De misvatting van de ‘vijfvoudige bediening’

In evangelische en charismatische kringen hoor je het regelmatig:

“De kerk functioneert pas goed als de vijfvoudige bediening hersteld is.”

Daarmee doelt men dan op Efeze 4:11:

“En Hij heeft sommigen gegeven tot apostelen, en sommigen tot profeten, en sommigen tot evangelisten, en sommigen tot herders en leraars;” (Efeze 4:11 STV)

Op basis van deze tekst wordt een compleet leiderschapsmodel gebouwd. Apostelen. Profeten. Evangelisten. Herders. Leraars.

Maar is dat wat Paulus hier leert?

Of wordt hier iets ingelegd wat de tekst zelf niet zegt?

Wat staat er werkelijk?

Paulus zegt niet dat Christus titels gaf.
Hij zegt dat Christus mensen gaf.

En waarom?

“Tot de volmaking der heiligen, tot het werk der bediening, tot opbouwing van het lichaam van Christus;” (Efeze 4:12 STV)

Het doel is toerusting. Opbouw. Geestelijke volwassenheid.

Niet hiërarchie.
Niet een machtsstructuur.
Niet een apostolische rangorde.

Een fundament wordt niet opnieuw gelegd

Wie Efeze 4 leest zonder Efeze 2 te lezen, leest half.

“Gebouwd op het fundament der apostelen en profeten, waarvan Jezus Christus is de uiterste Hoeksteen;” (Efeze 2:20 STV)

Een fundament leg je één keer.

Apostelen en profeten worden hier niet gepresenteerd als een doorlopend bestuursmodel, maar als fundament.

Fundamenten worden niet periodiek geüpdatet.
Ze worden gelegd, en daarna bouw je erop verder.

Zuiver Bijbels gezien is dit cruciaal. De Gemeente had een funderende beginfase waarin apostolisch gezag en openbaring functioneerden. Die fase was uniek. Onherhaalbaar. Canonvormend.

Wanneer dat fundament gelegd is, ga je niet opnieuw fundamenten uitgraven om ze opnieuw te leggen.

Alles op zijn kop

Binnen de New Apostolic Reformation wordt Efeze 4 anders gelezen.

Daar wordt geleerd:

  • dat er vandaag opnieuw apostelen moeten zijn
  • dat profeten richting geven aan gemeenten
  • dat de kerk pas volwassen wordt onder apostolische dekking
  • dat herders eigenlijk onder apostolisch gezag functioneren

Maar daarmee gebeurt iets wat bloedlink is

De tekst over opbouw wordt een model voor machtsstructuur.
De gave wordt een rang.
De bediening wordt een positie.

En het fundament wordt een permanent bestuursorgaan.

Wat gebeurt er met het Schriftgezag?

Men zegt :

“Wij voegen niets toe aan de Bijbel.”

Maar als ‘profeten’ richtinggevende woorden spreken, als ‘apostelen’ strategische openbaringen ontvangen, als er gesproken wordt over ‘nieuwe bewegingen van de Geest’ die de kerk moet volgen, dan ontstaat er in feite een tweede gezagslaag.

Daartegenover zegt Judas:

“…dat gij strijdt voor het geloof, dat eenmaal den heiligen overgeleverd is.” (Judas 1:3 STV)

Éénmaal.

Niet generatie na generatie aangevuld.
Niet periodiek vernieuwd.
Niet via ‘hedendaagse openbaringsdragers’.

Herders en leraars: de vergeten ruggengraat

Opmerkelijk genoeg worden in veel van deze kringen herders en leraars de “verzorgers”, terwijl apostelen de visionairs worden.

Maar in het Nieuwe Testament zien we dat juist onderwijs de gemeente beschermt tegen dwaling.

Efeze 4 spreekt over ‘niet meer als kinderen heen en weer geslingerd worden door wind van leer.’

Wanneer onderwijs ondergeschikt wordt gemaakt aan profetische dynamiek, gebeurt precies het tegenovergestelde.

Dan wordt de gemeente afhankelijk van het ‘nieuwste woord.’

Bijbelse helderheid

Als we Schrift met Schrift vergelijken, ontstaat een heldere lijn:

Apostelen en profeten – funderend.
Evangelisten – verkondigend.
Herders en leraars – opbouwend en bewakend.

Het fundament is gelegd.
De openbaring is gegeven.
De canon is compleet.

Wat blijft is verkondiging en onderwijs op basis van dat fundament.

Niet herstel van titels.
Niet herintroductie van gezagsambten.
Niet een nieuw apostolisch tijdperk.

De echte vraag

Waarom is er toch zo’n aantrekkingskracht naar ‘apostolisch leiderschap’?

Omdat titels kracht suggereren.
Omdat macht en structuur zekerheid geeft.
Omdat ‘nieuwe woorden’ spannender klinken dan oude Schrift.

Maar de Gemeente wordt niet gebouwd op charisma.
Niet op hiërarchie.
Niet op moderne apostelen.

Zij is gebouwd op Christus, en op het eenmaal gelegde apostolische fundament.

Wie dat fundament vervangt door een systeem, hoe vroom ook verpakt, ondergraaft het huis van God.

En dat is geen herstel.

Dat is verschuiving

Het offer van Christus, méér dan Zijn kruisdood

Zijn hele leven was een offer

In veel prediking wordt het offer van Christus vrijwel gelijkgesteld aan één moment: het kruis. Golgotha is het centrum. Daar werd de schuld gedragen. Daar vloeide het bloed. Daar riep Hij:

“Toen Jezus dan de edik genomen had, zeide Hij: Het is volbracht! En het hoofd buigende, gaf den geest.” (Johannes 19:30 STV)

En toch… als we de Schrift nauwkeurig lezen, ontdekken we dat het offer van Christus méér omvat dan alleen Zijn kruisdood. Het kruis is het hart van het werk – maar niet het hele werk.

Wie het offer reduceert tot alleen het sterven, doet onbedoeld tekort aan de rijkdom van wat God heeft geopenbaard.

Het offer begon niet op Golgotha

Het offer van Christus begon niet toen de spijkers door Zijn handen gingen. Het begon bij Zijn komst in de wereld.

“Daarom, komende in de wereld, zegt Hij: Slachtoffer en offerande hebt Gij niet gewild, maar Gij hebt Mij het lichaam toebereid;
Brandoffers en offer voor de zonde hebben U niet behaagd;Toen sprak Ik: Zie, Ik kom (in het begin des boeks is van Mij geschreven), om Uw wil te doen, o God.
Als Hij tevoren gezegd had: Slachtoffer en offerande en brandoffers en offer voor de zonde hebt Gij niet gewild, noch hebben U behaagd (dewelke naar de wet geofferd worden),
Toen sprak Hij: Zie, Ik kom, om Uw wil te doen, o God. Hij neemt het eerste weg, om het tweede te stellen.
In welken wil wij geheiligd zijn door de offerande des lichaams van Jezus Christus, eenmaal geschied”. (Hebreeën 10:5-10 STV)

Hij ontving een lichaam met een doel: om het te geven. Zijn hele leven stond in het teken van gehoorzaamheid. Niet incidenteel. Niet gedeeltelijk. Volkomen.

“En in gedaante gevonden als een mens, heeft Hij Zichzelven vernederd, gehoorzaam geworden zijnde tot den dood, ja, den dood des kruises.” (Filippenzen 2:8 STV)

Zijn hele leven was een offer. Het kruis was geen noodlottige afloop. Het was het goddelijke plan.

Het bloed werd niet alleen gestort, het werd ook binnengebracht

Hier wordt het vaak stil in prediking. Want Hebreeën leert ons iets dat verder gaat dan alleen het sterven.

“Maar Christus, gekomen zijnde een Hogepriester der toekomende goederen, door den meerderen en volmaakten tabernakel, niet met handen gemaakt, dat is, niet van dit maaksel, ook niet door het bloed der bokken en kalveren, maar door Zijn eigen bloed, eenmaal ingegaan in het heiligdom, een eeuwige verlossing teweeggebracht hebbende.” (Hebreeën 9:11-12 STV)

In het Oude Testament was het niet genoeg dat het offerdier werd geslacht. De hogepriester moest het bloed binnenbrengen in het heilige der heiligen.

