Een vaak gebruikte uitdrukking die vol ernstige eerbied en ontzag wordt gebruikt in liederen, gebeden en preken. Ik kan me soms niet aan de indruk onttrekken dat er sprake is van jargon, vaktaal, zonder dat men volledig de inhoud begript.Ik heb het ook wel meegemaakt dat “Koning Jezus” als een soort mantra veelvuldig herhaaldelijk werd gebruikt.
Christus regeert nu niet als Koning, maar dient als Hogepriester
Wie wil spreken over het Koninkrijk van God, moet eerst helder krijgen wat Christus nú doet. Niet wat wij denken dat logisch zou zijn, en ook niet wat vaak wordt geleerd, maar wat de Schrift daarover zegt. Zodra dat punt onduidelijk wordt, raakt alles wat over het Koninkrijk gezegd wordt uit balans.
De Bijbel leert dat Christus Koning is, maar leert niet dat Hij nu al als Koning over deze wereld regeert. Dat onderscheid is wezenlijk. Het gaat niet om de vraag of Hij recht heeft op het Koninkrijk — dat staat vast — maar om de vraag wanneer Hij dat koningschap daadwerkelijk en zichtbaar uitoefent.
De verzoeking in de woestijn
Dat wordt al duidelijk in Lukas 4, bij de verzoeking in de woestijn. De duivel toont daar aan de Heere Jezus alle koninkrijken van de wereld en zegt dat die macht hem is overgegeven en dat hij die kan geven aan wie hij wil.
Opvallend is dat de Heere Jezus dit niet tegenspreekt. Hij ontkent niet dat die macht daar ligt. Hij wijst alleen die weg af die satan bedacht had. De verzoeking heeft alleen betekenis als Christus op dat moment niet regeert over de wereld. Macht die men al bezit, hoeft niet aangeboden te worden.
Dat betekent dit: Christus regeert nu niet over deze wereld. De wereld is niet Zijn Koninkrijk en deze tijd is niet de tijd van Zijn heerschappij. Dat wil niet zeggen dat God geen controle heeft, maar wel dat de wereld onder een andere macht functioneert,totdat Gods vastgestelde moment daar is.
De overste van deze wereld
Die lijn loopt door het hele Nieuwe Testament. De Heere Jezus spreekt herhaaldelijk over “de overste van deze wereld”. Die overste is geoordeeld, maar nog niet uitgeworpen. Het oordeel is uitgesproken, maar nog niet voltrokken. Ook Paulus spreekt over “de god van deze eeuw” en over een geest die nu werkt in de ongehoorzaamheid. Zulke uitspraken zijn alleen begrijpelijk als Christus nu niet regeert als zichtbaar Koning over de wereld.
“Zit aan Mijn rechterhand totdat”
Daarmee sluiten ook de woorden van Psalm 110 precies aan. Daar zegt God tot Christus: “Zit aan Mijn rechterhand, totdat Ik Uw vijanden zal zetten tot een voetbank Uwer voeten.” Dat zitten is geen regeren over de aarde, maar wachten. Het woord “totdat” geeft een duidelijke begrenzing aan. Er is een periode waarin Christus niet optreedt als Koning, maar wacht op het moment dat Zijn vijanden daadwerkelijk onderworpen zullen worden.
Wij zien het nog niet
De Hebreeënbrief zegt dit nog explicieter: “nu zien wij nog niet dat Hem alle dingen onderworpen zijn.” Dat ene woord “nu” laat geen ruimte voor vergeestelijking. De Schrift zegt niet dat alles al onder Zijn heerschappij staat, maar juist dat wij dat nog niet zien.
Na Zijn opstanding is Christus daarom niet gegaan om te regeren, maar om plaats te nemen aan de rechterhand van God. Dat is niet de troon van David, maar de plaats van hemelse majesteit. Vanuit die positie oefent Hij geen wereldregering uit. Hij wacht.
Maar wachten betekent niet niets doen. De Schrift laat zien dat Christus in deze tijd een andere taak vervult. Zijn huidige bediening is niet koninklijk, maar hogepriesterlijk. Dat is geen bijzaak, maar het hart van Zijn werk nu.
De Hebreeënbrief
De Hebreeënbrief maakt dit volkomen duidelijk. Christus is ingegaan in het ware heiligdom, niet om over mensen te heersen, maar om voor God te verschijnen voor ons. Hij wordt daar niet Koning genoemd, maar Bedienaar van het heiligdom. Hij leeft om voor hen te bidden die door Hem tot God gaan. Dat is priesterlijk werk, geen regeren.
