De charismatische misleiding: wanneer ervaring Christus verdringt

De charismatische misleiding ontmaskerd: kracht, ervaring en een ander evangelie

Er zijn zaken die christelijk klinken,, maar geestelijk helemaal verkeerd uitwerken.

Woorden als zalving, doorbraak, impartatie, bevrijding, profetie en kracht klinken voor veel gelovigen aantrekkelijk. Het lijkt vurig. Het lijkt levend. Het lijkt geestelijk. Maar daar moet de vraag gesteld worden: staat Christus nog centraal?

Want daar wordt de charismatische misleiding zichtbaar. Meestal niet in grove dwaalleer. Of in openlijke ontkenning van de Schrift. Maar in een verschuiving. Een subtiele, vrome, emotioneel geladen verschuiving van Christus naar ervaring.

En zodra dat gebeurt, is het geestelijk gevaar groot.

Het klinkt christelijk, maar het centrum is verschoven

De grootste misleiding is niet dat men openlijk tegen de Bijbel ingaat.

De grootste misleiding is dat men Bijbelse woorden blijft gebruiken, terwijl de aandacht intussen ergens anders ligt. Er wordt nog wel over Jezus gesproken. Er wordt nog wel gebeden. Er wordt nog wel uit de Bijbel geciteerd. Maar de werkelijke nadruk ligt op wat jij voelt, wat jij ervaart, wat jij ontvangt, wat jij doorbreekt en wat jij activeert.

Daarmee verschuift het centrum van het geloof.

Niet Christus, maar beleving komt centraal te staan.
Niet heiliging, maar sensatie.
Niet geestelijke vrucht, maar uiterlijke manifestatie.

Dat is het wezen van de charismatische misleiding.

De toetssteen is eenvoudig

De Schrift geeft een glasheldere maatstaf. Paulus zegt:

“Want wij prediken niet onszelven, maar Christus Jezus, den Heere” (2 Korinthe 4:5) (STV).

Dat maakt veel zichtbaar.

Waar mensen op de voorgrond treden, waar sprekers bijna onaantastbaar worden, waar conferenties draaien om bepaalde “bedieningen”, waar men afhankelijk wordt van een sfeer, een podium of een zogenaamd gezalfd kanaal, daar is Christus niet meer het middelpunt.

Bijbelvaste prediking zet niet de prediker in het licht, maar de Heere Jezus Christus.

Bijbelse bediening bindt mensen niet aan een mens, een beweging of een conferentie, maar aan de Zoon van God.

Gods wil is niet jouw doorbraak, maar jouw heiligmaking

Veel moderne prediking wekt de indruk dat Gods wil vooral bestaat uit herstel, bevrijding, genezing, richting en overwinning op je omstandigheden.

De Schrift zegt:

“Want dit is de wil van God, uw heiligmaking” (1 Thessalonicenzen 4:3) (STV).

Dat is confronterend.

Er staat niet: uw succes.
Er staat niet: uw genezing.
Er staat niet: uw bevrijding.
Er staat niet: uw doorbraak.

Er staat: uw heiligmaking

Dat betekent dat God erop uit is om ons gelijkvormig te maken aan Christus. Niet om ons vlees tevreden te stellen, maar om ons te vormen. Niet om ons leven comfortabel te maken, maar om ons heilig te maken.

Juist daarom botst de charismatische nadruk zo frontaal met het Nieuwe Testament. Waar de Schrift spreekt over volharding, lijden, snoeien, sterven aan jezelf en vrucht dragen, belooft de ‘moderne geestelijkheid’ vaak succes, versnelling, activatie en onmiddellijke ommekeer.

Vrucht is Bijbels, spektakel is verleidelijk

De Heere Jezus zegt:

“Hierin is Mijn Vader verheerlijkt, dat gij veel vrucht draagt; en gij zult Mijn discipelen zijn” (Johannes 15:8) (STV).

Dat is veelzeggend.

Niet: hierin is Mijn Vader verheerlijkt, dat gij veel krachtvertoon laat zien.
Niet: dat gij veel manifestaties hebt.
Niet: dat gij indrukwekkende ervaringen kunt navertellen.

Maar: dat gij veel vrucht draagt.

Vrucht wijst op karakter.
Vrucht wijst op heiligmaking.
Vrucht wijst op innerlijke verandering.
Vrucht wijst op Christusgelijkvormigheid.

Dat is precies wat in veel charismatische kringen naar de achtergrond verdwijnt. Men raakt gefascineerd door het zichtbare, het voelbare, het opwindende. Maar het Nieuwe Testament legt het accent op het heilige, het ware en het blijvende.

Ervaring is geen betrouwbare gids

Veel mensen redeneren vanuit ervaring.

Ze voelen iets sterks in een samenkomst. Ze zien iemand huilen. Ze horen een indrukwekkend getuigenis. Ze ervaren kippenvel, emotie of ontroering. En dan trekken ze de conclusie: God moet hier wel bijzonder werken.

Maar ervaring bewijst niets op zichzelf.

Emotie is geen waarheid.
Intensiteit is geen toetssteen.
Sfeer is geen bewijs van Gods goedkeuring.

Juist hier gaat de charismatische misleiding diep. Want zodra ervaring de maatstaf wordt, raakt de Schrift op de achtergrond. Dan wordt niet langer alles getoetst aan Gods Woord, maar wordt het Woord stilaan ondergeschikt gemaakt aan wat men beleeft.

Dat is levensgevaarlijk.

Het gevaarlijke woord: meer

Een van de meest onthullende woorden in charismatische kringen is het woord “meer”.

Er moet meer zijn.
Meer van de Geest.
Meer kracht.
Meer zalving.
Meer wonderen.
Meer bovennatuurlijke ervaring.

Maar die honger naar “meer” klinkt vromer dan hij vaak is.

Want wat zegt dat eigenlijk? Het zegt vaak dat Christus alleen kennelijk niet meer genoeg is. Dat de eenvoud van het geloof niet meer bevredigt. Dat het gewone leven met de Heere te klein aanvoelt. Dat men iets extra’s zoekt om zich geestelijk levend te voelen.

En precies dáár begint veel misleiding.

De gelovige gaat niet meer rusten in de volheid van Christus, maar raakt op zoek naar een extra dimensie. Een ervaring. Een impartatie. Een aanraking. Een nieuwe golf.

Maar de Schrift wijst niet naar een extra ervaring buiten Christus. De Schrift wijst naar Christus Zelf als de volheid.

Genezing en bevrijding staan niet centraal in het Evangelie

Een ander kenmerk van de charismatische misleiding is de voortdurende nadruk op lichamelijke genezing en bevrijding van demonische invloed.

Natuurlijk kán God genezen. Natuurlijk mag een gelovige bidden om herstel. Natuurlijk is God machtig. Maar dat is nog iets anders dan van genezing en bevrijding de kern van christelijke bediening maken.

Daár gaat het mis.

De indruk wordt gewekt dat een gelovige eigenlijk niet in vrijheid leeft als hij nog worstelt. Dat ziekte een afwijking is van wat normaal zou moeten zijn. Dat blokkades onmiddellijk gebroken moeten worden. Dat achter allerlei problemen demonen schuilgaan.

Maar de Schrift leert ons een veel diepere werkelijkheid.

Gelovigen lijden.
Heiligen worden verdrukt.
Kinderen van God worden gesnoeid.
Paulus had een doorn in het vlees.
Niet iedere ziekte verdwijnt.
Niet iedere nood wordt direct weggenomen.

Gods antwoord is niet altijd onmiddellijke uitredding. Soms is Zijn antwoord Genade om te dragen, te volharden en in zwakheid Zijn kracht te leren kennen.

Het vlees houdt van snelle oplossingen

De aantrekkingskracht van charismatische conferenties en bedieningen is vaak eenvoudig te verklaren: het vlees houdt van snelle oplossingen.

Een handoplegging.
Een profetisch woord.
Een doorbraakmoment.
Een activering.
Een impartatie.
Een bevrijdingssessie.

Dat spreekt het vlees aan, omdat het direct resultaat belooft. Maar Gods weg is vaak anders. God werkt doorgaans dieper, langzamer en pijnlijker dan het vlees graag wil.

Hij snoeit.
Hij oefent.
Hij tuchtigt.
Hij breekt af.
Hij leert afhankelijkheid.
Hij vormt Christus in de gelovige.

Dat proces is niet spectaculair, maar wel heilig.

Handoplegging als geestelijk systeem

Ook de moderne praktijk van handoplegging moet kritisch getoetst worden.

In veel kringen is handoplegging bijna een mechanisme geworden. Men legt handen op om kracht over te dragen, zalving door te geven, vuur vrij te zetten, een bediening te activeren of iemand geestelijk te openen voor een nieuwe fase.

Maar dat denken schuift de gelovige richting afhankelijkheid van mensen.

Dan moet een ander jou geven wat jij blijkbaar nog mist. Dan ligt de sleutel niet meer rechtstreeks in Christus, maar in een mens met een bijzondere bediening. Dan raakt de gelovige gericht op de kanaalfiguur in plaats van op de Fontein Zelf.

Dat is niet onschuldig. Dat is geestelijk ontregelend.

Het echte probleem is niet een leerpunt, maar een ander zwaartepunt

Het gaat uiteindelijk niet alleen over tongentaal. Niet alleen over profetie. Niet alleen over vrouwen op het podium. Niet alleen over conferenties of manifestaties.

Het gaat om iets fundamentelers.

Is Christus genoeg?

