenen of aangetast. De godheid van Christus en de verzoening door Zijn bloed en de opstanding worden in de Bijbel door talloze teksten gedragen die tekstkritisch onbetwist zijn. De suggestie dat leerstellige manipulatie plaatsvindt, is daarom retoriek zonder inhoud. De leer blijft overeind; alleen het wantrouwen wordt gevoed.

Aanval

Een andere centrale bewering is dat tekstkritiek een aanval op de Bijbel zou zijn. Dit is een fundamenteel misverstand. Tekstkritiek is geen moderne, liberale uitvinding, maar een noodzakelijke discipline die al eeuwenlang wordt toegepast. Zonder tekstkritiek zou niemand kunnen vaststellen welke tekst betrouwbaar is.

Ook de Statenvertalers pasten tekstkritiek toe. Zij vergeleken handschriften, maakten keuzes en corrigeerden elkaar. Het verschil is niet principieel, maar historisch. Zij beschikten over minder en jongere bronnen dan vandaag beschikbaar zijn. Wie tekstkritiek veroordeelt, ondermijnt daarmee ook de historische basis van de Statenvertaling zelf.

De checklist stelt daarnaast dat oudere manuscripten onbetrouwbaar zouden zijn. Dit keert elke historische methode om. Oudere bronnen zijn niet automatisch beter, maar wel principieel waardevoller dan jongere kopieën die door meer overschrijffasen zijn gegaan. Afwijking van een latere tekst bewijst geen vervalsing, maar wijst op een tekstgeschiedenis met groei en verandering.

Claim

Een bijzonder problematische claim is dat alleen de Statenvertaling exclusief door God bewaard zou zijn. Dit is geen bijbelse leer, maar een traditie-dogma. De Statenvertalers zelf hebben deze claim nooit gemaakt. Zij spraken bescheiden over hun arbeid en erkenden dat hun werk verbeterd kon worden wanneer betere bronnen beschikbaar zouden komen.

De Statenvertaling is gebaseerd op de Textus Receptus, een tekstuitgave die is samengesteld uit een beperkt aantal relatief late handschriften. Dat maakt haar historisch verklaarbaar en waardevol, maar niet onaantastbaar. Wie één vertaling verheft tot norm boven alle andere, vervangt Schriftgezag door vertaalgezag.

Onder de oppervlakte van de checklist ligt bovendien een patroon van verdachtmaking. Er wordt gesuggereerd dat moderne bijbels deel uitmaken van een bredere geestelijke misleiding. Soms wordt dit verbonden met oecumene, soms met Rome, soms met wereldwijde religieuze agenda’s. Er wordt echter geen mechanisme uitgelegd, geen historisch proces aangetoond en geen bewijs geleverd. Er is alleen insinuatie. Dat is geen argumentatie, maar complotdenken in vrome verpakking.

Verzwijgen

Wat de checklist structureel verzwijgt, is minstens zo veelzeggend als wat zij noemt. Zij zwijgt over de grote mate van overeenstemming tussen handschriften. Zij zwijgt over het feit dat de meeste tekstvarianten triviaal zijn. Zij zwijgt over de openheid waarmee moderne vertalingen tekstkeuzes verantwoorden in voetnoten en inleidingen. En zij zwijgt over het feit dat geen enkele kernleer van het christelijk geloof afhankelijk is van een betwiste tekstvariant.

Verwarring

De conclusie kan daarom niet anders zijn dan deze. De checklist “Vervalste Bijbels” verdedigt niet de Bijbel, maar een ideologisch standpunt. Zij verwart eerbied met angst, trouw met exclusiviteit en geloof met wantrouwen. Moderne bijbels zijn niet vervalst. Zij zijn het resultaat van eerlijke, controleerbare en historisch verantwoorde omgang met de bijbelse tekst.

De Statenvertaling is een monument van groot belang en verdient respect. Maar zij kan niet dienen als maatstaf waarmee alle andere bijbels als verdacht of vals worden weggezet. Wie werkelijk eerbied heeft voor Gods Woord, heeft geen angstzaaierij, geen verdachtmakingen en geen complottheorieën nodig om haar gezag te beschermen.

Een betrouwbare Bijbel: tekstoverlevering

Hoe betrouwbaar is de tekst van de Bijbel die we vandaag in handen hebben? Door de eeuwen heen zijn er verschillende manuscripten en vertalingen ontstaan, die soms van elkaar verschillen. Dit artikel onderzoekt de tekstgeschiedenis van de Bijbel, de verschillen tussen oude en nieuwe vertalingen, en wat dit betekent voor de betrouwbaarheid van de Schrift.

Hoe ontstonden verschillen in de Bijbeltekst?

In de eerste eeuwen na Christus werd de Bijbel met de hand gekopieerd door schrijvers (scribes). Dit leidde tot:

-Spelfouten en kleine varianten – Bijvoorbeeld verschillende schrijfwijzen van een woord.

-Onopzettelijke fouten – Kopiisten sloegen soms een regel over of voegden per ongeluk een woord toe.

-Bewuste aanpassingen – Sommige scribes maakten kleine correcties om de tekst duidelijker of doctrinair sterker te maken.

Hierdoor ontstonden verschillende teksttradities met variaties.

 

Voorbeeld: Het slot van Marcus (Marcus 16:9-20)

In de oudste manuscripten eindigt Marcus 16 bij vers 8.

