Het gekrookte riet zal Hij niet verbreken; Jesaja 42 en het hart van God

Wat deze woorden onthullen over het hart van God

Soms staan er in de Bijbel zinnen die zo eenvoudig lijken dat we bijna over hun diepte heen lezen. Eén daarvan is de beroemde uitspraak uit Jesaja over de komende Messias:

“Het gekrookte riet zal Hij niet verbreken, en de rokende vlaswiek zal Hij niet uitblussen; naar waarheid zal Hij het recht voortbrengen.”
(Jesaja 42:3, STV)

Deze woorden worden in het Nieuwe Testament rechtstreeks op Jezus toegepast:

“Het gekrookte riet zal Hij niet verbreken, en de rokende vlaswiek zal Hij niet uitblussen, totdat Hij het oordeel zal uitbrengen tot overwinning.”
(Mattheüs 12:20, STV)

Dit is geen losse dichterlijke uitspraak. Het is een openbaring van de aard van God Zelf. Want wie Christus ziet, ziet de Vader.

“Die Mij gezien heeft, die heeft den Vader gezien.”
(Johannes 14:9, STV)

Wat leren deze woorden dan over God?

Een God Die niet breekt wat al geknakt is

Een rietstengel die geknakt is, heeft in de praktijk geen waarde meer. In de oudheid werd zo’n stengel simpelweg afgebroken en weggegooid.

Het beeld staat voor mensen die innerlijk gebroken zijn.

Mensen die:

  • onder schuld gebukt gaan
  • hun eigen zwakheid kennen
  • geestelijk uitgeput zijn
  • geen kracht meer in zichzelf vinden

De natuurlijke reactie van mensen is vaak hard.
Wie zwak is, wordt al snel afgeschreven.

Maar de Heer doet het tegenovergestelde.

Hij verbreekt het gekrookte riet niet.

Dat is geen romantisch detail. Het laat zien dat God niet werkt volgens de harde logica van de wereld. Waar mensen breken wat zwak is, begint God juist Zijn werk.

Daarom zegt Christus ook:

“Komt herwaarts tot Mij, allen die vermoeid en belast zijt, en Ik zal u rust geven.”
(Mattheüs 11:28, STV)

Een bijna uitgedoofde vlam

Het tweede beeld is minstens zo mooi en sterk

Een vlaswiek was de pit van een olielamp. Als een lamp bijna uit was, bleef er slechts een zwakke gloed over met wat rook.

Voor het dagelijks gebruik was zo’n pit waardeloos. De eenvoudigste oplossing was: uitknijpen en vervangen.

Maar de Here Jezus doet dat niet.

Hij blust de rokende vlaswiek niet uit.

Dat beeld spreekt over mensen bij wie levend geloof nauwelijks nog zichtbaar is. Misschien is er alleen nog een klein restje hoop. Misschien is er alleen nog een zwakke gloed van verlangen naar God.

Voor de wereld stelt dat niets voor.

Maar Christus ziet wat anderen niet zien.

Hij ziet de vonk die nog niet helemaal gedoofd is.

Gods macht is niet hard

Bij mensen gaan macht en hardheid vaak samen. Sterke mensen drukken zwakke mensen aan de kant Autoriteit wordt gebruikt om te domineren.

Maar Jesaja laat een heel ander beeld zien.

“Hij zal niet schreeuwen, noch Zijn stem verheffen, noch Zijn stem op de straat horen laten.”
(Jesaja 42:2, STV)

Gods kracht is niet luidruchtig. Zijn gezag hoeft zich niet te bewijzen door geweld of pressie uit te oefenen.

Dat zegt iets fundamenteels over Gods karakter.

Hij is niet nerveus.
Hij is niet driftig.
Hij is niet onzeker.

Gods macht is heilig, rustig en doelgericht.

God ziet wat mensen niet zien

Een rokende vlaswiek lijkt nutteloos. Maar God ziet meer dan de buitenkant.

Hij ziet een klein restje leven waar anderen alleen rook zien.

Dat principe komt door de hele Schrift terug.

“De HEERE is nabij de gebrokenen van hart, en Hij behoudt de verslagenen van geest.”
(Psalm 34:19, STV)

God kijkt anders dan wij.

Waar mensen mislukking zien, ziet Hij een hart dat gebroken is.
Waar mensen zwakte zien, ziet Hij ruimte voor genade.

Zachtmoedigheid betekent geen zwakte

Het is belangrijk dit goed te begrijpen.

Jesaja zegt niet alleen dat de Verlosser het gekrookte riet niet verbreekt.

De tekst zegt ook:

“naar waarheid zal Hij het recht voortbrengen.”
(Jesaja 42:3, STV)

En verder:

“Hij zal niet verdonkerd worden, en Hij zal niet verbroken worden, totdat Hij het recht op aarde zal hebben besteld.”
(Jesaja 42:4, STV)

Gods genade betekent dus niet dat waarheid verdwijnt.

God is niet sentimenteel.
Hij is heilig én genadig.

Zijn ontferming staat altijd in verbinding met Zijn recht.

Dat wordt uiteindelijk zichtbaar in het Evangelie. God redt zondaren niet door Zijn gerechtigheid te negeren, maar doordat Christus het oordeel draagt.

“Opdat Hij rechtvaardig zij, en rechtvaardigende dengene, die uit het geloof van Jezus is.”
(Romeinen 3:26, STV)

God heeft geen plezier in vernietiging

De Bijbel laat steeds zien dat God geen vreugde heeft in het verder breken van mensen.

“Want Hij plaagt of bedroeft des mensen kinderen niet van harte.”
(Klaagliederen 3:33, STV)

En elders:

“Zo waarachtig als Ik leef, spreekt de Heere HEERE, zo Ik lust heb in den dood des goddelozen! maar daarin heb Ik lust, dat de goddeloze zich bekere van zijn weg en leve.”
(Ezechiël 33:11, STV)

Gods hart ligt bij herstel.

Hij geneest.
Hij richt op.
Hij doet leven.

Het gekrookte riet

Wie eerlijk naar zichzelf kijkt, ontdekt dat deze beelden eigenlijk over ons allemaal gaan.

Wij zijn geen sterke lampen die helder branden.
Wij zijn eerder rokende pitten.

Wij zijn geen rechte rietstengels.
Wij zijn eerder geknakte stengels.

En juist daarom is deze tekst zo kostbaar.

Onze hoop rust niet op de kracht van onze vlam, maar op de trouw van Degene die haar bewaart.

“Indien wij ontrouw zijn, Hij blijft getrouw; Hij kan Zichzelven niet verloochenen.”
(2 Timótheüs 2:13, STV)

Het hart van God

Het beeld van het gekrookte riet en de rokende vlaswiek laat iets zien van Gods hart.

Hij is:

  • heilig zonder hard te zijn
  • machtig zonder wreed te zijn
  • rechtvaardig zonder genade te verliezen
  • genadig zonder waarheid los te laten

Hij breekt niet wat al gebroken is.
Hij dooft niet wat nog nauwelijks gloeit.

Dat is geen zwakte.

Dat is de heerlijkheid van God.

De gebeurtenissen rond de Grote Verdrukking #1 de Opname van de Gemeente

De opname van de Gemeente komt eerst: waarom de wereld de Grote Verdrukking niet ziet aankomen

De gebeurtenis vóór de Grote Verdrukking

Wanneer Christenen spreken over de eindtijd verplaatst de focus vaak meteen naar de Grote Verdrukking. Films, boeken en preken schilderen een periode van wereldwijde chaos, oorlog en oordeel.

Maar volgens de Schrift gaat aan deze periode een andere gebeurtenis vooraf die vaak vergeten wordt of verkeerd wordt begrepen: de opname van de Gemeente.

Om de profetieën over de eindtijd goed te begrijpen moeten we daarom eerst kijken naar deze gebeurtenis.

Wat de opname van de Gemeente is

De opname wordt duidelijk beschreven door de apostel Paulus.

“Daarna wij, die levend overgebleven zijn, zullen te zamen met hen opgenomen worden in de wolken, den Heere tegemoet in de lucht; en alzo zullen wij altijd met den Heere wezen.”
(1 Thessalonicenzen 4:17, STV)

Paulus beschrijft hier een moment waarop gelovigen plotseling worden opgenomen om Christus te ontmoeten in de lucht.

Dit gebeurt wanneer:

  • de doden in Christus eerst opstaan
  • levende gelovigen worden veranderd
  • de Gemeente Christus tegemoet gaat

Het gaat dus om een plotselinge wegneming van de Gemeente.

Een verborgenheid die Paulus openbaart

Paulus noemt deze gebeurtenis een verborgenheid.

“Ziet, ik zeg u een verborgenheid: wij zullen wel niet allen ontslapen, maar wij zullen allen veranderd worden.”
(1 Korinthe 15:51, STV)

Hij beschrijft vervolgens hoe snel dit gebeurt.