Is Hij genoeg zonder extatische ervaring?
Is Hij genoeg zonder wonderverhaal?
Is Hij genoeg wanneer ziekte blijft?
Is Hij genoeg wanneer gebed anders verhoord wordt dan gehoopt?
Is Hij genoeg in gewone gehoorzaamheid, stille volharding en een leven dat voor het oog weinig spectaculair is?

Het ware geloof zegt: ja.

Maar de charismatische misleiding fluistert: nee, er is nog iets extra’s nodig.

En juist dat maakt deze stroming zo schadelijk. Zij maakt onrustig. Zij kweekt geestelijke ontevredenheid. Zij drijft mensen op zoek naar iets dat God niet als centrum heeft gegeven.

Waar Christus naar de rand gaat, krijgt het vlees de ruimte

Wanneer ervaring centraal komt, krijgt het vlees ruimte.

Dan wordt gevoel de norm.
Dan wordt zichtbare impact belangrijker dan waarheid.
Dan wordt sfeer belangrijker dan Schrift.
Dan wordt beleving belangrijker dan gehoorzaamheid.

En dan volgt bijna vanzelf vervlakking.

Want als het centrum verschuift, schuift uiteindelijk alles op. Dan komt er ruimte voor grote woorden, geestelijke trots, opgeblazen claims, vage profetie, oncontroleerbare verhalen, ongezonde machtsverhoudingen en emotionele manipulatie.

Juist daarom is dit onderwerp niet zomaar een detail.. Het gaat niet om een stijlverschil. Het gaat niet om een smaakverschil binnen evangelisch Nederland. Het gaat om de vraag of de gemeente bewaard blijft bij de eenvoud die in Christus is.

Echte geestelijkheid is integer, schept niet op en heeft geen grote bek

De moderne mens zoekt het grote, het zichtbare en het indrukwekkende.

Maar Gods werk is vaak anders.

Ware geestelijkheid is vaak stil.
Verborgen.
Nederig.
Schriftgebonden.
Kruisvormig.
Volhardend.

Niet de luidste stem is het geestelijkst.
Niet de grootste claims bewijzen het meeste.
Niet de meest intense sfeer is het zuiverst.

Echte geestelijkheid herken je aan liefde tot Christus, onderwerping aan de Schrift, haat tegen zonde, groei in heiligmaking, nederigheid en geestelijke vrucht.

Dat trekt veel minder de aandacht dan religieus spektakel.

Maar het is wel het werk van God.

De gemeente heeft geen nieuwe hype nodig

De kerk heeft geen nieuwe golf nodig.
Geen nieuwe activatie.
Geen nieuw vuur.
Geen nieuwe impartatie.
Geen nieuwe conferentiecultuur.

De kerk heeft Christus nodig.

Christus gepredikt.
Christus geloofd.
Christus gehoorzaamd.
Christus verheerlijkt.

Als dat Centrum bewaakt wordt, valt veel moderne opwinding vanzelf door de mand.

De charismatische misleiding is ernstig, juist omdat hij zich vaak aandient in een christelijke verpakking. Hij gebruikt Bijbelse taal, religieuze emotie en geestelijke ambitie, maar verschuift intussen de aandacht van Christus naar ervaring.

En waar dat gebeurt, raakt de gelovige verstrikt.

Niet iedereen die hierin meegaat, is bewust misleidend. Niet iedereen handelt uit verkeerde motieven. Maar dat maakt het gevaar niet kleiner. Juist goedbedoelende gelovigen kunnen diep verward raken wanneer zij leren leven van ervaringen in plaats van van Christus.

Daarom moet de gemeente terug naar het centrum.

Niet wij, maar Christus.
Niet krachtvertoon, maar vrucht.
Niet sensatie, maar heiliging.
Niet menselijke bediening, maar het Woord van God.
Niet zoeken naar meer, maar rusten in Hem.

“Want wij prediken niet onszelven, maar Christus Jezus, den Heere” (2 Korinthe 4:5) (STV).

zie ook:

Opgeblazen charismatische bedieningen: een Bijbels getoetste analyse – Bijbelse basis

Charismatische verwarring – wanneer vuur rook wordt – Bijbelse basis

Een andere Jezus: Paulus waarschuwt in 2 Korinthe 11 – Bijbelse basis

Tongentaal of misleiding? De Bijbel spreekt – Bijbelse basis

Klanktaal als “full-color geloof”? – Bijbelse basis

Hoe het christendom wordt uitgehold door de cultus van beleving – Bijbelse basis

Wanneer ‘zalving’ gezag wordt – Bijbelse basis

Waarom een messiasverwachting niets bewijst: de Mahdi, de Maitreya, de Messias en de grote vergissing

De messias die nooit komt

Waarom een messiasverwachting op zichzelf niets bewijst

Veel mensen denken dat een religie geloofwaardiger wordt wanneer zij een messiasverwachting heeft. Het klinkt immers indrukwekkend: een volk of religie leeft in verwachting van een komende verlosser die recht zal brengen en de wereld zal herstellen.

