“Een ieder staat of valt zijn eigen Heer”
Romeinen 14:4
“Wie zijt gij die eens anderen huisknecht oordeelt? Hij staat of hij valt zijn eigen heer; doch hij zal vastgesteld worden, want God is machtig hem vast te stellen.”
Hier staat het woord Heer weliswaar met een kleine letter, omdat het in de context gaat over een knecht en zijn meester. Toch ligt er een diepe geestelijke les in.
De context van Romeinen 14
In Romeinen 14 gaat het over onderlinge verschillen tussen gelovigen:
- verschil in eten (wel of geen vlees)
- verschil in dagen (wel of geen bijzondere dag houden)
- zwakke en sterke gewetens
Sommigen aten alles.
Anderen aten alleen groenten.
Sommigen hielden bepaalde dagen in ere.
Anderen niet.
Paulus zegt niet: “Los het leerstellig op”
Hij zegt: Oordeel elkaar niet.

Wat betekent “staat of valt zijn eigen heer”?
Dit betekent:
- Iedere gelovige is verantwoording schuldig aan Christus.
- Jij bent niet de geestelijke rechter over de ander.
- Uiteindelijk bepaalt de Heer of iemand standhoudt.
Met andere woorden:
- Jij bent niet de meester.
- Jij bent niet de maatstaf.
- Jij bent niet de beoordelaar van iemands geestelijke positie.
En ik dus ook niet. Dat is Christus alléén
Wat dit NIET betekent
Deze tekst wordt soms misbruikt alsof het betekent:
“Iedereen mag geloven wat hij wil.”
Dat is niet wat Paulus zegt.
Het gaat hier niet over:
- valse leer
- openlijke zonde
- ontkenning van het Evangelie
Het gaat over gewetenskwesties binnen het geloof.
De diepere les
Paulus zegt eigenlijk:
Stop met elkaar controleren.
Leef zelf voor de Heer.
Even verderop staat:
“Want wij zullen allen voor de rechterstoel van Christus gesteld worden.” (Romeinen 14:10)
Iedere gelovige zal persoonlijk rekenschap geven.
Niet aan jou.
Niet aan mij.
Maar aan Christus.