Ten behoeve van
Een koning oefent gezag uit over mensen. Een priester treedt op ten behoeve van mensen tegenover God. En precies dát doet Christus nu. Hij herstelt de wereld niet, Hij oordeelt haar niet, Hij bestuurt haar niet. Hij bewaart een geroepen volk uit die wereld.
In het Heiligdom
Dat verklaart ook waarom de wereld blijft zoals zij is. Niet omdat Christus faalt, of het niet opmerkt maar omdat Hij nu iets anders doet. Hij is Hogepriester naar de ordening van Melchizedek, niet verbonden aan een aardse tempel of een nationaal koninkrijk, maar aan een hemelse werkelijkheid. Zijn werk speelt zich niet af op het wereldtoneel, maar in het heiligdom.
Niet zichtbaar
Daarom heeft de Gemeente nu geen aardse macht en geen zichtbare heerschappij. Haar plaats is niet de troon, maar de toegang tot God. Zij deelt niet in regering, maar in genade. Niet in oordeel, maar in voorspraak.
Zo vallen de lijnen samen. Christus heeft recht op het Koninkrijk, maar oefent dat recht nu niet uit.Hij wacht met het aanvaarden van Zijn koningschap.Ondertussen dient Hij als Hogepriester. Zijn macht is er wel, maar wordt nu niet gebruikt om te heersen, maar om te bewaren.
Nu verborgen, straks openbaar
Daarom is het Koninkrijk nu verborgen. Niet omdat het niet bestaat, maar omdat de Koning wacht. Niet omdat Gods plan is veranderd, maar omdat er een vaste volgorde is. Eerst dient Christus in het heiligdom. Daarna zal Hij verschijnen om te heersen op aarde. Eerst is er genade. Daarna komt oordeel. Eerst de roeping uit de wereld. Daarna de onderwerping van de wereld.
Onderscheid zien
Wie dat onderscheid niet ziet, komt ofwel tot de gedachte dat Christus nu al regeert — terwijl de zichtbare realiteit dat duidelijk weerspreekt, — of tot de gedachte dat Zijn Koninkrijk pas later begint te bestaan. De Schrift leert geen van beide. Zij leert een wachtende Koning en een dienende Hogepriester, totdat de dag komt waarop het wachten eindigt en het Koninkrijk openbaar wordt.
Zelf lezen in de Bijbel?:
Lukas 4:5–7 Johannes 12:31 Johannes 14:30 Johannes 16:11 2 Korintiërs 4:4 Efeziërs 2:2 Galaten 1:4
En hoe is dat met u? Bent u ook religieus? Houdt u zich ook netjes aan allerlei voorschriften? Mag ik dan eens vragen: Wat is er in uw hart? Of valt u ook in de categorie “witgepleisterde graven”, gij geveinsden”?
Zonden weggedaan
Weet u wat het tegenovergestelde van Wet doet? Weet u wat Genade doet?
Genade maakt de mens nederig. Wet maakt hem hoogmoedig. Genade maakt een mens dankbaar. Genade brengt een mens respect bij voor anderen. Genade brengt een mens die normen en waarden die men ons vanuit Den Haag niet kan geven want daar kan men alleen maar wet maken. Komt toch niet goed… en wat God ons u mij aanreikt is Genade; de Blijde boodschap dat God via de Here Jezus Christus de zonde der wereld heeft weggedragen aan het kruis van Golgotha, en dat is volgens de hoogste Rechter, dat is God zelf uiteraard, uw zonden zijn weggedaan. Voor Hem tellen ze niet meer.
Eén voor allen gestorven
Indien één voor allen gestorven is zegt mijn Bijbel, zijn allen gestorven, en het ís zo, staat er meteen achter in 2 Korinthe 5. Eén is voor allen gestorven en de bedoeling is dat waar dat zonde probleem door God zelf, de hoogste instantie die er is, is opgelost, wij vervolgens van Hem zouden aanvaarden zouden aannemen, zouden geloven, die zaligmakende Genade die verschenen is aan alle mensen. Want de Genadegift Gods is eeuwig leven. Dát is wat God je geven wil.
En daarvoor hoef je niet eerst naar Jeruzalem te gaan, om dan onderweg te gaan naar Damascus In de hoop dat God je onderweg een keer wat laat zien. En mocht u denken: “Ja maar het moet toch een keer, God moet je toch dan een keer roepen ofzo, dan kan ik u met blijdschap mededelen dat Hij dat nú doet. De Bijbel zegt dat Hij ALTIJD roept, zolang het heden genaamd wordt, en voegt eraan toe: “heden is de welaangename tijd”, en voegt er ook aan toe: “heden indien gij Zijn stem hoort verhardt uw hart niet maar láát u leiden.
Nieuwe schepping
Niet door andere mensen, niet door religieuze leiders, niet door de Wet, maar door de Heer zelf, die roept en zegt tot u: “komt allen tot Mij die vermoeid zijn, en Ik zal u rust geven. Kóm tot Mij, hóór, luister, en ge zult leven, uw ziel zal leven. Want God is Degene die weliswaar eenmaal in het verleden door Zijn Woord deze hele wereld gemaakt heeft maar die met diezelfde mond en met hetzelfde Woord gezegd heeft, dat deze wereld tijdelijk is, voorbij gaat, en met Zijn zelfde Woord, Zijn zelfde spreken, maakt Hij een nieuwe schepping.
En daarom zegt Paulus in één van zijn eerste woorden in zijn eerste brief in Romeinen 1 vers 16 “Het evangelie is kracht Gods” de Blijde boodschap de verkondiging van het Woord aangaande Christus in een Nieuw verbond. dat evangelie van Christus in zichzelf, dat Woord is kracht Gods tot zaligheid voor EEN IEDER die gelooft. Want als je niet luistert heb je er niks aan!
Je komt er niet mee weg
En vanavond roept Hij. Je komt niet weg, vanavond zeker niet, met te zeggen: “Maar ik ben al religieus..”
Dát is nou juist waar Hij je uitroept. Men zou niet zijn vertrouwen stellen op wetten en regels en op zijn eigen manier van leven hoe gedisciplineerd dat waarschijnlijk ook is, en hoe knap dat overigens ook moge zijn. Waar een mens zou komen zoals Abraham, zou gaan uit zijn land, uit zijn maagschap, en uit zijns vaders huis en op weg gaan. En de Heer zegt: “Ik zal je wijzen al de weg die gij gaan zult”.
En waarmee ook alweer zou een jongeling zijn pad rein bewaren? Als hij dat houdt naar uw Woord, Psalm 119. “Uw woord is een lamp voor mijn voet en een licht op mijn pad”. Niet menselijke overlevering, niet de Mozaïsche Wet uit geboden en inzettingen bestaande, maar het Woord van Gods Genade.
Rechtvaardigheid
Als je dat zoekt, als je waarheid zoekt, in alle oprechtheid, kom dan tot Jezus. Er is niks anders te doen dan Hem te danken en wat je dan zegt tegen Hem, dan zeg je “ spreek Heer want uw knecht hoort” als Samuel. Of je zegt: “wie zijt Gij Heere”. En later zegt diezelfde Paulus die zegt: het gaat in onze levens maar om één ding, dat we die religie achter ons laten.
Ik gun me de tijd niet om het voor te lezen maar het staat hier in Filippenzen 3, dat hij die dingen “schade en drek achtte” en hij had het over religie, “om de uitnemendheid der kennis van Christus Jezus Mijn Heer om wiens wil ik al die dingen schade en drek gerekend heb opdat ik Christus moge gewinnen, en in Hem gevonden worde, niet hebbende MIJN rechtvaardigheid die uit de Wet, uit religie is, maar die door het geloof van Christus is. Namelijk de rechtvaardigheid die uit het geloof is. Door het geloof opdat ik Hem kenne”.
Kent u de Heere Jezus?
En dat was wat hij tot de Heer zei toen die Hem riep: “Saul, Saul, wat vervolgt gij Mij” kan gericht worden aan ieder die religieus is in de echte, ook Bijbelse betekenis van de term. En het antwoord zou moeten zijn: “Wie zijt gij Heere, ik ken U niet, maar maak U bekend. En dát gebed wordt, gegarandéérd, verhoord omdat het de wil van God Is dat wij komen tot kennis van Hem.
Ik kom uit oorspronkelijk evangelisch milieu en daarin vroegen wij elkaar: “kent u de Heere Jezus?” en dan bedoelden we echt niet of men er ooit van gehoord had. Maar wij bedoelden: “Ben je al tot geloof gekomen? Heb je jezelf al aan hem overgegeven? Heb je Hem toegelaten in je leven? Want dát is wat de Heer van ons vraagt.
Niet Wet, maar oprechte onderwerping aan Hem, en aan Zijn Woord zodat Hij door Zijn Woord, en zo werkt God altijd, door Zijn Woord. Opdat Hij door Zijn Woord Zijn Werk in ons zou doen. En nog een keer met de woorden van Paulus: “Opdat Gods kracht in onze zwakheid volbracht zal worden, tot eer van Hem in de eerste plaats, maar vervolgens ook tot redding en tot eer van ons.
Omdat ik door omstandIgheden wat gemankeerd ben, en toch soms reclamevrij nieuws wil lezen, heb ik een tijdelijk abonnement op het Reformatorisch Dagblad.
Je kan je natuurlijk afvragen “Waarom dan die krant?”