Maar wie iets dieper kijkt, ontdekt een ongemakkelijke waarheid:

Een messiasverwachting is helemaal niet uniek

Sterker nog: bijna elke grote religie kent een vorm van zo’n verwachting.

Dat betekent dat de verwachting zelf nog niets bewijst.

De islam verwacht ook een redder

Binnen de islam leeft een sterke verwachting van een eindtijdfiguur: de Mahdi.

Volgens veel islamitische tradities zal deze leider verschijnen vlak voor het einde van de wereld. Hij zal:

  • de islam wereldwijd laten zegevieren
  • recht en orde herstellen
  • oorlog voeren tegen vijanden van de islam
  • samen optreden met Isa (Jezus) die volgens de islam zal terugkeren

Voor miljoenen moslims is deze verwachting zeer serieus.

Maar het bestaan van die verwachting maakt de Mahdi nog geen realiteit

Als dat wel zo was, zou elke religie met een eindtijdverlosser automatisch gelijk hebben.

Dat is uiteraard onmogelijk.

De mens verlangt altijd naar een redder

De geschiedenis laat zien dat de mensheid voortdurend redders verwacht.

Het is een religieus patroon:

  • het jodendom verwacht de Messias
  • de islam verwacht de Mahdi
  • het boeddhisme verwacht Maitreya
  • sommige hindoeïstische tradities verwachten Kalki

Waarom?

Omdat de wereld zichtbaar gebroken is.

Mensen voelen intuïtief dat er iemand moet komen die alles rechtzet.

Maar een verlangen naar een redder is nog geen bewijs dat men de juiste Redder kent.

De Bijbel zegt iets totaal anders

Hier komt het radicale verschil.

De Bijbel zegt niet:

er komt ooit een redder.

maar zegt:

de Redder is al gekomen. Geloof dat.

Het evangelie verkondigt dat de Messias niet een toekomstig politiek figuur is, maar een historische Persoon: Jezus Christus.

“Maar wanneer de volheid van de tijd gekomen is, heeft God Zijn Zoon uitgezonden, geworden uit een vrouw, geworden onder de wet.”
(Galaten 4:4, STV)

De Messias is niet een droom van religieuze verwachting.

Hij verscheen in de geschiedenis.

Hij leefde.

Hij stierf.

Hij stond op uit de dood.

Het probleem van een messias zonder Jezus

Een religie die een messias verwacht maar Jezus verwerpt, staat uiteindelijk met lege handen.

Want de Bijbel maakt duidelijk dat de vraag naar de Messias uiteindelijk neerkomt op één beslissende vraag:

Wat doet men met Jezus Christus?

“Wie is de leugenaar, dan die loochent dat Jezus is de Christus? Deze is de antichrist, die den Vader en den Zoon loochent.”
(1 Johannes 2:22, STV)

Dat is confronterend.

Maar het maakt het onderscheid helder.

Een messiasverwachting kan nog alle kanten op.

Maar het evangelie wijst naar één Persoon.

Waarom een messiasverwachting zelfs gevaarlijk kan zijn

Ironisch genoeg kan een sterke messiasverwachting mensen juist vatbaar maken voor misleiding.

De Bijbel waarschuwt hier expliciet voor.

“Want er zullen valse christussen en valse profeten opstaan, en zullen grote tekenen en wonderheden doen, alzo dat zij (zo het mogelijk ware) ook de uitverkorenen zouden verleiden.”
(Matthéüs 24:24, STV)

Wie alleen wacht op een toekomstige redder, kan zo maar  de verkeerde omarmen.

Geschiedenis en religie zitten vol voorbeelden daarvan.

Het Evangelie

De Bijbel draait daarom niet om een religieuze verwachting.

Het draait om een historische realiteit.

Jezus Christus is de beloofde

“Deze is de Steen, Die van u, de bouwlieden, veracht is, Welke tot een hoofd des hoeks geworden is.
En de zaligheid is in geen Ander; want er is ook onder den hemel geen andere Naam, Die onder de mensen gegeven is, door Welken wij moeten zalig worden.”
(Handelingen 4:11–12, STV)

Dáár ligt het beslissende punt.

Niet in de vraag of men een verlosser verwacht.

Maar in de vraag:

Kent men de Verlosser die al gekomen is?

Een messiasverwachting bewijst helemaal niets.

De islam heeft er één.
Het Jodendom heeft er één.
Andere religies hebben er ook één.

Maar alleen het Evangelie zegt:

De Messias is al gekomen.

Zijn Naam is Jezus Christus.

En wie Hem verwerpt terwijl hij een andere redder verwacht, zal bedrogen uitkomen.