“In een punt des tijds, in een ogenblik, met de laatste bazuin.”
(1 Korinthe 15:52, STV)

De opname gebeurt dus plotseling en onverwacht., in een ‘ondeelbaar ogenblik’ 

Waarom vóór de Grote Verdrukking

Dit gegeven is voor veel mensen niet duidelijk; de reden waarom.

De Bijbel zegt dat de Gemeente niet bestemd is voor de komende oordelen.

Paulus schrijft:

“En Zijn Zoon uit de hemelen te verwachten, Dien Hij uit de doden opgewekt heeft, namelijk Jezus, Die ons verlost van den toekomenden toorn.”
(1 Thessalonicenzen 1:10, STV)

En:

“Want God heeft ons niet gesteld tot toorn, maar tot verkrijging der zaligheid door onzen Heere Jezus Christus.”
(1 Thessalonicenzen 5:9, STV)

De oordelen van de eindtijd worden in Openbaring juist beschreven als de toorn van God.

“Verberg ons voor het aangezicht Desgenen, Die op den troon zit, en voor den toorn des Lams.”
(Openbaring 6:16, STV)

Daarom leert de Schrift dat Christus Zijn Gemeente wegneemt voordat deze periode begint.

Een belangrijk onderscheid

Veel verwarring ontstaat doordat men de opname van de Gemeente verwart met de wederkomst van Christus.

Bij de opname:
  • ontmoeten gelovigen Christus in de lucht
  • Christus komt niet op aarde
  • het vde Gemeente wordt tot Hem opgenomen
Bij de wederkomst:

“En zij zullen den Zoon des mensen zien komen op de wolken des hemels met grote kracht en heerlijkheid.”
(Mattheüs 24:30, STV)

Dan komt Christus zichtbaar naar de aarde.

HUIDIGE TIJD
De Gemeente op aarde
│
│
▼
OPNAME VAN DE GEMEENTE
(1 Thessalonicenzen 4:17)

Gelovigen worden opgenomen
om Christus in de lucht te ontmoeten

│
│
▼
BEGIN LAATSTE JAARWEEK VAN DANIEL
(Daniël 9:27)

Eerste periode – 3,5 jaar

• politieke stabiliteit
• schijnvrede
• opkomst wereldleider
• eerste oordelen

│
│
▼
GRUWEL DER VERWOESTING
(Mattheüs 24:15)

Keerpunt in de profetie

│
│
▼
GROTE VERDRUKKING – 3,5 JAAR
(Mattheüs 24:21)

• wereldwijde vervolging
• oordelen van God
• macht van het beest
• tijd der benauwdheid voor Jakob

│
│
▼
WEDERKOMST VAN CHRISTUS
(Mattheüs 24:30)

Christus verschijnt zichtbaar
en vestigt Zijn Koninkrijk

Misverstanden over de opname

Er bestaan verschillende misverstanden.

Sommigen zeggen dat het idee van de opname een moderne uitvinding is. Toch staat de beschrijving letterlijk in de brieven van Paulus.

Anderen denken dat de Gemeente door de Grote Verdrukking moet gaan. Maar het Nieuwe Testament benadrukt juist dat gelovigen niet gesteld zijn tot toorn.

De opname vormt daarom de overgang tussen het huidige tijdperk van de Gemeente en het verdere profetische programma van God met Israël.

In het volgende blog zullen we de eerstvolgende periode bespreken: de Grote Verdrukking

Waarom Christenen zich beter verre kunnen houden van politiek

Wanneer ‘de kerk’ naar macht grijpt

Onder Christenen heerst soms de overtuiging dat ze maatschappelijke en politieke invloed moeten zoeken. Men spreekt over het “heroveren van cultuur”, over christelijke politiek, of zelfs over het “regeren van de zeven bergen” van de samenleving: politiek, media, onderwijs, economie, kunst, religie en gezin.

Het klinkt aantrekkelijk. Als christenen meer macht krijgen, ‘kan de samenleving misschien rechtvaardiger worden.’

Maar het Nieuwe Testament laat een heel ander beeld zien.

De apostelen riepen de gemeente nergens op om de wereld te regeren. Integendeel: zij waarschuwen juist voor het vermengen van het Koninkrijk van God met de structuren van deze wereld.

Het Koninkrijk van Christus is niet politiek

Jezus zelf maakte dit onderscheid volkomen duidelijk toen Hij voor Pilatus stond.

“Jezus antwoordde: Mijn Koninkrijk is niet van deze wereld; indien Mijn Koninkrijk van deze wereld ware, zo zouden Mijn dienaars gestreden hebben, opdat Ik den Joden niet ware overgeleverd; maar nu is Mijn Koninkrijk niet van hier.”
(Johannes 18:36, STV)

Deze woorden zijn radicaal.

Christus is wel degelijk Koning. Maar Zijn Koninkrijk wordt niet gevestigd via politieke macht, maatschappelijke dominantie of menselijke structuren.

Het groeit door bekering. 

Niet door partijprogramma’s
Niet door verkiezingen.
Niet door parlementen
Niet door politieke strategie.

De eerste christenen hadden geen politieke macht

De eerste christenen leefden onder het Romeinse rijk. Zij hadden geen politieke vertegenwoordiging, geen invloed op wetten en geen maatschappelijke macht.

Toch veranderde het evangelie de wereld.

Niet omdat christenen de macht veroverden, maar omdat het evangelie mensen veranderde.

“Die ons getrokken heeft uit de macht der duisternis, en overgezet heeft in het Koninkrijk van den Zoon Zijner liefde.”
(Kolossenzen 1:13, STV)

De Bijbel leert dat echte verandering begint bij het hart, niet bij het systeem.

Politiek kan wetten veranderen.
Het evangelie verandert mensen.

De gemeente is een volk van vreemdelingen

Het Nieuwe Testament beschrijft christenen niet als bouwers van een christelijke samenleving, maar als pelgrims in een wereld die God niet kent.

“Geliefden, ik vermaan u als inwoners en vreemdelingen, dat gij u onthoudt van de vleselijke begeerlijkheden, welke krijg voeren tegen de ziel.”
(1 Petrus 2:11, STV)

Een vreemdeling probeert het land waarin hij tijdelijk verblijft niet te regeren of te veranderen. Hij weet dat zijn echte thuis ergens anders ligt.

Voor de gelovige ligt dat thuis in het Koninkrijk van God.

De geschiedenis laat zien wat macht met de kerk doet

Wanneer de kerk politieke macht krijgt, gebeurt er bijna altijd hetzelfde.

Het evangelie wordt vermengd met politieke belangen.
Het geloof wordt een cultureel systeem.
De boodschap van genade wordt vervangen door macht en controle.

Vanaf het moment dat het christendom staatsgodsdienst werd in het Romeinse rijk, begon de kerk langzaam te veranderen van een getuigend volk in een machtsinstituut.

En telkens wanneer dat gebeurt, verliest het evangelie zijn scherpte.

Dominion-denken staat haaks op het Nieuwe Testament

In sommige hedendaagse bewegingen wordt geleerd dat christenen de samenleving moeten domineren en regeren.

Maar het Nieuwe Testament verwacht helemaal geen christelijke wereldorde vóór de wederkomst van Christus.

Paulus schrijft juist het tegenovergestelde.

“Doch de boze mensen en bedriegers zullen tot erger voortgaan, verleidende en wordende verleid.”
(2 Timotheüs 3:13, STV)

Volgens de Schrift zal de wereld niet steeds christelijker worden, maar juist geestelijk donkerder.

Dat betekent dat politieke overwinning nooit de missie van de kerk kan zijn.

De roeping van de kerk is getuigen

De opdracht die Christus gaf aan Zijn gemeente is helder.

“Gaat dan heen, onderwijst al de volken, dezelve dopende in den Naam des Vaders en des Zoons en des Heiligen Geestes.”
(Mattheüs 28:19, STV)

Niet: verover de politiek.
Niet: bouw een christelijke samenleving.
Niet: neem de macht.

Maar: verkondig het evangelie.

De kerk verandert de wereld niet door macht, maar door waarheid.

Wanneer Christus komt zal Hij regeren

De Bijbel leert dat er een dag komt waarop de wereld werkelijk rechtvaardig zal worden bestuurd.

Maar dat zal niet gebeuren door menselijke pogingen om een christelijke maatschappij te bouwen.

Dat gebeurt wanneer Christus Zelf terugkomt.

Dan zal Hij regeren.

Tot die dag leeft de gemeente als een getuigend volk in een wereld die haar Koning nog niet kent.

Christenen zijn geroepen om een  licht te zijn in de wereld, maar niet om de wereld te beheersen.

De kracht ligt niet in politieke invloed, maar in het evangelie.

Wanneer ‘de kerk’ macht zoekt, verliest zij haar roeping.

Wanneer zij eenvoudig Christus verkondigt, veranderen levens.

De geschiedenis bewijst het.

En de Schrift bevestigt het.

lees ook: (extern)

Hoe moet een Christen tegen politiek aankijken?

Christelijke politiek – Nederlands Bijbelstudie Centrum

Geverifieerd door MonsterInsights