Reformatorische “Zondagsverdwazing” in het nieuws

Opmerkelijk refo nieuws over “zondagsrust”

Of, zoals het hier binnenkwam:

“Zondagsverdwazing”

Omdat ik door omstandIgheden wat gemankeerd ben, en toch soms reclamevrij nieuws wil lezen, heb ik een tijdelijk abonnement op het Reformatorisch Dagblad.

Je kan je natuurlijk afvragen “Waarom dan die krant?”

Wel, dat heeft de reden dat ik totaal niet geïnteresseerd ben in bijvoorbeeld het laatste nieuws over de zoveelste borstvergroting van één of andere actrice. En bij gelegenheid staan er best goede items in het ErDee.

In de app van het ErDee las ik een typisch  refo bericht. In de rubriek economie staat er bij zondagsrust een bezorgd klinkend item met als titel “Wat te doen als je op zondag geen pakket wilt ontvangen? Vanwege het slechte weer is er een achterstand gekomen bij de pakketdiensten, die begrijpelijkerwijs graag hun achterstand weg willen werken.

Maar het Reformatorisch Dagblad geeft bij monde van de voorzitter van de Vereniging Zondagsrust de lezer het advies “om pakketjes en lectuur te weigeren aan de deur als dat op zondag bezorgd wordt” Een tekenend voorbeeld hoe eigengereide religie springlevend is anno 2026. 

Het artikel zegt dan:

Maar wat moet je doen als je principiële bezwaren hebt tegen het ontvangen van een pakket op zondag? Wegduiken als er een bezorger aanbelt en de deur niet opendoen? Hem of haar botweg wegsturen? Of toch maar aannemen dat pakketje?

deursticker zonagsrust

De Vereniging Zondagsrust adviseert bovenstaande sticker op of bij de deur te plakken met de tekst: ”Wij wensen geen lectuur/pakket, in welke vorm dan ook, op zondag te ontvangen! Dank u.” Deze sticker is gratis te bestellen bij de vereniging en werkt afdoende, zegt medewerker A. Kloppenburg. „Ik hoor daar nooit klachten over.”

En als er dan toch een pakketbezorger op zondag aanbelt? Kloppenburg: „Ik zou wel de deur opendoen, maar zeggen dat we op zondag geen pakketjes aannemen. En de bezorger vragen de volgende dag terug te komen.”

De Bijbel zwijgt trouwens categorisch over zondagsrust, je zult het tevergeefs zoeken.

Als er al over een rustdag gesproken wordt, gaat het over de shabbat , de zevende dag en niet de eerste dag (zondag) en dat was ten tijde van het oude Verbond voor het verbondsvolk Israël.

Vandaar kwam ineens de titel van dit artikel in mijn gedachten. En ik dacht aan deze tekst uit Romeinen 14

Romeinen 14:5
De een acht wel den enen dag boven den anderen dag, maar de ander acht al de dagen gelijk. Een iegelijk zij in zijn eigen gemoed ten volle verzekerd.

De digitale Euro: een oplossing zonder probleem

Wat is de digitale euro – en waarom wil niemand haar écht?

De Europese Centrale Bank (ECB) werkt aan een groot experiment: de digitale euro, oftewel de CBDC (Central Bank Digital Currency). Volgens Brussel wordt dit “veilig, modern en gebruiksvriendelijk geld” dat iedereen straks zal gebruiken.

Maar wat als we één vraag durven stellen:
Welk probleem lost dit eigenlijk op?

Want we betalen al digitaal. iDEAL, pin, Apple Pay – het werkt allemaal. Niemand vraagt om nóg een digitale munt. Toch wordt de invoering van de digitale euro haast religieus doorgedrukt, ondersteund door campagnes over “innovatie” en “vooruitgang”.


Geen vraag, toch een antwoord

De digitale euro wordt gepresenteerd als noodzakelijk om Europa concurrerend te houden. Maar als je kijkt naar de feiten, zie je: er is geen enkele burgerlijke vraag naar dit product.

Wat er wél gebeurt: de relatie tussen burger en centrale bank verandert fundamenteel.
De digitale euro geeft de ECB directe toegang tot jouw geld. Geen commerciële banken meer als tussenlaag. Dat betekent: meer macht, minder privacy.


De beloofde voordelen – of marketingpraat?

De officiële argumenten klinken mooi:

  • “Altijd beschikbaar, ook offline.”
  • “Gratis en veilig.”
  • “Betrouwbaar alternatief voor contant geld.”

Maar deze voordelen bestaan al. Betalingen zijn snel, veilig en goedkoop. De digitale euro voegt niets toe – behalve dat ze controle centraliseert.

En dat is geen detail: CBDC’s zijn programmeurbaar geld. De uitgevende instantie – in dit geval de centrale bank – kan bepalen waaraan jij je geld mag uitgeven, of wanneer het vervalt.

Een paar scenario’s die door centrale banken zélf zijn beschreven:

  • Tijdelijke “stimuleringscheques” die na 3 maanden vervallen.
  • CO₂-gerelateerd verbruik dat automatisch wordt beperkt.
  • “Gerichte steun” die alleen te besteden is aan goedgekeurde producten.