 

De sekte van Wim Griffioen, alwéér een episode over deze klote sekte

Totaal -maar gecontroleerd- losgeslagen in naam van de Heer

Wim Griffioen, de dorre en on-goddelijke ex-accountant die ‘voor zichzelf’ begon, en vrouwen en meisjes overheerst

En dan krijg je ineens een appje van een oom, die meldt dat er weer een aflevering met als onderwerp de sekte online staat.

Het kijken was voor mij schokkend. Ik zag gezichten terug van mensen waar ik meer dan 35 jaar geleden vrij intensief mee omging. De gezichten zijn daarom zo bekend omdat ik hun ouders gekend heb, en het heel  goed zichtbaar is van wie zij kinderen zijn. Daaronder bevindt zich ook directe familie van mij, het zijn onder andere kinderen van neven.

Die achteraf dus keihard mede manipulatoren, ordinaire vrouwen en kindermeppers blijken te zijn geworden. Ook zie ik het laatst bekende huis van mijn volle oom langskomen in de beelden.

De EO vond het nodig om de video vanwege auteursrecht te laten verwijderen. Na een hele week online gestaan te hebben .Ik ga niet linken naar uitzending gemist want ik gun ze geen inkomsten via mij van dit grote  leed. Ik heb er zelf uberhaupt niks aan verdiend, had direct al een copyright melding maar had aanvankelijk wel toestemming om te plaatsen. Ik meen dat ik niks verkeerds heb geschreven, of gedaan in deze.

En gelijk een copy right strike van youtube waar ik allerminst van onder de indruk ben.

EO, zak erin! En diep graag.

Ik was gewaarschuwd

In een heel vroeg stadium ben ik daar weggegaan, op aanraden en waarschuwing van mijn ouders, die deze ellende hebben zien aankomen. Maar dat het zo erg zou worden , dat iedereen het ongeveer met iedereen doet, en daar een geestelijk sausje overheen geflikkerd word, is ongeveer het laagste van het laagste wat je kunt verzinnen als de Naam van de Heer genoemd wordt. Bij deze dus weer een blogpost die over deze enge, goddeloze en in meerdere opzichten losbandige club van Griffioen in Boskoop/Waddinxveen gaat.

Machtsmisbruik, manipulatie, sektarisme

Iets in mij zegt dat dit nog steeds niet het laatste is wat we hier over gaan horen. Dingen als machtsmisbruik, manipulatie, en dan onder het mom van geestelijkheid. als je erin zit : het gevoel van de geen kant op kunnen, altijd en overal gecontroleerd worden.

Dat heeft absoluut niks (met de vrijheid in) Christus te maken, laat dat duidelijk zijn.

lees ook:

Sekte in aanbouw, mijn verhaal – Bijbelse basis

De gevaarlijkste manier om de Bijbel te lezen – Bijbelse basis

Sektarisme, manipulatie, kuddegedrag, kerkje spelen – Bijbelse basis

Sektarisme, manipulatie, kuddegedrag, kerkje spelen, vervolg – Bijbelse basis

extern:

https://www.studioalphen.nl/nieuws/mijn-vader-heeft-seks-met-me-tante-en-mijn-moeder-met-mijn-oom-ex-leden-boskoopse-sekte-te-zien-in-programma/

https://archive.vn/ZoRTK

wat ouwe koeien uit mijn archief:

Sekteleider Griffioen op non-actief gezet
08-06-1995 Reformatorisch Dagblad
WADDINXVEEN – Wim Griffioen, de leider van de Waddinxveense religieuze groep, blijkt al enkele weken niet meer voor te gaan, zo deelden enkele groepsleden mee.
De oorzaak is volgens enkele betrokkenen dat de raad van oudsten hem verbood te spreken vanwege een onoirbare seksuele relatie met een vrouwelijk lid van de sekte. Dit werd publiek toen de bewuste vrouw met haar man en vijf kinderen uittrad en vorige week een verklaring aflegde. Een lid van de Raad van Oudsten weigerde het RD commentaar.
In Waddinxveen en omgeving ontstond commotie toen sekteleden alle banden met eigen familie verbraken en die zelfs doodverklaarden. Een dochter weigerde haar stervende vader te bezoeken.
Inmiddels verklaarde de 32-jarige moeder dat zij, onder geestelijke druk van Griffioen, gedwongen werd tot regelmatig seksueel contact met de sekteleider. Ze deed aangifte bij de Waddinxveense politie. De vrouw heeft specialistische hulp gezocht.
De politie bevestigde „met de zaak bezig te zijn, alhoewel er niet een formele klacht wegens verkrachting kon worden ingediend”. Ook andere beschuldigingen aan het adres van Griffioen worden door de politie onderzocht
Verwoestend spoor in de regio
04-05-1995 Reformatorisch Dagblad
Vader ligt al enkele weken op sterven. De dochter -aanhangster van de sekte van Wim Griffioen in Waddinxveen- wordt gesmeekt om afscheid te komen nemen. Maar de hoorn gaat steevast op de haak als bloedverwanten bellen. Ook brieven helpen niet. Voor de deurmat wordt de sinds haar eigen ‘wedergeboorte’ doodverklaarde familie afgescheept.
De vader is inmiddels gestorven. „Mijn man stierf zonder afscheid te hebben genomen van onze dochter. Ze wil met ons niets meer te maken hebben. Ze vertelde ons ook nooit dat zij een kind verwachtte en wij grootouders zouden worden”, aldus de weduwe.
Veel verdriet heerst er inmiddels en families zijn verscheurd. Wat ooit begon als een serieuze bijbelstudiegroep is ontaard in een sekte met alle gevolgen van dien. „Noem Griffioen rustig de grote verleider, zoals de Bijbel erover spreekt”, voegt een predikant me toe. De hervormde kerk in Waddinxveen belegde intussen al twee bijeenkomsten, onder leiding van ds. C. D. Zonnenberg, om betrokken families met elkaar in contact te brengen en te ondersteunen.
Eerder stond in de hervormde kerkbode van Waddinxveen een door het ministerie van vier predikanten ondertekende ernstige waarschuwing tegen Griffioens denkbeelden. „Laten we de macht van de satan niet onderschatten. We hebben er mee te maken”. De predikanten wijzen er overigens op dat tot nu toe géén -voor de Nederlandse wet- strafbare feiten zijn gepleegd. Ieder staat machteloos.
Niets zeggen
Andere voorbeelden? Opa en oma zien hun kleinkind op straat. Het kind mag niet meer bij hen komen want zijn vader en moeder horen ook tot Griffioens getrouwen. „Waarom kom je niet meer bij ons”, zo kan oma haar leed niet verzwijgen. „Mama zegt dat u niet echt van de Heere houdt en daarom mag ik niks meer tegen u zeggen”.
„Van harte gefeliciteerd met je kleinzoon”, hoort een verbaasde Waddinxveense. Ze wist van niets. Dochter en schoonzoon horen bij Griffioen en de zijnen en weigeren elk contact.
Twee jongvolwassen dochters uit een ander gezin komen nooit meer thuis. Wéér een andere moeder: „Mijn dochter kwam me letterlijk dood te verklaren en vertellen zei dat ze nooit meer contact wil hebben met me”.
Behoudend
Rond de honderd leden telt de naamloze sekte van Wim Griffioen (geboren 1950). Vrijwel allen komen uit behoudende delen van de kerken of uit evangelische groepen. Eerder meelevende hervormden en leden van de Gereformeerden Gemeenten; ze horen er ook bij. Griffioen zelf komt uit de gereformeerde gemeente van Utrecht. Het gezin behoorde tot de rand van die kerk, verhuisde naar Alphen aan den Rijn en werd daar hervormd.
Wim wordt boekhouder, maar verkoopt op een gegeven moment zijn administratiekantoor en gaat naar de Evangelische Bijbelschool in Doorn. Daar krijgt hij onder meer les van de bekende Jacob Klein Haneveld. Vervolgens geeft Griffioen bijbelstudie aan huis in Alphen.
In 1984 wordt Griffioen actief in Waddinxveen. Volgens sommigen had zijn boodschap toen, globaal genomen, een bijbelse lijn. Inmiddels is dat volgens ex-volgelingen voorbij. „Niet het Woord is norm, maar de uitleg van Griffioen”. Langzaam komen er meer volgelingen naar het op zondagmorgen afgehuurde “Het Nieuwe Trefpunt” aan de Stationsstraat.
