Liefde tot de broeders of religieus fanatisme?

Liefde tot de broeders of religieus fanatisme?

Een Bijbels onderscheid

De Bijbel laat geen ruimte voor vaagheid wanneer het gaat om de houding van gelovigen tegenover elkaar. Toch zien we door de eeuwen heen, en ook vandaag, hoe geloof kan ontaarden in hardheid, veroordeling, dwang en religieus fanatisme. Daarom is de vraag onvermijdelijk: leven wij uit de liefde tot de broeders, of uit een fanatisme dat zich met de Schrift rechtvaardigt?

Broederliefde als bewijs van geestelijk leven

Volgens de Schrift is broederliefde geen bijzaak, maar het bewijs dat iemand werkelijk uit God leeft:

„Wij weten, dat wij overgegaan zijn uit den dood in het leven, omdat wij de broeders liefhebben; die den broeder niet liefheeft, blijft in den dood.”
(1 Johannes 3:14, STV)

Johannes trekt dit door:

„Een iegelijk, die zijn broeder haat, is een doodslager; en gij weet, dat geen doodslager het eeuwige leven in zich blijvende heeft.”
(1 Johannes 3:15, STV)

En nog scherper:

„Indien iemand zegt: Ik heb God lief, en zijn broeder haat, die is een leugenaar.”
(1 Johannes 4:20, STV)

Elke vorm van haat, hardheid of geestelijk geweld staat daarmee haaks op leven uit God.

Christus’ norm voor Zijn volgelingen

De Heere Jezus Zelf maakt liefde tot het herkenningspunt van Zijn volgelingen:

„Een nieuw gebod geef Ik u, dat gij elkander liefhebt; gelijkerwijs Ik u liefgehad heb.”
(Johannes 13:34, STV)

„Hieraan zullen allen bekennen, dat gij Mijn discipelen zijt, zo gij liefde hebt onder elkander.”
(Johannes 13:35, STV)

Niet strijd, niet dwang, maar liefde onderscheidt het christelijk geloof.

Wanneer ijver ontaardt in fanatisme

Religieus fanatisme beroept zich vaak op ijver voor God. Paulus erkent die ijver, maar ontmaskert tegelijk het gevaar:

„Want ik geef hun getuigenis, dat zij ijver tot God hebben, maar niet met verstand.”
(Romeinen 10:2, STV)

Fanatisme ontstaat waar men zonder geestelijk onderscheid handelt en Gods Woord losmaakt van Zijn handelen.

Wet en oordeel verkeerd toegepast

Een belangrijke oorzaak van fanatisme is het toepassen van oudtestamentische oordelen in de tijd van genade. Paulus is daar duidelijk over:

„Want gij zijt niet onder de wet, maar onder de genade.”
(Romeinen 6:14, STV)

Wie vandaag met veroordeling, dreiging of dwang werkt, handelt niet overeenkomstig Gods wil

Gods weg nu: lankmoedigheid

De Schrift verklaart waarom God vandaag geen oordeel voltrekt:

„De Heere vertraagt de belofte niet … maar is lankmoedig over ons, niet willende, dat enigen verloren gaan, maar dat zij allen tot bekering komen.”
(2 Petrus 3:9, STV)

Fanatisme wil afdwingen wat God juist uitstelt.

Geen geweld, maar zachtmoedigheid

De houding van de gelovige wordt expliciet beschreven:

„De dienstknecht des Heeren moet niet twisten, maar vriendelijk zijn jegens allen, bekwaam om te leren, verdraagzaam.”
(2 Timotheüs 2:24, STV)

„Met zachtmoedigheid onderwijzende degenen, die tegenstaan.”
(2 Timotheüs 2:25, STV)

En:

„Want de toorn des mans werkt Gods gerechtigheid niet.”
(Jakobus 1:20, STV)

Oordeel behoort God toe

Fanatisme neemt het oordeel in eigen hand, maar de Schrift verbiedt dit:

„Oordeelt niet, opdat gij niet geoordeeld wordt.”
(Mattheüs 7:1, STV)

