Niet later, maar nu al
“Ik zal van het besluit verhalen: de HEERE heeft tot Mij gezegd: Gij zijt Mijn Zoon, heden heb Ik U gegenereerd” (Psalm 2:7 STV)
“Want tot wien van de engelen heeft Hij ooit gezegd: Gij zijt Mijn Zoon, heden heb Ik U gegenereerd? En wederom: Ik zal Hem tot een Vader zijn, en Hij zal Mij tot een Zoon zijn” (Hebreeën 1:5 STV)
Gij zijt Mijn Zoon…. wanneer was dat “heden”?
Er zijn van die zinnen in de Schrift die als een anker in de tijd staan.
Die woorden klinken vier keer in de Bijbel: in Psalm 2, in Handelingen 13 en twee keer in de Hebreeënbrief. Vaak worden ze toegepast bij Bethlehem. Bij de kribbe. Bij Kerst.
Maar de Schrift zelf legt uit wat dat “heden” is.
En dat verandert alles.

Niet Bethlehem, maar de opstanding
In Psalm 2 lezen we over opstandige volken die de banden met God willen verbreken. Koningen beraadslagen tegen de HEERE en tegen Zijn Gezalfde. De mens wil autonoom zijn. Onafhankelijk. Vrij van God.
Maar dan spreekt God:
“Ik toch heb Mijn Koning gezalfd over Sion, de berg Mijner heiligheid.”
En vervolgens:
“Gij zijt Mijn Zoon, heden heb Ik U gegenereerd.”
Dat “heden” wordt verklaard in Handelingen. Daar predikt Paulus in de synagoge over de opstanding van Christus en citeert precies deze tekst. Hij verbindt het rechtstreeks aan het moment dat God Hem uit de doden heeft opgewekt.
Dát is het heden.
Niet Zijn geboorte.
Maar Zijn opstanding.
Daar, en niet eerder, werd Hij officieel aangesteld als Zoon.
Zoonstelling
Dat klinkt misschien vreemd. Was Hij dan niet altijd de Zoon?
Jawel. Hij was van eeuwigheid bij de Vader. Hij was voorbestemd tot Erfgenaam. De geliefde Zoon.
Maar in Bijbelse zin is een “zoon” niet alleen een kind — het is een aangestelde erfgenaam. Een officieel beklede positie.
In Hebreeën wordt Psalm 2 tweemaal aangehaald. Eén keer in verband met Zijn koningschap. Eén keer in verband met Zijn hogepriesterschap.
Toen Hij opstond uit de dood:
werd Hij gesteld tot Koning
werd Hij gesteld tot Hogepriester
werd Hij aangesteld als Erfgenaam van alles
Dat gebeurde niet in de stal.
Dat gebeurde bij het lege graf.
Dat was het moment waarop de Vader als het ware zei:
Nú.
Nu ben je Mijn Zoon ,in officiële heerlijkheid.
De wereld lacht, maar God lacht het laatst
Psalm 2 beschrijft hoe de wereld zich los wil maken van God.
“Laat ons hun banden verscheuren.”
Is dat niet precies wat wij om ons heen zien?
God wordt uit het publieke domein weggedrukt. Zijn Woord wordt bespot. Zijn geboden worden herschreven.
Maar Psalm 2 zegt:
“Die in de hemel woont zal lachen.”
Niet omdat God onverschillig is.
Maar omdat de opstand kansloos is.
De Zoon is al aangesteld.
Zijn koningschap is geen toekomstig experiment. Het is een vastgestelde werkelijkheid. Alleen nog verborgen.
Hij eist nu nog niet. Hij oordeelt nog niet zichtbaar. Maar Hij zit wel aan de rechterhand van de Majesteit.
En dat is geen zwakte.
Dat is Genade.
Wat doet Hij nu? Hier wordt het herderlijk.
Want dezelfde Zoon die straks zal eisen, doet nú iets anders.
Hij is Hogepriester.
Hij bidt.
Hij pleit.
Hij reinigt.
Hij onderwijst.
Hij troost.
Hij is niet bezig de wereld te overheersen.
Hij is bezig Zijn volk te verzorgen.
Wát een verschil…..
Voor de wereld is Hij verborgen Koning.
Voor ons is Hij levende Hogepriester.
Wij hebben vrije toegang tot de troon der Genade.
Niet omdat wij sterk zijn.
Maar omdat Hij is aangesteld. En wij dan?
Er zit nog iets diepers in dit woord. In de Schrift worden kinderen geboren, maar zonen worden aangesteld. In Romeinen wordt gesproken over de aanneming tot zonen (=Zoonstelling), namelijk de verlossing van ons lichaam.
Wij zijn nu kinderen van God.
Maar de officiële aanstelling ligt nog voor ons.
Zoals Hij door lijden heen tot heerlijkheid ging, zo gaan ook wij een weg. Niet om Zoon te worden zoals Hij dat is ,maar om deel te krijgen aan Zijn heerlijkheid.
Dat vraagt volharding.
Niet krampachtig.
Maar gelovig.
Zoals Paulus aan het einde van zijn leven kon zeggen: ik heb de loop geëindigd, ik heb het geloof behouden.
Dat is geen stoere uitspraak. Dat is vertrouwen.
Waarom dit ertoe doet
Als “heden heb Ik U gegenereerd” op de opstanding ziet, dan betekent dat:
De overwinning ligt achter ons.
De aanstelling is voltooid.
De Koning is gekroond.
De Hogepriester zit op Zijn plaats.
Wij leven niet toe naar een onzekere uitkomst.
Wij leven vanuit een volbrachte aanstelling.
Dat geeft rust.
De wereld mag razen.
Volken mogen ijdelheid bedenken.
Machten mogen zich verheffen.
Maar de Zoon is gesteld.
En wie in Hem is, staat niet aan de verliezende kant van de geschiedenis.
Een zachte maar dringende oproep
Misschien leest u dit en merkt u dat uw hart moe is.
Of dat de chaos van deze tijd op u drukt
Kijk dan niet eerst naar wat nog moet komen.
Kijk naar wat al gebeurd is.
Hij is opgewekt.
Hij is aangesteld.
Hij is Zoon , in heerlijkheid.
En Hij bidt voor u.
Dat is geen leerstellige vondst.
Dat is een bron van rust.
Wie Hem toebehoort, mag weten:
Mijn Koning leeft.
Mijn Hogepriester pleit.
Mijn toekomst is veilig. Wat hier ook gebeuren mag…
En eens zal ook over ons openbaar worden wat nu nog verborgen is.
Want zoals Hij werd aangesteld,
zo zal ook Zijn gemeente geopenbaard worden.
En dat “heden” van Hem,
is de zekerheid van ons morgen.
lees ook:














