Geen excuses voor verkapte luiheid

Waarom “Bijbelvorser” geen scheldwoord  zou moeten zijn

Er wordt vandaag gemakkelijk gezegd:

“Ik heb Jezus. Ik hoef geen Bijbelstudie.”

Dat klinkt geestelijk.
Maar vaak is het niets anders dan een nette verpakking van geestelijke luiheid.

En wie dan wél vragen stelt, teksten vergelijkt, verbanden onderzoekt, krijgt soms een etiket opgeplakt:

“Daar heb je weer zo’n Bijbelvorser.”
Alsof het iets verdachts is.

Laat ik daar dan maar eerlijk over zijn.

Wat is een Bijbelvorser dan?

Het woord betekent eenvoudig: iemand die de Bijbel onderzoekt.
Het werkwoord vorsen betekent: diepgaand onderzoeken.

Dat is geen negatieve term. Dat is Bijbels.

“En deze waren edeler dan die te Thessalonica, als die het Woord ontvingen met alle toegenegenheid, dagelijks onderzoekende de Schriften, of deze dingen alzo waren.” (Handelingen 17:11 STV)

Dagelijks onderzoekende.

De Heilige Geest noemt zulke mensen edel.

Dát is bijbelvorsing.

Waarom krijgt het woord een negatieve lading?

Omdat grondige schriftstudie schuurt.

In sommige kringen weegt:

  • beleving zwaarder dan exegese
  • ervaring zwaarder dan tekst
  • autoriteit zwaarder dan toetsing
  • enthousiasme of gevoel zwaarder dan nauwkeurigheid

Wie dan vraagt:
“Waar staat dat precies?”
“Wat betekent dit in context?”
“Snijden we hier het Woord recht?”

wordt al snel lastig gevonden.

En dan wordt “bijbelvorser” een etiket om iemand weg te zetten als:

  • iemand die alles kapot analyseert
  • iemand die te kritisch is
  • iemand die “zonder geest” zou zijn
  • iemand die corrigeert met teksten

Het verkleinwoord maakt het nog kleinerend ook.
Dan bedoelt men niet: iemand die de Schrift serieus neemt —
maar: zo’n pietluttige tekst-nerd.

Maar wat zit daaronder?

Bijbelstudie ontmaskert oppervlakkigheid

Grondige Bijbelstudie doet iets.

Ontmaskert slordige exegese.
Stelt vragen bij populaire leerstellingen.
Prikt door retoriek heen.
Dwingt tot verantwoording.

En dat schuurt.

En waar het schuurt, ontstaan etiketten.

Maar de Schrift roept juist op tot nauwkeurigheid:

“Benaarstig u, om uzelven Gode beproefd voor te stellen, een arbeider, die niet beschaamd wordt, die het woord der waarheid recht snijdt.” (2 Timótheüs 2:15 STV)

Benaarstig u.

Dat betekent: span je in. Doe moeite. Werk. Zet je er voor in.

Dat is ongeveer het tegenovergestelde van geestelijke gemakzucht.

Liefde tot Christus zonder kennis is leeg

De Here Jezus zegt:

“Indien gij Mij liefhebt, zo bewaart Mijn geboden.” (Johannes 14:15 STV)

Maar hoe bewaar je Zijn geboden als je ze niet kent?

Paulus bidt:

“En dit bid ik, dat uw liefde nog meer en meer overvloedig worde in kennis en alle gevoelen.” (Filippenzen 1:9 STV)

Liefde zonder kennis wordt sentimenteel.
IJver zonder kennis wordt gevaarlijk:

“Want ik geef hun getuigenis, dat zij een ijver tot God hebben, maar niet met verstand.” (Romeinen 10:2 STV)

Geestelijke traagheid wordt aangepakt

De Hebreeënbrief is scherp:

“Hierover hebben wij veel te zeggen, en zwaar om te verklaren, dewijl gij traag om te horen geworden zijt.” (Hebreeën 5:11 STV)

Traag om te horen.

Dat is geen gebrek aan talent.
Dat is een houding.

En verder:

“Want gij moest naar den tijd leraars zijn…” (Hebreeën 5:12 STV)

Er is dus zoiets als verwijtbare stilstand.

Christus Zelf opende de Schriften

Na Zijn opstanding zei Hij niet dit:

“Voel Mij”

Maar dit deed Hij bij de Emmausgangers

“En Hij begon van Mozes en van al de Profeten, en legde hun uit, in al de Schriften, hetgeen van Hem geschreven was.” (Lukas 24:27 STV)

De opgestane Christus opent de Schrift.
Hij vervangt haar niet.

En Hij zegt:

“Indien gij in Mijn woord blijft, zo zijt gij waarlijk Mijn discipelen.” (Johannes 8:31 STV)

Blijven in Zijn woord.

Dat vraagt iets, namelijk inzet.

Is Bijbelvorsing altijd gezond?

Natuurlijk kan iemand helemaal doorschieten.

Zonder liefde wordt studie hard.
Zonder nederigheid wordt kennis hoogmoedig.

Maar dat is geen argument tegen studie.
Dat is een oproep tot karakter.

Het probleem is niet Bijbelvorsing.
Het probleem is hoe mensen reageren op toetsing.

De eerlijke vraag

Waarom zou het een belediging zijn om iemand te noemen naar iemand die de Schrift onderzoekt?

Waarom zou nauwkeurigheid verdacht zijn?

Waarom zou het verkeerd zijn om te vragen:
“Wat staat er werkelijk?”

Misschien is de echte spanning niet dit:
“Bijbelvorsers zijn lastig.”

Maar dit:
Het Woord corrigeert.

En correctie doet pijn.

Bijbelstudie is geen hobby.
Het is gehoorzaamheid.

Het is:

  • liefde tot Christus
  • bescherming tegen dwaling
  • groei naar volwassenheid
  • geestelijke weerbaarheid
  • eerbied voor Gods spreken

Geen excuses dus voor verkapte luiheid.

 

En als iemand je “bijbelvorser” noemt omdat je de Schrift onderzoekt?

Draag het dan als een geuzennaam.

Want de Schrift noemt zulke mensen:

edel.

“Even bijtanken”

“Even bijtanken”

U kent de uitdrukking vast wel. Als we bijvoorbeeld aan het begin van een vakantieperiode staan zeggen we wel tegen elkaar dat het tijd is om “even bij te tanken”, of om “de accu op te laden”. We bedoelen dan dat we verlangen naar rust, tijd voor ontspanning, even geen verantwoordelijkheden. Even nieuwe energie op doen na een periode van drukke werkzaamheden. Ik denk dat het niet zo moeilijk is om daar een beeld bij te hebben.

Gek genoeg lijkt het bij veel christenen op geestelijk gebied ook zo te werken. En misschien is het daarom wel zo dat er op Evangelisch gebied tal van evenementen worden aangeboden om “geestelijk” bij te tanken. Ik denk dan bijvoorbeeld aan conferenties en bijeenkomsten die met klinkende marketingmethoden in de markt worden gezet. Bekende namen verkopen goed, dus als je een of meerdere “grote” namen vast kunt leggen, verhoogt dat je marktwaarde en aandeel aanzienlijk. En een bijzonder prettige bijkomstigheid is ook nog als die “grote namen” ook regelmatig studieboeken of dvd’s produceren. Het genereert omzet immers? Vraag en aanbod….

Bent u ook zo’n “geestelijke bijtanker” die bepaalde conferenties met een zekere regelmaat afloopt, op zoek naar nieuwe kicks, nieuw onderwijs, nieuwe trends op het christelijke erf? En op zoek naar een goed gevoel?

Dan vraag ik me af hoe het zit met uw persoonlijke geloof. Waar dat op gebaseerd is. Hebt u zo’n evenement werkelijk nodig om een kind van God te zijn? Om opgebouwd te worden in uw geloof? Om u weer eens te laten vertellen dat God van u houdt, een plan heeft met uw leven, en u “in geloof stappen moet gaan zetten”? Is uw geloof gebaseerd op gevoel, op ervaring?