„Mij komt de wrake toe; Ik zal het vergelden, zegt de Heere.”
(Romeinen 12:19, STV)

„Daarom zo laat ons elkander niet meer oordelen.”
(Romeinen 14:13, STV)

Geen vleselijke wapenen

Het Koninkrijk van Christus wordt niet verdedigd met geweld:

„Mijn Koninkrijk is niet van deze wereld; indien Mijn Koninkrijk van deze wereld ware, zo zouden Mijn dienaars strijden.”
(Johannes 18:36, STV)

„Want de wapenen van onzen krijg zijn niet vleselijk.”
(2 Korinthe 10:4, STV)

De gezindheid die fanatisme uitsluit

Paulus beschrijft een gezindheid die religieus fanatisme onmogelijk maakt:

„Doet geen ding door twisting of ijdele eer, maar door ootmoedigheid achte de een den ander uitnemender dan zichzelven.”
(Filippenzen 2:3, STV)

Waar deze houding ontbreekt, ontstaan trots, hardheid en geestelijke dwang. Met name deze tekst kreeg ik zelf de laatste tijd regelmatig in gedachten….

Liefde boven kennis en gelijk

Zelfs zuivere leer verliest haar waarde zonder liefde:

„De kennis maakt opgeblazen, maar de liefde sticht.”
(1 Korinthe 8:1, STV)

„Al ware het, dat ik al het geloof had … en de liefde niet had, zo ware ik niets.”
(1 Korinthe 13:2, STV)

„Doch nu blijft geloof, hoop en liefde, deze drie; maar de meeste van deze is de liefde.”
(1 Korinthe 13:13, STV)

Feitelijk:

Religieus fanatisme:

  • verwart Wet en genade
  • neemt het oordeel vooruit
  • rechtvaardigt hardheid met Bijbelteksten

Bijbels geloof daarentegen:

  • wandelt in liefde
  • spreekt waarheid met zachtmoedigheid
  • acht de ander uitnemender dan zichzelf

„Want het Koninkrijk Gods is niet spijs en drank, maar rechtvaardigheid en vrede en blijdschap door den Heiligen Geest.”
(Romeinen 14:17, STV)

Niet messen en bijlen kenmerken Gods werk vandaag,
maar het kruis, en Zijn liefde die daaruit voortvloeit.

“Van in de garage staan word je geen auto”

“Van in de garage staan word je geen auto”

Een metafoor waarvan de herkomst onduidelijk is, soms wordt hij toegeschreven aan Willem Kieft, dan weer aan Louis van Gaal, of zelfs aan de karakteristieke politicus Jan Schaefer. Van de laatste kan ik me trouwens nóg wel een karakteristieke en stevige uitspraak herinneren. (“In geouwehoer kun je niet wonen“, n.a.v  de woningnood die er destijds in 1978 al was in Amsterdam). Als taalliefhebber kan ik daar erg van genieten.

Kerkgang

Wat hiermee bedoeld wordt, lijkt me wel duidelijk. Deze vlieger gaat ook op voor kerkgang. Van naar de kerk gaan word je nog geen christen, al denken veel mensen dat nog steeds. “Als je maar gaat” is dan vaak de gedachte. De werkelijkheid is toch wel anders. Als je niet gelooft heeft het geen enkele zin om trouw elke zondag (twee keer?) aan te schuiven in de kerkbanken.

Dovemansoren

Van een kerk mag verwacht worden dat daar het Woord van God gebracht wordt. En als je niet gelooft, is dat eenvoudig aan dovemansoren gericht. Dat gaat je geen beter mens maken. Sterker nog: de kans is aanwezig dat je er super gefrustreerd en doodongelukkig van wordt, omdat je allemaal dingen hoort, waar je geen bal van snapt.
Dat is een vrij logisch en trouwens ook Bijbels principe; geestelijke dingen worden geestelijk verstaan. Als je het niet gelooft is het sowieso allemaal dwaasheid.

Gewoonte

Zorg er voor dat je niet stomweg gaat uit gewoonte, of omdat iemand dat van je vraagt of zelfs eist. Geloven is in eerste instantie vertrouwen op de informatie die je is medegedeeld. En die informatie kun je In de Bijbel vinden, of ga desnoods op zoek naar een christen die je het een en ander kan uitleggen.
Denk niet dat het “vanzelf wel komt”, of “later”, want de garantie dat je straks nog leeft, heb je niet.
Er is een levende God, en Zijn Zoon heet Jezus Christus. De Bijbel vertelt ons dat Hij de weg naar God is. Ga op zoek nu.

 

En wees niet als iemand die in de garage gaat staan hopen dat hij/zij een auto wordt…..

Waarom “Verbondstheologie” tekort schiet

Waarom “Verbondstheologie” tekort schiet

Gebrek aan expliciete Bijbelse grondslag

Een fundamenteel probleem van de verbondstheologie (pdf) is dat deze steunt op een theologisch geconstrueerd raamwerk dat niet expliciet zo in de Schrift wordt aangereikt. Centrale pijlers zoals het “Werkverbond” en het “Genadeverbond” worden nergens systematisch benoemd of uitgewerkt in de Bijbel zelf.

Ze zijn het resultaat van latere theologische reflectie, niet van directe uitleg.

Dat betekent dat definities en structuren vaak van buitenaf aan de tekst worden opgelegd. De theologie fungeert dan als bril waardoor de Schrift gelezen moet worden, in plaats van dat de Schrift zelf de leer voortbrengt. Dit staat in scherp contrast met begrippen als bedeling (oikonomia), die wél expliciet en herhaaldelijk in het Nieuwe Testament voorkomen, vooral in de brieven van Paulus.

Veronachtzaming van heilshistorische verschillen

De verbondstheologie benadert de Bijbel als één uniforme geschiedenis waarin wezenlijk niets verandert. Adam, Abraham, Mozes en de Christen worden gezien als deelnemers aan hetzelfde verbond, met hooguit andere uiterlijke vormen.

Hierdoor vervagen de duidelijke verschillen die de Schrift zelf maakt tussen tijdperken, verantwoordelijkheden en openbaring. De voortgang in Gods handelen wordt afgevlakt. Uitspraken als dat Adam “bij de Kerk hoorde” of dat Abraham op exact dezelfde wijze wedergeboren zou zijn als een gelovige vandaag, zijn daar het gevolg van. Zulke conclusies doen geen recht aan het feit dat Gods openbaring toeneemt, verdiept en verandert in vorm door de geschiedenis heen.

Onvermogen om Wet en Genade te onderscheiden

Hoewel de verbondstheologie belijdt dat de mens door genade behouden wordt, blijft de Wet, als leefregel, in de praktijk een blijvende norm binnen het christelijk leven. De Wet wordt niet werkelijk losgelaten, maar krijgt een andere functie.

Dit leidt tot een voortdurende vermenging van Sinaï en Golgotha. Begrippen als rechtvaardiging en heiliging, positie en wandel, worden onvoldoende onderscheiden. Paulus’ scherpe uitspraken dat de gelovige “niet onder de wet” is, of dat wie door de wet gerechtvaardigd wil worden “van de Genade vervallen” is, passen moeilijk binnen dit kader en worden daarom vaak afgezwakt of hervertaald.

Het gevolg is een geloofsbeleving waarin Genade wel wordt beleden, maar niet volledig wordt beleefd.

Israël ten opzichte van de Gemeente

Een cruciaal probleem is dat Israël en de Gemeente worden gezien als één en hetzelfde volk, slechts in verschillende fasen van hetzelfde verbond. Daarmee verdwijnt het onderscheid dat de Schrift zelf consequent maakt.

Concrete beloften aan Israël – zoals land, herstel, nationale bekering en toekomstig koningschap – worden vergeestelijkt en toegepast op de Kerk. Dit maakt grote delen van de profetieën hun oorspronkelijke betekenis kwijt. Met name de hoofdstukken Romeinen 9–11 worden binnen dit systeem lastig te duiden, omdat daar nadrukkelijk gesproken wordt over een toekomstig herstel van Israël als volk.