Dat deed Christus.

Hij stierf.
Maar Hij ging ook in.
Hij bracht Zijn eigen bloed in het ware, hemelse heiligdom.

Zonder die hogepriesterlijke bediening is het beeld onvolledig.

De opstanding hoort ook bij het offer

Het evangelie eindigt niet bij een dode Heiland. De opstanding is geen bijzaak. Deze is essentieel.

“Welke overgeleverd is om onze zonden, en opgewekt om onze rechtvaardigmaking.” (Romeinen 4:25 STV)

Zijn opstanding bevestigt:

  • dat het offer door God is aanvaard
  • dat de schuld werkelijk is weggedragen
  • dat de dood niet het laatste woord heeft

Een gestorven Messias kan geen levende Middelaar zijn. Maar Christus leeft.

Zijn werk gaat door

Het offer is niet maar een eenmalige gebeurtenis in het verleden. Het heeft een voortdurende werking.

“Waarom Hij ook volkomenlijk kan zalig maken degenen die door Hem tot God gaan, alzo Hij altijd leeft om voor hen te bidden.” (Hebreeën 7:25 STV)

Hij leeft.
Hij bidt.
Hij past toe wat Hij verwierf.

Zijn kruisdood is het fundament.
Zijn huidige bediening is de toepassing.

Waarom dit zo belangrijk is

Wanneer het evangelie wordt teruggebracht tot een emotioneel moment bij het kruis, verliest men het zicht op de verheven, hemelse bediening van Christus.

Christus is niet slechts het Lam dat geslacht werd.
Hij is ook de Hogepriester Die leeft.

“Want met één offerande heeft Hij in eeuwigheid volmaakt degenen, die geheiligd worden.” (Hebreeën 10:14 STV)

Dat is geen halve verlossing.
Dat is geen tijdelijke oplossing.
Dat is een volkomen, blijvend, hemels werk.

Het offer van Christus is groter dan Golgotha alléén.

Het is het volbrachte én levende werk van de opgewekte, verheerlijkte Here Jezus Christus .

Die niet alleen stierf, maar leeft tot in eeuwigheid.

lees ook:

Wat het Hogepriesterschap van Christus vandaag voor ons betekent

Het kruis is het fundament, het Evangelie is meer

“Koning Jezus”

Wat doet Christus sinds Zijn opstanding?

Het lichaam van de Messias? Nee. Het lichaam van Christus

Op het verkeerde been gezet

Ik bezoek af en toen de website cvandaag,nl. Het meeste nieuws zit daar overigens achter een betaalmuur, meestal ben ik er vrij snel klaar.

Ik zag de laatste tijd herhaaldelijk bij binnenkomst deze reclame. Verwijst hier naar. Ik heb even een screenshot gemaakt.

Opzettelijke contaminatie

De terminologie deugt niet. Ik denk aan een opzettelijk gevalletje van contaminatie, Wellicht omdat die Ene Naam en het Evangelie na 2000 jaar nog alijd aanstoot geeft

Het klinkt vroom. Het klinkt Hebreeuws. Het klinkt alsof men dichter bij de wortels van het geloof wil komen.

Maar leerstellig is het een misser.

De uitdrukking “het lichaam van de Messias” wordt soms gebruikt voor de Gemeente. Dat lijkt onschuldig. Toch klopt het niet. En wie het onderscheid tussen Israël en de Gemeente serieus neemt, kan er niet achteloos aan voorbijgaan.

Hier staat meer op het spel dan woordkeus.

Hier staat openbaring op het spel.

Wat zegt de Schrift wél?

Paulus spreekt consequent over het lichaam van Christus.

“Want gelijk het lichaam één is, en vele leden heeft, en al de leden van dit ene lichaam, vele zijnde, maar één lichaam zijn, alzo ook Christus.” (1 Korinthe 12:12 STV)

“En Hij is het Hoofd des lichaams, namelijk der Gemeente.” (Kolossenzen 1:18 STV)

Nergens spreekt de Bijbel over “het lichaam van de Messias”.