Latere handschriften bevatten een langer slot, waarin Jezus zijn discipelen opdraagt te evangeliseren en waarin wonderen worden genoemd, zoals slangen oppakken en gif drinken zonder schade.

Moderne bijbelvertalingen zoals de NBV zetten dit lange slot tussen haakjes, omdat het waarschijnlijk een latere toevoeging is.

Wat betekent dit? Dit soort verschillen tonen aan dat sommige verzen later in de Bijbel zijn opgenomen en dat tekstkritiek nodig is om de oorspronkelijke woorden van de apostelen te achterhalen.

De belangrijkste teksttradities van het Nieuwe Testament

Byzantijnse Tekst (Textus Receptus) – Basis voor de Statenvertaling & KJV

Deze teksttraditie bevat toevoegingen en correcties die in latere manuscripten zijn ontstaan.

Vormt de basis voor de Statenvertaling (SV) en de King James Version (KJV).

Bevat verzen die in de oudste manuscripten ontbreken, zoals Johannes 5:4 (de engel die het water beroert) en Johannes 8:1-11 (de overspelige vrouw).

Alexandrijnse Tekst – Basis voor moderne vertalingen

Gebaseerd op oudere manuscripten, zoals de Codex Sinaiticus (4e eeuw) en Codex Vaticanus (4e eeuw).

Laat veel van de latere toevoegingen weg en wordt beschouwd als nauwkeuriger.

Wordt gebruikt in moderne vertalingen zoals de Nieuwe Bijbelvertaling (NBV) en Nestlé-Aland tekstkritische edities.

 

Teksttraditie                                           Kenmerken                                                                                                Gebruikt in

Byzantijnse Tekst (Textus Receptus)       Latere toevoegingen, grammaticale correcties, uitgebreidere tekst        Statenvertaling, KJV

Alexandrijnse Tekst                                 Korter, ouder, waarschijnlijk dichter bij het origineel                               NBV, Nestlé-Aland, HSV

 

De oudere teksten zoals de Alexandrijnse traditie zijn waarschijnlijk betrouwbaarder, terwijl de Statenvertaling en KJV extra verzen bevatten die oorspronkelijk niet in de Bijbel stonden.

 

Welke Bijbelverzen zijn mogelijk later toegevoegd?

Hier zijn twee bekende passages die waarschijnlijk later zijn toegevoegd:

Johannes 5:4 – De engel die het water beroert

In de Statenvertaling en KJV staat dat een engel neerdaalde en het water beroerde, waardoor de eerste die in het water kwam, genezen werd.

❌ Dit vers ontbreekt in de oudste manuscripten.

✅ Moderne vertalingen laten het weg of zetten het tussen haakjes.

 

Johannes 7:53 – 8:11 – De overspelige vrouw

Dit beroemde verhaal waarin Jezus zegt: “Wie zonder zonde is, werpe de eerste steen” komt niet voor in de oudste Griekse handschriften.

❌ Het is waarschijnlijk een latere toevoeging door een kopiist.

✅ Sommige manuscripten plaatsen het zelfs in Lucas in plaats van Johannes.

Wat betekent dit?

Deze passages bevatten geen nieuwe leer, maar ze laten zien dat sommige teksten later aan de Bijbel zijn toegevoegd.

 

Is de Bijbel nog steeds betrouwbaar?

Ja! Ondanks deze verschillen blijft de kernboodschap van de Bijbel volledig intact.

De leer over Jezus, redding door genade en de opstanding worden in alle manuscripten bevestigd.

Geen enkele leerstellige waarheid hangt volledig af van een betwist vers.

 

Dus geen paniek

Gebruik meerdere vertalingen, zoals de Statenvertaling, HSV en NBV.

Lees de Bijbel met kennis van de tekstgeschiedenis, zodat je begrijpt waarom sommige verzen ontbreken of tussen haakjes staan.

Vertrouw op de kern van het evangelie, die in alle manuscripten consistent is.

Welke vertaling moet je gebruiken?

Dit hangt af van je doel:

-Wil je een traditionele vertaling? → Statenvertaling of Herziene Statenvertaling (HSV).

-Wil je een nieuwe vertaling? → Nieuwe Bijbelvertaling (NBV) of Nestlé-Aland Grieks NT.

-Wil je de oorspronkelijke tekst bestuderen? → Interlineaire Bijbel met Grieks-Hebreeuwse teksten.

 

Oudere teksten zoals de Alexandrijnse traditie zijn waarschijnlijk betrouwbaarder.

De Statenvertaling en KJV bevatten toevoegingen die oorspronkelijk niet in de Bijbel stonden.

Geen enkele Bijbelvertaling is perfect, maar de boodschap blijft altijd intact.

De Bijbel blijft het Woord van God. De overlevering van de tekst is een complex proces geweest.

Tekstkritiek helpt ons om dichter bij de oorspronkelijke woorden van de apostelen te komen.

Which TR is the perfectly preserved one?

YouTube player

In de video wordt uitgelegd dat de Textus Receptus (TR) niet één enkele, foutloze tekst is, maar een verzameling van verschillende edities met varianten. De spreker bekritiseert de King James Only-beweging en stelt dat veel aanhangers de verschillen tussen TR-edities negeren, terwijl ze tegelijkertijd moderne tekstkritiek verwerpen.

Laten we deze claims toetsen aan historische bronnen, tekstkritiek en academisch onderzoek.

Is de Textus Receptus (TR) een enkele, foutloze tekst?

Claim: De TR is geen enkele tekst, maar bestaat uit meerdere edities die onderling verschillen.