Volgens insiders vindt er na de dood van Klein Haneveld -die ook wel voorging in de Stationsstraateen omslag in het denken van Griffioen plaats. In diens omgeving bivakkeren mensen zoals ex-gereformeerd predikant Ben Groot Enzerink. Met hem ontwikkelt Griffioen een leer die kortweg gezegd inhoudt dat God telkens wéér in het vlees komt. Dat gebeurt dan via voorgangers zoals Griffioen. Helaas vindt ook Groot Enzerink dat hij goddelijke trekken vertoont. Dat geeft scheiding tussen beiden en ieder gaat eigen weg.
Doodverklaard
Kenmerkend voor Griffioens theologie is dat mensen die een bedreiging voor hem vormen of het met hem oneens zijn, verworpen en doodverklaard worden. Dat wordt ook publiek meegedeeld tijdens de bijeenkomst. Toen eigen getrouwen daarover vragen stelden, zou Griffioen gezegd hebben: „Ik ben de Heer”. Daarover lijkt de ‘gemeente’ van Griffioen evenwel nóg niet eensluidend. Enkele getuigen hoorden hem beweren de Messias te zijn. Eén van hen werd daarop boos en verkocht de nepmessias een mep en zette hem uit zijn huis.
Gesprekken hebben inmiddels geleerd dat, in ieder geval de mannelijke, leden ‘trekken’ van de ‘Heer’ hebben. Ze leven „niet meer hier maar in de hemel”.
Eén lid van de gemeente, J. van den Berg uit Zevenhuizen, ontkent inderdaad dat Griffioen de enige ‘Heer’ is. Van den Berg zegt dat hijzelf net zo goed leiding zou kunnen geven. Met evenveel gezag als Griffioen.
Van den Berg staat bij het schoolbord in zijn winkel met benodigdheden voor het zelf maken van wijn aan het Noordeinde. Met ferme zwaai veegt hij de reklame weg en maakt zijn theologische visie aanschouwelijk. Inderdaad, hij zou Griffioen kunnen vervangen, want ook de voorganger zelf gebruikt tijdens de samenkomsten -die soms drie uur duren- veelvuldig het schoolmeesterskrijt.
Griffioens ‘theologie’ zegt dat leden door wedergeboorte gestorven zijn. Ze zijn een totaal ander iemand geworden. Hun oude lichaam én familie achten zij niet meer: „Ik ben dus Jan van den Berg niet meer. Die is dood. Ik ben een nieuw schepsel”.
‘Doden’
Mensen móeten breken met hun natuurlijke familie. Een letterlijk citaat uit een ‘preek’ van Griffioen verklaart die afstand -verbod tot omgang zelfs- vanuit de tekst dat de doden hun doden moeten begraven: „Daarom moeten wij onze aandacht van de doden afwenden”. Erfenissen worden evenwel geaccepteerd als „gaven van God”.
Het eren van vader en moeder naar bijbels gebod wordt als volgt uitgelegd: God is de Vader en met de moeder wordt Jeruzalem bedoeld (naar een vrije uitleg van Galaten 4:26). Maar sekteleden willen ook wel schermen met de tekst dat wie vader of moeder liefheeft boven Christus Hem niet waardig is. Dat is weer tegenstrijdig. De ‘nieuwe familieband’ is sterk en moet oude banden vervangen. Daarom gaat men op zondagmiddagen bij elkaar op visite.
Ex-jehovah-getuige Joseph Wilting schreef een brochure over de vraag hoe we “Destruktieve sekten” (sekten met een vernietigend karakter) kunnen herkennen: De leiding oefent controle uit over gedachten, gevoelens en gedrag van leden. Er zijn veel geboden en verboden. De sleutel om harten van mensen te openen is dat onder de juiste omstandigheden alle mensen kwestbaar zijn. Kenmerkend zijn verder toewijding voor een persoon, idee of ding. Maar ook „isolering van vrienden en familie en het afbreken van de persoonlijkheid”.
Ramen zemen
Aan veel van deze door Wilting beschreven kenmerken voldoet de groep van Griffioen. Een charismatische uitstraling ontbreekt echter. Griffioen is geen vlotte leider. Hij wekt eerder de indruk wat zielig te zijn. Bij problemen in een gezin springt hij in, helpt dan in het huishouden en haalt de kinderen uit school. Juist in een periode dat zijn gezag tanend was, verrichtte hij veel hand en spandiensten in gezinnen. De kritiek verstomde want „hij is toch een fijne man”. Ook schaamt Grifioen zich, indien nodig, het ramen lappen niet.
Zakelijk is de naamloze gemeente ondergebracht in de stichting Immanuël. De leden geven hun bijdragen vrijwillig. Sommigen verklaren tienden te geven. Overigens leeft hij in een sober ingerichte -voor zijn gehandicapte dochter van 17 aangepaste- huurwoning.
Eruit
Er zijn ook mensen uit de sekte gestapt. Anderen werden weerhouden in de sekte te treden door bijvoorbeeeld een kerkelijk meelevende vriendin of vriend die wist te overtuigen met bijbelse argumenten. Juist die -vaak nog jonge- mensen vertellen dat ze de kracht van God ervaren hebben in het gebed en in deze worsteling.