Dan heb ik geen opwekkende boodschap. Als uw geloof gebaseerd is op (het verlangen naar) het hebben van gevoelens en bijzondere ervaringen, en op het nalopen van “gezalfde voorgangers”, gaat u onder de streep bedrogen uitkomen.

Uw geloof zou niet gebaseerd moeten zijn op dergelijke zaken, maar enkel en alleen op het Woord van God, wat we allemaal beschikbaar hebben in een of meerdere vertalingen. De Bijbel is, in tegenstelling tot kicks, gevoelens, ervaringen en gezalfde voorgangers betrouwbaar en onveranderlijk. De enige optie die u heeft is uw geloof daaruit te voeden.

En wat die energie betreft voor in de tank, die is onbeperkt op voorraad. Altijd. 24 uur per dag. Als u een kind van God bent, woont Hij namelijk permanent bij u, door de Heilige Geest, de Geest van God. Hiervoor heeft u geen speciale doop nodig, geen speciaal gebed om vervulling door een speciaal iemand, geen speciale taal of andere kunstjes, u bent er al mee verzegeld!

Vult u zichzelf dus niet met vroom uitgevente surrogaat. Hoe mooi de verpakking ook mag zijn, met welke mooie woorden het ook komt, het zal blijken dat het niet genoeg is. Na de zoveelste conferentie volgt de zoveelste leegte….en loop uw tank weer leeg.

Als u dus bij wilt tanken, doe dat in uw binnenkamer. Lees de Bijbel. Denk erover na. Praat met uw hemelse Vader, en besef dat Hij er altijd bij is. Ook al voelt u niks. De Here Jezus Christus voorziet in alles wat u nodig hebt, zelfs zonder dat we daar om vragen.

Of heeft u de Bijbel al uit?

De Gemeente is geen Israël

De Gemeente is geen Israël

Een duidelijk Bijbels onderscheid

De verwarring rond de Gemeente begint vrijwel altijd bij het vervagen van het onderscheid tussen Israël en de Gemeente. Zodra men die twee samenvoegt, ontstaan vermenging van beloften, vermenging van roeping en uiteindelijk vermenging van Wet en Genade.

Wat zegt de Schrift?

Paulus schrijft:

“En heeft alle dingen Zijn voeten onderworpen, en heeft Hem der Gemeente gegeven tot een Hoofd boven alle dingen; Welke Zijn lichaam is, en de vervulling Desgenen, Die alles in allen vervult.” (Efeze 1:22-23 STV)

De Gemeente is het Lichaam van Christus. Dat wordt nergens van Israël gezegd.

Israël wordt genoemd: knecht, wijnstok, volk, kudde, maar nooit het Lichaam van Christus.

Dat is een unieke openbaring die pas ná het kruis bekendgemaakt is.

Een verborgenheid die tevoren niet bekend was

Paulus noemt de Gemeente een verborgenheid.

“Dat Hij mij door openbaring heeft bekendgemaakt deze verborgenheid; (gelijk ik met weinige woorden tevoren geschreven heb;) Waaraan gij, dit lezende, kunt bemerken mijn wetenschap in deze verborgenheid van Christus; Welke in andere eeuwen den kinderen der mensen niet is bekendgemaakt, gelijk zij nu is geopenbaard aan Zijn heilige apostelen en profeten door den Geest.” (Efeze 3:3-5 STV)

Hier staat iets cruciaals: in andere eeuwen niet bekendgemaakt.

Dat betekent dat Mozes, Jesaja, Jeremia of Daniël de Gemeente niet voorzagen als het Lichaam van Christus. Zij zagen het Koninkrijk, zij zagen het herstel van Israël, maar niet deze hemelse eenheid van Jood en heiden in één lichaam.

Daarom kan de Gemeente geen voortzetting van Israël zijn. Een verborgenheid kan geen voortzetting zijn van iets dat al bekend was.

Wanneer begon de Gemeente?

De Heere Jezus sprak vóór het kruis:

“En Ik zeg u ook, dat gij zijt Petrus, en op deze Petra zal Ik Mijn Gemeente bouwen, en de poorten der hel zullen dezelve niet overweldigen.” (Mattheüs 16:18 STV)

Let op: Ik zal bouwen.

Toekomende tijd. Het bestond toen nog niet.

De Gemeente begon historisch bij de uitstorting van de Heilige Geest.

“En zij werden allen vervuld met den Heiligen Geest.” (Handelingen 2:4 STV)

Vanaf dat moment worden gelovigen door één Geest tot één lichaam gedoopt:

“Want ook wij allen zijn door één Geest tot één lichaam gedoopt, hetzij Joden, hetzij Grieken, hetzij dienstknechten, hetzij vrijen; en wij zijn allen tot één Geest gedrenkt.” (1 Korinthe 12:13 STV)

Hier ontstaat iets nieuws: geen nationale eenheid, maar een geestelijke eenheid in Christus.

Israël heeft aardse beloften

Israël heeft een landbelofte.

“En Ik zal u het land Kanaän geven tot een eeuwige bezitting; en Ik zal hun tot een God zijn.” (Genesis 17:8 STV)

Israël verwacht het aardse Koninkrijk onder de Messias.

De discipelen vragen na de opstanding:

“Heere, zult Gij in dezen tijd aan Israël het Koninkrijk weder oprichten?” (Handelingen 1:6 STV)

De Heere corrigeert hun verwachting niet — Hij ontkent het Koninkrijk niet — maar spreekt over het tijdstip.

Dat Koninkrijk is toekomstig en verbonden aan Israël.

De Gemeente heeft een hemelse roeping

Van de Gemeente lezen wij:

“Gezegend zij de God en Vader van onzen Heere Jezus Christus, Die ons gezegend heeft met alle geestelijke zegening in den hemel in Christus.” (Efeze 1:3 STV)

En:

“Want ons burgerschap is in de hemelen, waaruit wij ook den Zaligmaker verwachten, namelijk den Heere Jezus Christus.” (Filippenzen 3:20 STV)

Israël verwacht de Messias op aarde.
De Gemeente verwacht Hem uit de hemel.

Israël ontvangt aardse zegeningen in het land.
De Gemeente is gezet en gezegend in de hemel

Dat is geen nuanceverschil maar een wezenlijk onderscheid.

De Gemeente is niet onder de Wet

Israël stond onder het Sinaïtisch verbond.

Maar Paulus zegt tegen gelovigen uit Jood en heiden:

“Want gij zijt niet onder de wet, maar onder de genade.” (Romeinen 6:14 STV)

Wie de Gemeente weer onder de Wet plaatst, maakt van het Lichaam van Christus opnieuw een Sinaïtisch volk.

Dat is precies wat de Galatenbrief bestrijdt.

Wet en Genade kunnen niet gemengd worden zonder dat beide hun kracht verliezen.

Wat gebeurt er als men dit onderscheid loslaat?

Dan wordt:

– de Gemeente het nieuwe Israël
– het Koninkrijk vergeestelijkt
aardse beloften geestelijk gemaakt
– profetie heringevuld
– Wet en Genade vermengd

En uiteindelijk raakt men het zicht kwijt op Gods veelkleurige wijsheid.

Paulus spreekt over:

“Opdat nu door de Gemeente bekendgemaakt worde aan de overheden en de machten in den hemel de veelvuldige wijsheid Gods.” (Efeze 3:10 STV)

Juist het onderscheid laat Gods plan schitteren.

Niet vermenging, maar onderscheiden bedelingen.

De Gemeente is:

– Het Lichaam van Christus
– Een verborgenheid in het Oude Testament
– Ontstaan na kruis en opstanding
– Samengesteld uit Jood en heiden zonder onderscheid
– Gezegend met hemelse zegeningen
– Niet onder de Wet maar onder de Genade

Israël blijft Gods aardse verbondsvolk met eigen beloften en toekomst.

Wie de Schrift recht wil snijden, moet onderscheiden wat God onderscheidt.

Niet om te scheiden wat bij elkaar hoort, maar om niet samen te voegen wat God uiteen heeft gezet.

 

Geverifieerd door MonsterInsights