Klopt. De TR is een verzameling edities van het Griekse Nieuwe Testament, gepubliceerd tussen de 16e en 17e eeuw. Belangrijke edities zijn:

  1. Erasmus (1516-1535) – gebaseerd op slechts 6-12 manuscripten, grotendeels uit de 12e-15e eeuw.
  2. Stefanus (1546-1551) – introduceerde versnummers in 1551.
  3. Beza (1565-1604) – werd gebruikt voor de King James Version (KJV).
  4. Elsevier (1633) – introduceerde de naam “Textus Receptus”.

Er zijn ten minste 28 verschillende TR-edities, en sommige varianten zijn nooit systematisch vergeleken.

De KJV-vertalers gebruikten meerdere TR-edities en namen soms afwijkende lezingen over.

De TR is niet gebaseerd op de oudste manuscripten (zoals de Codex Sinaiticus en Codex Vaticanus, beide uit de 4e eeuw).

Klopt. De TR is een verzameling van verschillende edities, niet één foutloze tekst.

Zijn de verschillen tussen TR-edities significant?

Claim: TR-edities verschillen van elkaar, soms op belangrijke punten.

Onderzoekers hebben duizenden verschillen tussen TR-edities vastgesteld, waaronder:

  • 1 Johannes 5:7 (“Komma Johanneum”) – niet in de oudste Griekse manuscripten, maar toegevoegd door Erasmus onder druk van de katholieke kerk.
  • Openbaring 22:19 (“Boek des levens” vs. “Boom des levens”) – Erasmus moest hier een Latijnse tekst terugvertalen naar het Grieks omdat hij geen Grieks manuscript had.
  • Handelingen 9:6 (“Heer, wat wilt Gij dat ik doe?”) – deze zin komt niet voor in de oudste Griekse manuscripten, maar is in de TR opgenomen.
  •  De KJV-vertalers kozen soms voor lezingen die in geen enkele TR-editie stonden, wat betekent dat geen enkele TR perfect overeenkomt met de KJV.

Scrivener (1881) reconstrueerde een TR die de keuzes van de KJV-vertalers weerspiegelde, maar dit betekent dat de “officiële” TR pas ná de KJV werd vastgesteld.

Klopt. Er zijn significante verschillen tussen TR-edities, en de KJV-vertalers kozen soms unieke lezingen.

Accepteren KJV-aanhangers verschillen tussen TR-edities, maar verwerpen ze moderne tekstkritiek?

Claim: KJV-aanhangers beschouwen verschillen tussen TR-edities als onbelangrijk, maar verwerpen kleine verschillen in moderne vertalingen.

  • Veel KJV-aanhangers zeggen dat de TR perfect is, maar specificeren niet welke editie ze bedoelen.
  •  Sommige KJV-voorstanders gebruiken Scrivener’s TR (1881), maar dit was een reconstructie achteraf.
  • Kleine varianten binnen de TR worden vaak genegeerd, terwijl kleine verschillen tussen de TR en moderne vertalingen fel worden bekritiseerd.

Veel KJV-aanhangers wijzen moderne tekstkritiek af, zelfs als de verschillen klein zijn.

Klopt.  KJV-aanhangers accepteren kleine verschillen binnen de TR, maar verwerpen soortgelijke varianten in moderne vertalingen.

Is de TR de meest betrouwbare Griekse tekst?

Claim: De TR is niet gebaseerd op de oudste en meest betrouwbare manuscripten.

De TR is gebaseerd op middeleeuwse manuscripten (12e-15e eeuw), terwijl modernere edities (zoals de Nestle-Aland) oudere en bredere manuscriptbewijzen gebruiken.

De oudste Griekse manuscripten (zoals de Codex Vaticanus en Codex Sinaiticus) zijn niet gebruikt in de TR, omdat Erasmus hier geen toegang toe had.

Moderne tekstkritiek gebruikt duizenden manuscripten, terwijl Erasmus slechts een handvol gebruikte.

Klopt. De TR is niet gebaseerd op de oudste en meest betrouwbare manuscripten.

Is de KJV de enige Bijbel die God heeft gegeven?

Claim: KJV-aanhangers beweren vaak dat de KJV de enige Bijbel is die door God is gegeven

Voor de KJV bestonden al eeuwenlang andere vertalingen die door God gebruikt werden, zoals:

  • De Septuaginta (Griekse vertaling van het Oude Testament, 3e eeuw v.Chr.)
  • De Latijnse Vulgaat (382 n.Chr.), gebruikt door Augustinus en de Middeleeuwse Kerk.
  • De Lutherbijbel (1522), die de Reformatie in Duitsland stimuleerde.

God heeft wereldwijd verschillende vertalingen gebruikt, niet alleen de KJV.

Klopt niet. God heeft meerdere vertalingen door de geschiedenis heen gebruikt.

✔️ De Textus Receptus (TR) is niet één enkele foutloze tekst, maar een aantal edities met onderlinge verschillen.
✔️ De King James Version (KJV) is gebaseerd op meerdere TR-edities. Er is geen “perfecte” TR die  één op één overeen komt met de KJV.
✔️ Er zijn duizenden verschillen tussen TR-edities, waarvan sommige theologisch relevant zijn.
✔️ KJV-aanhangers accepteren varianten binnen de TR, maar verwerpen kleine verschillen in nieuwe vertalingen, wat inconsequent is.
✔️ De TR is niet gebaseerd op de oudste manuscripten, terwijl moderne tekstkritiek betrouwbaardere bronnen gebruikt.
✔️ De KJV is niet de enige Bijbel die door God is gebruikt – eerdere en latere vertalingen vervullen ook een belangrijke rol.