Dat is geen financieel systeem meer, maar gedragssturing.


De digitale ID: de andere helft van de puzzel

Parallel aan de digitale euro ontwikkelt de EU een digitale identiteit (EUDI). Officieel bedoeld om veilig in te loggen bij overheden, zorg en banken.

Maar in de praktijk wordt het de sleutel tot toegang tot jouw geld.
Zonder digitale ID geen digitale euro. En zonder digitale euro geen toegang meer tot het economische verkeer.

Zo ontstaat een allesomvattend controlesysteem waarin identiteit, gezondheid en financiën samenkomen. En dat roept de ongemakkelijke vraag op:
Wie heeft dan werkelijk de controle over jouw leven?


De echte reden: angst voor verlies van controle

CBDC’s zijn geen innovatie uit noodzaak, maar uit angst.
Overheden verliezen greep op de economie: schulden stijgen, inflatie vreet koopkracht op, banken wankelen.

De digitale euro geeft centrale banken opnieuw macht:

  • Belastingen kunnen automatisch worden geïnd.
  • Transacties kunnen realtime worden gemonitord.
  • “Ongewenste” betalingen kunnen direct worden geblokkeerd.

Met één druk op de knop kan beleid letterlijk door je portemonnee worden afgedwongen.


Contant geld: het laatste stukje vrijheid

Zodra de digitale euro er is, zal contant geld verdwijnen. Officieel “uit efficiëntieoverwegingen”, maar in werkelijkheid omdat anonieme transacties dan niet meer mogelijk zijn.

Wie denkt dat dit onrealistisch is, herinnert zich vast hoe snel de QR-code in 2020 een toegangspas tot de samenleving werd.


Wat levert het de burger op?

Kort antwoord: niets.
Geen extra privacy, geen lagere kosten, geen nieuwe vrijheid. Alleen een systeem waarin elk aspect van je financiële gedrag wordt gevolgd, vastgelegd en – als het nodig wordt geacht – beperkt.

De digitale euro is een digitale leiband, verpakt als vooruitgang.


De kernvraag die niemand stelt

De vraag is niet wanneer de digitale euro komt, maar waarom ze überhaupt wordt ingevoerd.

Er was geen vraag van burgers, geen probleem dat opgelost moest worden.
De digitale euro is geen munt, maar een mechanisme om controle te centraliseren en autonomie te beperken.


Slot: de grens van vertrouwen

In naam van veiligheid wordt privacy opgeofferd.
In naam van efficiëntie verdwijnt keuzevrijheid.
De digitale euro is niet de toekomst van geld, maar het einde van financieel eigenaarschap.

Zoals Arno Wellens het zou zeggen:

“Wie het geld controleert, controleert het gedrag. En wie gedrag controleert, heeft geen democratie meer nodig.”

Het Islamitisch dilemma

Het Islamitisch dilemma

De gebrekkige kennis van Mohammed van de Evangeliën

De Koran roept moslims op om te geloven in de eerdere geopenbaarde geschriften: de Thora (Tawrat), de Psalmen (Zabur) en het Evangelie (Injil). Tegelijkertijd bevat de Koran beweringen over Jezus (Isa), Maria, en andere Bijbelse figuren die fundamenteel verschillen van wat de Bijbel leert. Dit leidt tot een belangrijk spanningsveld, vaak aangeduid als “het islamitisch dilemma”: als de Bijbel betrouwbaar is, dan spreekt de Koran zichzelf tegen; maar als de Bijbel corrupt is, waarom bevestigt de Koran die dan als goddelijk boek?
Daarnaast rijst de vraag: Wat wist Mohammed eigenlijk over de inhoud van de Bijbel, en met name over de evangeliën? Historische, tekstuele en theologische aanwijzingen wijzen erop dat Mohammed nooit directe toegang had tot de oorspronkelijke Bijbelteksten en zijn informatie baseerde op mondelinge overlevering en (mogelijk foutieve) tradities uit de marge van het jodendom en christendom.

Wat zegt de Koran over de eerdere geschriften?

De Koran erkent meerdere boeken als door God geopenbaard vóór de islam:
  • Tawrat – de Thora, aan Mozes gegeven
  • Zabur – de Psalmen, aan David gegeven
  • Injil – het Evangelie, aan Jezus gegeven
Meerdere verzen stellen dat moslims verplicht zijn te geloven in deze boeken:
“Zeg: Wij geloven in Allah en in wat aan ons is neergezonden, en in wat is neergezonden aan Abraham, Ismaël, Isaak, Jakob en de stammen, en in wat is gegeven aan Mozes, Jezus en de profeten…” (Soera 2:136)
“Laat het volk van het Evangelie oordelen naar wat Allah daarin heeft neergezonden.” (Soera 5:47)
➡️ De Koran bevestigt dus expliciet de goddelijke herkomst van de Thora, de Psalmen en het Evangelie, en moedigt zelfs oordelen aan op basis daarvan.