Wanneer Israël zijn eigen plaats verliest, verliest ook Gods trouw aan Zijn beloften haar zichtbare gestalte.

Neutralisering van toekomstige profetie

Veel verbondstheologische benaderingen kennen uiteindelijk slechts één toekomstmoment: de jongste dag. Alles daartussen verdwijnt. Profetieën worden geestelijk geïnterpreteerd, symbolisch gemaakt of geacht reeds vervuld te zijn.

Hierdoor verliezen profetische gedeelten hun tijdstructuur en concrete verwachting. Het duizendjarig rijk wordt ontkend of herleid tot een geestelijke realiteit in het heden. Openbaring wordt omgevormd tot een beschrijving van kerkgeschiedenis of morele strijd, in plaats van een profetisch boek met toekomstperspectief.

Dit staat op gespannen voet met de duidelijke tijdsaanduidingen en verwachtingen die de Schrift zelf aanreikt.

Willekeurige toepassing van Schriftgedeelten

Doordat alles in principe voor hetzelfde verbond en hetzelfde volk zou gelden, ontbreekt een helder antwoord op de vraag: voor wie is deze tekst bedoeld?

Het gevolg is een selectieve omgang met de Schrift. Sommige teksten worden rechtstreeks toegepast op de gelovige vandaag, terwijl andere teksten worden genegeerd, vergeestelijkt of naar de achtergrond geschoven. Er is geen consistente uitleg. Dat leidt tot innerlijke tegenstrijdigheden en pastorale verwarring.

Onderschatting van Paulus’ unieke bediening

De openbaring die aan Paulus is toevertrouwd wordt binnen de verbondstheologie meestal gezien als een verdere uitleg van bestaande waarheden, niet als de introductie van een nieuwe huishouding.

Daarmee verdwijnt het gewicht van Paulus’ uitspraken over een verborgenheid die in eerdere eeuwen niet bekendgemaakt was. De Gemeente wordt alsnog ingepast in Israëls profetische lijn, terwijl Paulus juist benadrukt dat hier iets totaal nieuws is geopenbaard. De radicaliteit van zijn evangelie wordt zo afgezwakt.

Theologische geslotenheid

De verbondstheologie functioneert in de praktijk vaak als een gesloten systeem. Wanneer Schriftgedeelten niet goed passen, wordt niet het systeem herzien, maar de uitleg aangepast.

Dat maakt het moeilijk om werkelijk open te blijven voor wat de tekst zegt. Schriftgegevens die spanning oproepen worden gladgestreken, en alternatieve benaderingen worden snel als gevaarlijk of onschriftuurlijk bestempeld. Zo wordt de leer zelf uitgangspunt, in plaats van de Schrift.

Pastorale gevolgen

De vermenging van bedelingen heeft niet alleen leerstellige, maar ook pastorale gevolgen. Veel gelovigen blijven leven onder druk, onzekerheid en prestatiedenken. De rust van de volbrachte verlossing komt zo onvoldoende tot haar recht.

Waar Paulus spreekt over zekerheid, vrede en vrijheid in Christus, ontstaat in de praktijk vaak een geloofsleven dat draait om toetsing, zelfonderzoek en morele spanning. Dat is geen klein bijverschijnsel, maar een direct gevolg van het ontbreken van helder onderscheid.

Samenvattend

De kern van de kritiek is niet dat de verbondstheologie niets goeds voortbrengt, maar dat zij te weinig onderscheid maakt. Juist dat onderscheid is nodig om de Schrift recht te doen, Gods heilsplan in zijn samenhang te zien en werkelijk te leven uit Genade.

Wie de verschillen negeert, loopt vast in verwarring.
Wie ze erkent, ontdekt orde, rust en diepte in het Woord.

zie ook:

De vloek van de wet

Bedelingen….

Geverifieerd door MonsterInsights