De video geeft een goed onderbouwd beeld. De claim dat de KJV de enige perfecte Bijbel is, klopt niet.

Een goede vertaling is het wel. Als je hem gebruikt des te beter.

Zie ook: How Different Are the TR and the Critical Text? See for Yourself in English.

Zie ook: Which TR? Stephanus vs. Beza – KJV Parallel Bible

Checklist ‘Vervalste Bijbels’ van sv1637.org gecheckt: De claims

Checklist ‘Vervalste Bijbels’ van sv1637.org gecheckt

Het overzicht halverwege de “Checklist vervalste Bijbels” op sv1637.org  beweert dat moderne bijbelvertalingen opzettelijk teksten wijzigen, verwijderen of aanpassen om een “New Age Wereld Religie” te ondersteunen. Dit is een forse beschuldiging en tevens een zeer controversieel standpunt, dat gebaseerd is op tekstkritische verschillen tussen de Textus Receptus (TR), de Statenvertaling (SV), en de oudste beschikbare Griekse manuscripten (zoals de Codex Sinaiticus en Vaticanus).

Ik zal hieronder enkele belangrijke punten bespreken en uitleggen waarom deze verschillen bestaan.

Zijn nieuwe vertalingen vervalst?

Nee. Wat vaak gebeurt, is dat moderne vertalers de oudst beschikbare Griekse manuscripten gebruiken om hun vertalingen te baseren, terwijl oudere vertalingen zoals de Statenvertaling en de King James Version (KJV) vooral de Textus Receptus als basis hebben.

De Textus Receptus bevat latere toevoegingen, die waarschijnlijk door middeleeuwse kopiisten zijn ingevoegd. Moderne vertalers kiezen ervoor om alleen die teksten te gebruiken die in de oudste bronnen voorkomen, omdat zij dichter bij de oorspronkelijke tekst liggen.

Voorbeeld is het zogeheten Comma Johanneum:

1 Johannes 5:7-8 (“Want Drie zijn er, Die getuigen in den hemel: de Vader, het Woord en de Heilige Geest; en deze Drie zijn één.”)

Komt niet voor in de oudste Griekse manuscripten.

Komt wel voor in de Textus Receptus en de Latijnse Vulgaat.

Toegevoegd in de middeleeuwen en niet oorspronkelijk geschreven door Johannes.

Waarom ontbreken sommige woorden of zinnen?

Omdat ze in de oudste manuscripten niet staan.

Hier enkele voorbeelden uit de  lijst:

Openbaring 1:11 – “Ik ben de Alfa en de Omega, de Eerste en de Laatste”

ontbreekt in moderne vertalingen

Waarom?

In de oudste Griekse manuscripten (Codex Sinaiticus en Vaticanus) staat alleen:

“Schrijf wat je ziet in een boek en stuur het naar de zeven gemeenten.”

De langere versie komt pas voor in latere manuscripten en is waarschijnlijk een latere toevoeging.

Handelingen 8:37 – “Ik geloof dat Jezus Christus de Zoon van God is”

ontbreekt in moderne vertalingen

Waarom?

Dit vers komt niet voor in de oudste manuscripten.

Werd later toegevoegd door kopiisten om de bekering van de kamerling explicieter te maken.

Dit betekent niet dat de boodschap fout is, maar de toevoeging lijkt later te zijn ontstaan.

Kolossenzen 1:14 – “door Zijn bloed”

ontbreekt in moderne vertalingen

Waarom?

De oudste Griekse manuscripten zeggen:

“In Hem hebben wij de verlossing, namelijk de vergeving der zonden.”

De woorden “door Zijn bloed” zijn later toegevoegd om overeen te komen met Efeziërs 1:7.

Wordt Jezus minder benadrukt in nieuwe vertalingen?

Nee. De kern van de boodschap blijft in alle vertalingen behouden:

  • Jezus is de Zoon van God.
  • Jezus is de Redder van de wereld.
  • Jezus’ bloed brengt verlossing.
  • Jezus zal terugkomen.

Sommige woorden zoals “Christus”, “Heere”, of “Jezus” ontbreken in bepaalde verzen omdat ze niet in de oudste manuscripten staan. Dit betekent niet dat vertalers Jezus willen verbergen, maar dat ze trouw willen blijven aan de oorspronkelijke tekst.

Voorbeeld:

1 Korinthe 16:22

Statenvertaling: “Indien iemand den Heere Jezus Christus niet liefheeft, die zij een vervloeking; Maranatha!”

NBV: “Als iemand de Heer niet liefheeft, hij zij vervloekt. Maranatha!”

Waarom? “Jezus Christus” ontbreekt in de oudste manuscripten.

De boodschap blijft hetzelfde, maar moderne vertalingen volgen de oudst beschikbare tekst.

Wat is het probleem met de Textus Receptus?

  • De Textus Receptus is samengesteld uit middeleeuwse manuscripten en bevat fouten en toevoegingen.
  • De Textus Receptus werd in de 16e eeuw samengesteld door Erasmus, die slechts een paar middeleeuwse manuscripten gebruikte.

Veel moderne tekstwetenschappers geven de voorkeur aan de oudste manuscripten, omdat ze dichter bij de oorspronkelijke tekst staan.

Dit betekent dat sommige langere versies later zijn toegevoegd en dat moderne vertalingen deze weglaten om trouw te blijven aan de oorspronkelijke Bijbeltekst.

Is er een complot om de Bijbel te veranderen?

Nee. Moderne vertalingen proberen over het algemeen gesproken juist de Bijbel zo correct mogelijk te vertalen door de oudst beschikbare manuscripten te gebruiken.

De Statenvertaling en de King James Version (KJV) waren ooit ook moderne vertalingen in hun tijd!

De meeste “weglatingen” in moderne vertalingen komen doordat de oudste manuscripten korter zijn dan latere kopiën.

Jezus’ Goddelijkheid, het Evangelie en de kernboodschap blijven volledig intact in moderne vertalingen.

Welke vertaling moet ik gebruiken?

Dit hangt af van waar je waarde aan hecht:

  • Welke vertaling je al gebruikt
  • Wil je een vertaling die zo dicht mogelijk bij de oudste manuscripten blijft?

Kies de Herziene Statenvertaling (HSV), Nieuwe Bijbelvertaling (NBV), of de Naardense Bijbel.

  • Wil je een vertaling die trouw blijft aan de Statenvertaling en de Textus Receptus?

Kies de Statenvertaling (SV) of de King James Version (KJV).

Er is geen “duivelse” of “heilige” vertaling— de meeste vertalingen proberen de Bijbel zo goed mogelijk weer te geven! Enkele uitzonderingen zijn wel goed om te noemen.

  • De “Nieuwe Wereldvertaling van het Wachttorengenootschap voegt toe en laat weg waar het de leer van de Jehovahsgetuigen past. De persoon van Jezus Christus wordt gebagatelliseerd. Pas op! Niet aan te raden voor Bijbelstudie!
  • “The Message” is eigenlijk geen vertaling maar een parafrase, en bovendien herschreven door één persoon: Eugene Peterson.(!!) Niet aan te raden voor Bijbelstudie!

Samengevat

Is er hier een New Age complot? Nee.

  • Nieuwe vertalingen volgen de oudste manuscripten.
  • Het Evangelie van Jezus Christus blijft behouden in deze vertalingen.

Veel mensen denken dat “weglatingen” een complot zijn, maar in werkelijkheid wordt de Bijbel juist nauwkeuriger vertaald op basis van de beste beschikbare bronnen. De Statenvertaling is een geweldige vertaling, maar gebaseerd op de Textus Receptus, die latere toevoegingen bevat.

Wil je de meest accurate weergave van de Bijbel? Gebruik meerdere vertalingen naast elkaar en bestudeer de context!

Lees ook op de site van Dirk-Jan Jansen : Is de Telosvertaling corrupt? | dirkjanjansen.nl

Wes Huff on Text Criticism

YouTube player

In deze video interviewt Ruslan KD Wes Huff, een Bijbelexpert en apologeet. Ze bespreken een breed scala aan onderwerpen, waaronder de geschiedenis van de Bijbel, het belang van tekstkritiek en de uitdagingen om het christendom te verdedigen in een seculier tijdperk.

Een van de belangrijkste thema’s van het interview is het belang van het begrijpen van de historische en culturele context van de Bijbel. Huff stelt dat veel van de controverses rond de Bijbel voortkomen uit een gebrek aan begrip van deze kwesties. Hij legt bijvoorbeeld uit dat de Bijbel oorspronkelijk niet in het Engels, maar in het Hebreeuws, Grieks en Aramees is geschreven. Dit betekent dat veel van de nuances van de tekst verloren gaan in vertaling.

Huff bespreekt ook het belang van tekstkritiek. Hij legt uit dat de Bijbel eeuwenlang vele malen is gekopieerd en herzien, en dat er onvermijdelijk fouten in de tekst zijn geslopen. Tekstcritici gebruiken een verscheidenheid aan methoden om deze fouten te identificeren en te corrigeren.

Een ander onderwerp wat Huff bespreekt is de uitdaging om het christendom te verdedigen in een seculier tijdperk. Hij beweert dat christenen in staat moeten zijn om de kritiek op hun geloof op een doordachte en respectvolle manier aan te pakken. Hij benadrukt ook het belang van het leven van je geloof op een manier die authentiek en overtuigend is.

Al met al is dit een fascinerend en informatief interview. Het is een must-see voor iedereen die meer wil weten over de Bijbel en het christendom.

Hier zijn enkele van de belangrijkste inzichten uit het interview:

* De Bijbel was oorspronkelijk niet in het Engels, maar in het Hebreeuws, Grieks en Aramees geschreven.

* Tekstkritiek is een belangrijk hulpmiddel om de Bijbel te begrijpen.

* Christenen moeten in staat zijn om de kritiek op hun geloof op een doordachte en respectvolle manier te weerleggen.

* Het is belangrijk om je geloof op een manier te leven die authentiek en overtuigend is.

KJV only-ism en haar pleitbezorgers

Vervolg op mijn vorige artikel Extreme opvattingen op het christelijke erf: “Ruckmanisme”.

Beschuldigingen tegen moderne Bijbelvertalingen

G.A. Riplinger is een bekende figuur binnen de King James Only-beweging, een stroming die stelt dat de King James Version (KJV) de enige zuivere Engelse Bijbelvertaling is. Haar boek New Age Bible Versions  (1993) is een van de meest invloedrijke werken binnen deze beweging. In dit boek beweert Riplinger dat moderne bijbelvertalingen, zoals de NIV, NASB en ESV, beïnvloed zijn door het occultisme en de New Age-beweging. Hoewel deze beschuldigingen veel aanhang hebben onder fundamentalistische christenen, vertoont haar eigen methodologie opvallende overeenkomsten met occulte technieken.

Riplinger beweert onder andere:

  • Westcott en Hort, de grondleggers van de moderne tekstkritiek, waren occultisten en spiritisten. Volgens haar waren zij betrokken bij paranormale praktijken en seances. Historisch onderzoek toont echter aan dat deze beschuldigingen  overdreven danwel misleidend zijn.
  • Moderne vertalingen gebruiken “magische methoden” en bevatten verborgen codes die samenzweren tegen christelijke doctrines.
  • Sommige vertalers hadden banden met de New Age-beweging, wat zou hebben geleid tot een afzwakking van de goddelijkheid van Christus en andere belangrijke leerstellingen.

Veel theologen en tekstcritici verwerpen Riplinger’s claims als ongefundeerd en sensationeel. Toch blijven haar ideeën populair binnen bepaalde christelijke kringen.

Occulte elementen in Riplinger’s eigen werk

Ironisch genoeg vertoont Riplinger’s eigen methodologie opvallende overeenkomsten met occulte technieken:

1. Numerologie en verborgen kennis

In New Age Bible Versions gebruikt Riplinger numerologie om te bewijzen dat moderne vertalingen “demonische” invloeden hebben. Ze analyseert namen van vertalers en hun numerieke waarden om patronen te suggereren. Dit doet denken aan kabbalistische gematria, een methode die in het occultisme wordt gebruikt om verborgen betekenissen te ontdekken.

2. Automatisch schrift

Riplinger beweerde ooit dat haar boek New Age Bible Versions zonder enige bewuste planning door haar werd geschreven, alsof ze geleid werd door een hogere kracht. Dit lijkt sterk op automatisch schrijven, een techniek die vaak geassocieerd wordt met spiritisme en het channelen van bovennatuurlijke entiteiten.

3. Manipulatieve argumentatiemethoden

Haar schrijfstijl is sensationeel en emotioneel geladen, wat vergelijkbaar is met de manier waarop esoterische bewegingen hun volgers overtuigen. Ze baseert haar conclusies vaak op vage beweringen en angstzaaierij in plaats van op gedegen tekstkritiek.

Controversiële leringen van Riplinger

Naast haar kritiek op moderne bijbelvertalingen heeft Riplinger ook enkele omstreden leerstellingen verkondigd:

  • KJV als “geïnspireerde vertaling”: Ze beweert dat de King James Version niet alleen een goede vertaling is, maar ook geïnspireerd op dezelfde manier als de originele Bijbelse manuscripten. Dit gaat verder dan wat zelfs veel King James Only-aanhangers geloven.
  • Verdachtmaking van Griekse en Hebreeuwse teksten: Ze suggereert dat christenen de originele Bijbelse talen niet nodig hebben, omdat de KJV superieur zou zijn aan de oorspronkelijke manuscripten. Dit druist in tegen de meeste orthodoxe opvattingen over Bijbeluitleg.
  • Extreme King James Only-standpunten: In sommige van haar werken beweert ze dat mensen die andere vertalingen gebruiken de Bijbel verdraaien en mogelijk geestelijk misleid zijn.

Hoewel Riplinger zichzelf presenteert als een bestrijder van het occultisme, vertoont haar methodologie opvallende gelijkenissen met esoterische technieken. Haar gebruik van numerologie, verborgen codes en automatisch schrijven roept vragen op over haar eigen claim op orthodoxe christelijke leerstellingen.

Hoewel ze veel volgers heeft binnen de King James Only-beweging, blijft haar werk omstreden en wordt het door academische theologen en tekstcritici beschouwd als misleidend en pseudo-wetenschappelijk. De ironie is dat haar methode meer lijkt op de occulte praktijken die ze beweert te bestrijden dan op serieuze Bijbelstudie.

Materiaal ter inzage

Via archive.org is het mogelijk om diverse materialen van Riplinger in te zien en kostenloos te downloaden.

Bijvoorbeeld het boek “Greek and Hebrew Study Dangers”

1220 pagina’s vuilspuiterij en zwartmakerij. Deze theorie gaat zo ver, dat mevrouw beweert, dat “Bijbelvertalingen in andere talen uitsluitend dienen te geschieden vanuit de King James Bible”.

Ook wordt in dit boek, wat ook verkrijgbaar is via sv1637.org , betwist dat het Nieuwe Testament in het Grieks tot ons is gekomen.

Heb je dan het lek boven?

Extreme opvattingen op het christelijke erf: “Ruckmanisme”.

Peter Ruckman en de controverse rondom zijn visie op bijbelvertalingen en andere gelovigen

Geen vermakelijk onderwerp, wel belangrijk.

Peter Ruckman (1921–2016) was een Amerikaanse predikant en theoloog, bekend om zijn extreme standpunten over de King James Version (KJV) en zijn felle aanvallen op andere Bijbelvertalingen en stromingen binnen het christendom. Hij wordt beschouwd als een van de meest radicale vertegenwoordigers van het KJV-Only-standpunt, dat stelt dat de King James Version de enige ware en onfeilbare Bijbel is. Dit artikel geeft een gedetailleerd overzicht van zijn leerstellingen, de controverse daarover en de belangrijkste argumenten tegen zijn standpunten. Ook kijken we kort naar een Nederlandse variant, de Statenvertaling alléén stroming, die parallellen laat zien.

De leer over de KJV

Peter Ruckman beweerde dat de King James Version (1611) niet slechts een betrouwbare vertaling was, maar dat deze superieur was aan de oorspronkelijke Hebreeuwse en Griekse manuscripten. Zijn belangrijkste claims waren:

De KJV is door God geïnspireerd: Hij stelde dat God niet alleen de oorspronkelijke manuscripten inspireerde, maar ook de Engelse vertaling van de KJV.

De KJV is superieur aan de originele teksten: Volgens Ruckman hadden de vertalers van de KJV extra openbaring ontvangen, waardoor hun werk foutloos was en zelfs correcties aanbracht op de oorspronkelijke tekst.

Andere vertalingen zijn corrupt: Hij beschouwde moderne Bijbelvertalingen zoals de NIV, ESV en NASB als satanisch geïnspireerd en onbetrouwbaar.

Moderne tekstkritiek is afvallig: Hij verwierp de Alexandrijnse tekstfamilie (zoals de Codex Sinaiticus en Codex Vaticanus) en hield zich exclusief vast aan de Textus Receptus, de Griekse tekstbasis van de KJV.

Deze opvattingen leidden ertoe dat hij scherpe kritiek had op theologische seminaries, Bijbelgeleerden en zelfs andere fundamentalistische christenen die niet volledig zijn KJV-standpunt onderschreven.

De gevolgen

De invloed van Ruckman’s leer was groot binnen bepaalde fundamentalistische kringen, maar leidde ook tot veel controverse:

  • Tweespalt : Zijn scherpe veroordeling van andere vertalingen en theologieën veroorzaakte scheuringen in kerken en Bijbelscholen.
  • Anti-intellectualisme: Ruckman verwierp wetenschappelijk Bijbelonderzoek en tekstkritiek als demonisch en afvallig.
  • Polarisatie binnen het christendom: Zijn agressieve en polemische stijl maakte hem tot een controversieel figuur, zelfs onder andere KJV-Only-aanhangers.

Kritiek

De meeste theologen en Bijbelwetenschappers wijzen Ruckman’s KJV-Only-leer af om meerdere redenen:

De KJV is een vertaling, geen geïnspireerde openbaring

  • De Bijbel werd oorspronkelijk geschreven in Hebreeuws, Aramees en Grieks, niet in 17e-eeuws Engels.
  • De vertalers van de KJV erkenden zelf dat hun werk een vertaling was en geen nieuwe openbaring van God.
  • Als de KJV de enige zuivere Bijbel zou zijn, zou dat impliceren dat de kerk vóór 1611 geen betrouwbare Bijbel had, wat theologisch onhoudbaar is.

De KJV is gebaseerd op jongere manuscripten

  • De KJV is gebaseerd op de Textus Receptus, een verzameling Griekse manuscripten uit de Middeleeuwen.
  • Moderne tekstkritiek heeft toegang tot oudere en betrouwbaardere manuscripten, zoals de Codex Sinaiticus en Codex Vaticanus (4e eeuw).
  • Het idee dat de KJV superieur is aan oudere Griekse en Hebreeuwse manuscripten is onhoudbaar.

De KJV bevat óók vertaalfouten en tekstuele problemen

  • De KJV bevat toevoegingen die niet in de oudste manuscripten voorkomen, zoals 1 Johannes 5:7-8 (Comma Johanneum), een tekst die in de KJV wel staat maar in oudere Griekse manuscripten ontbreekt.
  • Sommige woorden en uitdrukkingen in de KJV zijn verouderd en onduidelijk, zoals “unicorn” (Job 39:9-10), wat eigenlijk “wilde os” betekent.
  • Moderne vertalingen corrigeren deze fouten en gebruiken over het algemeen de best beschikbare manuscripten.

Andere vertalingen zijn óók betrouwbaar en accuraat

  • Moderne vertalingen zoals de ESV, NIV en NASB worden vertaald door teams van deskundigen en gebruiken meer en oudere manuscripten dan de KJV-vertalers hadden.
  • Het idee dat alleen de KJV betrouwbaar is, is eerder gebaseerd op traditie en emotie dan op feitelijk bewijs.

Waarom toch steun

Ondanks de vele problemen met zijn leer, zijn er nog steeds mensen die het KJV-Only-standpunt verdedigen. Enkele redenen hiervoor zijn:

  1. Wantrouwen tegenover moderne theologie: Sommige christenen geloven dat moderne Bijbelwetenschap de Schrift ondermijnt.
  2. Traditie en emotionele gehechtheid: De KJV is voor veel mensen de Bijbel waarmee ze zijn opgegroeid.
  3. Fundamentalistische leer: In sommige kerken wordt geleerd dat de KJV de enige betrouwbare Bijbel is en dat alle andere vertalingen corrupt zijn.

Overeenkomsten met ‘Statenvertaling-alleen’

Er zijn sterke parallellen tussen Ruckmanisme en de Nederlandse ‘Statenvertaling-alleen’-beweging, zoals vertegenwoordigd door onder anderen Nico Verhoef:

  • Beide bewegingen zien slechts één specifieke vertaling (KJV of SV 1637) als de enige ware Bijbel.
  • Beide bewegingen verwerpen moderne vertalingen als corrupt en onbetrouwbaar.
  • Beide bewegingen zijn fel gekant tegen moderne tekstkritiek en verdedigen de Textus Receptus.
  • Beide bewegingen hanteren een polemische stijl tegen tegenstanders.