„Bidt om het heil van hen die een heilloze weg gaan”, zo zei ds. Zonnenberg vorige week donderdagavond tot familie van de sekteleden. „Ik bid al zes jaar iedere dag. Tevergeefs. Maar ik weet dat de Heere hen niet loslaat en hen eruit zal halen”, zo getuigt daarop een aanwezige. Een ander vertelt dat ze de verjaardag van de dochter, die bij Griffioen zit, altijd herdenkt bij een andere dochter thuis. Behalve koffie met wat lekkers te nuttigen wordt ook de Bijbel geopend en bidt men met elkaar. „Onze verwachting is en blijft van de Heere want Hij is machtig. Zijn goede hand mocht ik erin zien dat we kort geleden voor het eerst sinds lange tijd weer bij onze dochter welkom waren”, vertelt een moeder.
Sektarisch
Inzage in de -afgebroken- correspondentie tussen sekteleden en hun familie onderstreept het sektarische karakter van de gemeente van Griffioen. „Wij leven niet meer. U staat buiten. Wij willen geen communicatie meer naar het vlees. Zo zijn er voor die in Christus zijn geen aardse banden meer, we hebben een nieuwe familie gekregen”, zo luiden enkele citaten. Na een dergelijke brief weigeren de sekteleden verder te praten. Hoogstens nog een korte reactie. „Er staat geen mens centraal in ons denken. Wij leven in de Eén en niet in de twee. Wie buigen kan en wil zal genade ontvangen”.
Voor familieleden die telefonisch contact zoeken doet de telefoonbeantwoorder zijn werk. Ingesproken teksten worden kort schriftelijk beantwoord: „Gehoor geven aan jullie is luisteren. Aardse banden houden op te bestaan, het oude is voorbijgegaan. Als je de Geest deelachtig bent, herken je of mensen je uit de hemel naar beneden willen trekken, we willen pas contact als jullie ook dat leven kent”. „Wij willen pas contact als jullie erkennen dat Christus vleselijk aanwezig is”, zegt een zoon tegen zijn vader, kennelijk doelend op zijn ‘wedergeboren’ staat.
Een betrokken familielid stuurde een ernstige, indringende brief waarin op bijbelse gronden gewaarschuwd werd tegen de leer van Griffioen. Daarop werd geheel niet gereageerd. De afscheidsbrief lijkt gestandaardiseerd.
Vuurschieten
Ook ds. Zonnenberg wijst op de sektarische elementen. De groep wordt gekenmerkt door een sterke band en de leden zien er hun nieuwe familie in. Bevallingen worden zo mogelijk geheel begeleid door sekteleden, met het roepen van de arts en ziekenhuisopnamen wacht men zeer lang. Het lichaam wordt onbelangrijk geacht. „Als het zó gebeurt, is het kenmerk van sektarisch denken”. De familie wordt doodverklaard en ogen schieten vuur als sekteleden door familie worden aangesproken. Bijbelse argumenten worden genegeerd of naar eigen behoefte uitgelegd en toegepast.
De predikant beluisterde enkele bandjes van ‘bijbelstudies’ van Griffioen. Opmerkelijk is dat Griffioen vaak de Statenvertaling citeert: het verraadt zijn afkomst. Op het eerste gehoor meeslepend, zo oordeelt ds. Zonnenberg. „Maar toen ik wat hoofdlijnen op papier probeerde te zetten, kon ik er geen touw meer aan vastknopen”.
Ontsporingen
Hoewel hij verder (nog) geen strafbare feiten pleegde, leven er wel zorgen over mogelijke seksuele ontsporingen. Dat gebeurt namelijk vaker bij zulke groepen. Familieleden weten met zekerheid dat Griffioen diverse sleutels heeft van huizen van ‘gemeenteleden’ en zo maar naar binnen stapt.
Griffioen wil zelf pas na lang aandringen spreken met iemand van het RD. Het is een moeizaam gesprek. Soms schudt hij meewarig het hoofd en breekt een net begonnen uitleg af: Ach, laat maar. Verantwoording geeft hij niet. Op de foto wil hij evenmin.
Hoe was uw relatie met Groot Enzerink? Verschilde u van mening met hem over wie nu op aarde de heer was?
„Ik ontken noch bevestig dat. Trouwens de krant brengt nieuws dat oud is. Wij verkondigen aan hen wie we ontmoeten”.
U legt aan de mensen in uw bijeenkomsten uit dat ze hun aardse vader en moeder niet hoeven te eren. Klopt dat?
„Kijk maar in de Bijbel, daar staat het”.
„Zegt u dat u de Heer bent?”
„Ik vind het niet zinvol dat te bespreken. Maar de krant stelt allemaal van die menselijke vragen”. „En als je er als journalist één aspect uithaalt, heb je altijd gelijk”.
U leeft van de giften van leden. Hen zijn de tienden opgelegd?
„Ik verplicht niets”.
Kent uw bijeenkomst een kerkeraad?
„Kijk maar in de Bijbel. Als daar oudsten in genoemd worden, hebben wij ze ook”.
„Met wie weet u zich in de geschiedenis verbonden?
„Er zullen wel mensen zijn die er precies eender over gedacht hebben. Daar ben ik dan mee verbonden. Trouwens, alles hangt er vanaf hoe je de Bijbel leest.
Aanvaard u de vroeg-christelijke geloofsbelijdenissen? Leest u die?
„Die lezen we niet”.

Beseft u dat er veel leed is in gezinnen, omdat uw volgelingen gebroken hebben met de familie; deze zelfs doodverklaarden? Is dat bijbels?

„Ach, dat is weer zo’n menselijke vraag. Het kruis brengt toch verdrukking!”.

 

 

 

Geverifieerd door MonsterInsights