Dat is geen detail. Dat is opvallend.

De Heilige Geest heeft niet zomaar willekeurig woorden gekozen.

“Welke dingen wij ook spreken, niet met woorden die de menselijke wijsheid leert, maar met woorden die de Heilige Geest leert, geestelijke dingen met geestelijke samenvoegende.” (1 Korinthe 2:13 STV)

Als de Schrift “Christus” zegt, wie zijn wij dan om dat te vervangen door “Messias”?

Het woord “Messias” betekent Gezalfde. Het is de titel van:

  • De beloofde Koning uit het huis van David
  • De vervuller van de verbonden met Israël
  • Degene Die Zijn troon in Jeruzalem zal innemen

De Messias is onlosmakelijk verbonden met de profetieën van het Oude Testament. Met Sion. Met het koningschap. Met de restauratie van Israël.

De Messias was geen verborgenheid.

Israël verwachtte Hem.

Het lichaam is een verborgenheid

Maar de Gemeente als lichaam van Christus was géén oudtestamentische verwachting.

Paulus noemt dit een geheimenis:

“Dat Hij hun heeft willen bekendmaken, welke zij de rijkdom der heerlijkheid dezer verborgenheid onder de heidenen; welke is Christus onder u, de Hoop der heerlijkheid.” (Kolossenzen 1:27 STV)

En:

“Dat de heidenen mede-erfgenamen zijn, en van hetzelfde lichaam, en mededeelgenoten Zijner belofte in Christus, door het Evangelie.” (Efeze 3:6 STV)

Het lichaam behoort tot de verborgenheid.

De Messias behoort tot de geopenbaarde beloften.

Dat verschil is fundamenteel.

Wanneer men spreekt over “het lichaam van de Messias”, vermengt men het profetische programma van Israël met het verborgenheidsprogramma van de Gemeente.

Christus is de verhoogde Heer

De Gemeente is verbonden met de verheerlijkte Christus aan Gods rechterhand.

“En heeft alle dingen Zijn voeten onderworpen, en heeft Hem der Gemeente gegeven tot een Hoofd boven alle dingen.” (Efeze 1:22 STV)

Dit is geen aardse Messiaanse regering vanuit Jeruzalem.

Dit is een hemelse positie.

Het lichaam is één met de verhoogde Christus.

Niet met de nog te openbaren Messiaanse heerschappij op aarde.

Waarom dit onderscheid geen gekunstelde onzin is

Zodra men het lichaam “Messiaans” gaat noemen, verschuift er iets:

  • De focus verschuift van hemel naar aarde
  • De Gemeente wordt onder het koninkrijk geplaatst
  • Israël en Gemeente gaan door elkaar lopen
  • Het unieke van Paulus’ bediening vervaagt

En precies daar gaat het vandaag vaak mis.

Men wil terug naar “Hebreeuwse wortels”. Men wil dichter bij de Joodse context staan. Men vervangt “Jezus” door “Yeshua” en  “Christus” door “Messias” alsof dat geestelijker zou zijn.

Maar geestelijkheid zit niet in Hebreeuwse klanken.

Geestelijkheid zit in gehoorzaamheid aan de openbaring.

Schriftgetrouw taalgebruik is geen muggenzifterij

Wie dit afdoet als semantiek, heeft niet begrepen hoe zorgvuldig Gods openbaring is opgebouwd.

God heeft onderscheid gemaakt.

Tussen Israël en de Gemeente.
Tussen profetie en verborgenheid.
Tussen aardse beloften en hemelse roeping.

En dat onderscheid wordt bewaakt door, en uitgedrukt in woorden.

De Gemeente is het lichaam van Christus.

Niet ‘het lichaam van de Messias’

Ook niet in Israël.

Dat is geen polemische scherpte om de scherpte zelf.

Dat is eenvoudig trouw aan de Schrift.

Geverifieerd door MonsterInsights