 

Overeenkomsten tussen Ruckmanisme en Statenvertaling alleen *

Kenmerk Peter Ruckman (KJV-Only) Nico Verhoef (SV-Only)
Exclusieve Bijbelvertaling Alleen de King James Version (KJV) is Gods zuivere Woord Alleen de Statenvertaling (SV 1637) is betrouwbaar
Verwerping van moderne vertalingen Moderne vertalingen (NIV, ESV, NASB) zijn corrupt en door Satan beïnvloed De Herziene Statenvertaling (HSV) en andere moderne vertalingen zijn een vervalsing
Verwerping van tekstkritiek Tekstkritiek en gebruik van oudere manuscripten (Alexandrijnse tekst) zijn verkeerd en afvallig Gebruik van moderne tekstkritiek wordt afgewezen, Textus Receptus is de enige juiste basis
Strijd tegen theologische instituties Seminaries en geleerden die moderne vertalingen ondersteunen, worden als afvallig beschouwd Kritiek op theologische instellingen en geleerden die HSV en andere vertalingen promoten
Polemische stijl Zeer agressieve en confronterende stijl, noemt tegenstanders afvalligen Verhoef is eveneens fel in zijn kritiek en waarschuwt voor satanische invloed in moderne vertalingen

 Belangrijkste verschillen

Kenmerk Peter Ruckman (KJV-Only) Nico Verhoef (SV-Only)
Theologie Hyper-dispensationalisme, waarbij redding op verschillende manieren werkte in verschillende tijdperken Klassiek calvinistisch protestantisme met baptistische invloeden
Taalfocus Verdedigt een Engelse vertaling als superieur aan de grondteksten Verdedigt een Nederlandse vertaling als de enige juiste
Achtergrond Komt uit een Amerikaanse fundamentalistische baptistentraditie Komt uit de gereformeerde en baptistische traditie in Nederland
Het belangrijkste verschil is dat Ruckman een hyper-dispensationalistische theologie had, terwijl Verhoef zich baseert op calvinistisch-baptistische principes.

Samenvatting

Peter Ruckman’s verdediging van de King James Version en zijn afwijzing van alle andere vertalingen is onhoudbaar op zowel theologisch als historisch gebied. Zijn bewering dat de KJV een door God geïnspireerde vertaling is die zelfs superieur is aan de oorspronkelijke manuscripten, is door de volgende feiten weerlegd:

  1. De Bijbel werd oorspronkelijk geïnspireerd in Hebreeuws, Aramees en Grieks, niet in 17e-eeuws Engels.
  2. De Textus Receptus is een verzameling jongere manuscripten en bevat toevoegingen die niet in oudere bronnen voorkomen.
  3. Moderne vertalingen zijn gebaseerd op betere bronnen en methoden, waardoor ze vaak nauwkeuriger zijn dan de KJV.

Hoewel de KJV een belangrijk historisch document is en een grote invloed heeft gehad, moet het worden gezien als wat het werkelijk is: een vertaling en niet een nieuwe openbaring van God. Gelovigen doen er goed aan om een evenwichtige benadering te kiezen die recht doet aan zowel de geschiedenis van de Bijbel als het onderzoek naar de oorspronkelijke tekst.

Kortom, Peter Ruckman’s leerstellingen blijven controversieel, en worden breed afgewezen als extreem, foutief en misleidend.

“Dat is ruk, man!😂”

*Now to the people I know, Henk Thomassen and Nico Verhoef, both of which have connections to Ruckman, Riplinger and Chick.
I know of Verhoef that he has attended Ruckman bible school at Pensacola in Florida, Thomassen did not do this, but did an at home study course.
They teach “a pure bible in one’s own language onlyism”, which sound great and better, but is riddled with other problems.
Thomassen told me that Ruckman and Riplinger did back this initiative.
Given the documentation of Ruckman’s behaviour and his advocation of silent omission with regards to students of his that want financial backing of people that reject Ruckman, and the evidence that Riplinger may be an occultist, I doubt that is actually the case and they are duped.

But given what I have observed from them personally and from Ruckmanites in the US that have gone into even more heresy and apostasy, I cannot rule out that to some extent I was lied to from them and deceived by them as well, the deceived leadership deceiving the deceived followers.
While they do teach a lot of good stuff, it is the KJVO and “a pure bible in one’s own language onlyism” that is the portal into even bigger heresies they also teach and bring in subtil and privily. (Bron)

zie ook:

Wanneer Bijbelverdediging omslaat in intimidatie

KJV only-ism en haar pleitbezorgers

Ten ways to avoid Ruckmanism

Van Ruckman naar SV1637

Peter Ruckman en de mythe van feilloos KJV‑Engels

Waarom de Statenvertaling verschilt van de King James Version

Vervalste Bijbels… zijn ‘moderne’ Bijbels vervalst?

Wat is ‘King James Onlyism’?

Een betrouwbare Bijbel: tekstoverlevering

Waar komt de term “Textus Receptus” vandaan?

De KJV-only en Statenvertaling alléén controverse ontzenuwd

Checklist ‘Vervalste Bijbels’ van sv1637.org gecheckt: De claims

Statenvertaling en King James Version, kleine tekstverschillen, grote eenheid

Geverifieerd door MonsterInsights