Het islamitisch dilemma: twee onhoudbare keuzes

Hier ontstaat het centrale dilemma:
Optie 1: De Bijbel is betrouwbaar
  • Dan spreken de Koran en de Bijbel elkaar op essentiële punten tegen: Jezus is de Zoon van God (Joh. 3:16) De Koran ontkent dit (Soera 19:35) Jezus stierf aan het kruis en stond op (Matt. 27–28) De Koran ontkent de kruisiging (Soera 4:157) Verlossing komt door geloof (Ef. 2:8–9) In de Koran: verlossing door werken (Soera 23:102–103)
Conclusie: Als de Bijbel betrouwbaar is, dan is de Koran in theologische en historische zin onjuist.
Optie 2: De Bijbel is corrupt of vervalst
  • Dan heeft Allah volgens de Koran mensen opgedragen om te oordelen naar een vervalst boek.
  • De Koran zegt nergens dat deze boeken al vóór Mohammed corrupt waren.
  • In Soera 5:47 wordt gesproken over het Evangelie alsof het nog steeds bruikbaar is.
Conclusie: Als de Bijbel corrupt is, is de Koran intern tegenstrijdig en dus niet betrouwbaar als openbaring.
Samenvatting van het dilemma:
Als de Bijbel waar is, is de Koran onjuist. Als de Bijbel onwaar is, is de Koran ook onjuist (omdat hij hem bevestigt).

Wat wist Mohammed over het Evangelie?

Geen Arabische Bijbel beschikbaar
Ten tijde van Mohammed (ca. 570–632 na Chr.) bestond er geen volledige Arabische vertaling van het Nieuwe Testament. De eerste vertalingen dateren uit de 8e tot 9e eeuw. Mohammed had dus geen directe toegang tot de canonieke Evangeliën.
Informatie via mondelinge en apocriefe bronnen
De informatie over Jezus en de Bijbel in de Koran lijkt afkomstig van:
  • Mondelinge overlevering via nomaden, handelaars, christenen en joden
  • Mogelijke invloeden van apocriefe evangeliën (zoals het Evangelie van Thomas)
  • Vroege ketterse stromingen (zoals Ebionieten, docetisten, gnostici)
Voorbeelden:
  • Jezus die als kind vogels van klei levend maakt (Soera 3:49) – komt niet voor in de Bijbel, wel in het Syrische Kindheidsevangelie
  • Jezus spreekt als baby vanuit de wieg (Soera 19:29-30) – eveneens apocrief
  • Maria wordt “zuster van Aäron” genoemd (Soera 19:28) – verwarring met Mirjam, de zus van Mozes

Geen kennis van de kern van het Evangelie

De Koran:
  • Kent geen kruisiging, geen opstanding
  • Kent geen verlossing door genade
  • Kent geen brieven van Paulus
  • Kent geen leer zoals die van de drie-eenheid
→ Mohammed kende blijkbaar niet de inhoudelijke kern van het christelijke evangelie.

Het Ezra-incident: een extra bewijs van verwarring

In Soera 9:30 staat:
“De Joden zeggen: ‘Ezra is de zoon van Allah.’…”
Probleem:
  • Er is geen enkel bewijs dat Joden ooit geloofd hebben dat Ezra (Ezra de schriftgeleerde) de Zoon van God was.
  • In geen enkele joodse bron (Tenach, Talmoed, Midrasj) wordt zo’n bewering gedaan.
  • Zelfs islamitische geleerden hebben moeite met deze tekst en stellen dat het misschien gaat om een verkeerde overlevering of een vergeten sekte – waarvoor geen historisch bewijs bestaat.
→ Dit vers is een ernstig voorbeeld van feitelijke onjuistheid in de Koran, en versterkt de conclusie dat Mohammed zijn informatie haalde uit onbetrouwbare bronnen.
Conclusie
Het zogenaamde “islamitisch dilemma” is geen kunstmatige paradox, maar een reëel en diepgaand theologisch probleem voor de islam. De Koran bevestigt de eerdere boeken van Mozes, David en Jezus, maar spreekt vervolgens leerstellingen uit die haaks staan op de inhoud van diezelfde boeken.
Bovendien laat de Koran zien dat Mohammed geen grondige, inhoudelijke kennis had van de Evangeliën, de Thora of het jodendom. Zijn beeld van het christendom lijkt gebaseerd op geruchten, apocriefe verhalen en vervormde theologische concepten.
Daarom geldt:
Als de Bijbel waar is, dan spreekt de Koran onwaarheid. Als de Bijbel vals is, dan heeft de Koran zich vergist door die te bevestigen.

Hoe dan ook, de Koran faalt als betrouwbare openbaring

zie ook:

Het Islamitisch dilemma 2 – Bijbelse basis

Jesus Is God – Isa Is Not – Bijbelse basis

Waarheid of leugen, allah: waarachtig of een bedrieger? – Bijbelse basis

extern:

Het Islamitisch Dilemma en Meer / Islam / Onderwerpen | keigoedcommentaar.nl

Islamic Dilemma — What It Is, Key Verses & Clear Summary

Geverifieerd door MonsterInsights