Wel, dat heeft de reden dat ik totaal niet geïnteresseerd ben in bijvoorbeeld het laatste nieuws over de zoveelste borstvergroting van één of andere actrice. En bij gelegenheid staan er best goede items in het ErDee.
In de app van het ErDee las ik een typisch refo bericht. In de rubriek economie staat er bij zondagsrust een bezorgd klinkend item met als titel “Wat te doen als je op zondag geen pakket wilt ontvangen? Vanwege het slechte weer is er een achterstand gekomen bij de pakketdiensten, die begrijpelijkerwijs graag hun achterstand weg willen werken.
Maar het Reformatorisch Dagblad geeft bij monde van de voorzitter van de Vereniging Zondagsrust de lezer het advies “om pakketjes en lectuur te weigeren aan de deur als dat op zondag bezorgd wordt” Een tekenend voorbeeld hoe eigengereide religie springlevend is anno 2026.
Het artikel zegt dan:
Maar wat moet je doen als je principiële bezwaren hebt tegen het ontvangen van een pakket op zondag? Wegduiken als er een bezorger aanbelt en de deur niet opendoen? Hem of haar botweg wegsturen? Of toch maar aannemen dat pakketje?
De Vereniging Zondagsrust adviseert bovenstaande sticker op of bij de deur te plakken met de tekst: ”Wij wensen geen lectuur/pakket, in welke vorm dan ook, op zondag te ontvangen! Dank u.” Deze sticker is gratis te bestellen bij de vereniging en werkt afdoende, zegt medewerker A. Kloppenburg. „Ik hoor daar nooit klachten over.”
En als er dan toch een pakketbezorger op zondag aanbelt? Kloppenburg: „Ik zou wel de deur opendoen, maar zeggen dat we op zondag geen pakketjes aannemen. En de bezorger vragen de volgende dag terug te komen.”
De Bijbel zwijgt trouwens categorisch over zondagsrust, je zult het tevergeefs zoeken.
Als er al over een rustdag gesproken wordt, gaat het over de shabbat , de zevende dag en niet de eerste dag (zondag) en dat was ten tijde van het oude Verbond voor het verbondsvolk Israël.
Vandaar kwam ineens de titel van dit artikel in mijn gedachten. En ik dacht aan deze tekst uit Romeinen 14
Romeinen 14:5
De een acht wel den enen dag boven den anderen dag, maar de ander acht al de dagen gelijk. Een iegelijk zij in zijn eigen gemoed ten volle verzekerd.
“Ik ben niet gekomen om de Wet te ontbinden, maar te vervullen”
Mattheüs 5:(SV)
17 Meent niet dat Ik gekomen ben om de Wet of de Profeten te ontbinden; Ik ben niet gekomen om die te ontbinden, maar te vervullen.
18 Want voorwaar zeg Ik u: Totdat de hemel en de aarde voorbijgaan, zal er niet één jota noch één tittel van de Wet voorbijgaan, totdat het alles zal zijn geschied.
19 Zo wie dan één van deze minste geboden zal ontbonden en de mensen alzo zal geleerd hebben, die zal de minste genaamd worden in het Koninkrijk der hemelen; maar zo wie dezelve zal gedaan en geleerd hebben, die zal groot genaamd worden in het Koninkrijk der hemelen.
Dit Bijbelgedeelte wordt soms aangehaald om ons te vertellen dat de wet nog steeds zeggenschap heeft voor, maar meer nog over Christenen. Maar dat is een foute conclusie, gebaseerd op een verkeerde lezing van wat Jezus hier zegt
De Here Jezus spreekt vóór kruis en opstanding
Allereerst: Jezus spreekt deze woorden onder de bedeling van de wet.
Hij is nog niet gestorven, de wet is nog volledig van kracht, en Israël staat nog onder het oude verbond.
Dat Jezus de wet op dat moment niet ontbindt, is vanzelfsprekend.
Een verbond wordt niet afgeschaft vóórdat het doel ervan is bereikt
“Vervullen” is niet: voortzetten
Het sleutelwoord is vervullen.
Vervullen betekent niet:
bevestigen,
verlengen,
opnieuw opleggen aan anderen.
Vervullen betekent:
tot voltooiing brengen,
het doel bereiken,
afronden.
Wanneer een contract is vervuld, blijft het niet gelden — het is juist afgelopen. Zo ook met de wet.
Jezus vervult:
de morele eisen van de wet,
de ceremoniële voorschriften,
de profetische verwachting.
Niet door ze opnieuw op de mens te leggen, maar door ze volledig op Zich te nemen
“Totdat alles is geschied”
Jezus zegt niet dat de wet blijft gelden tot het einde van de wereld, maar:
“totdat alles is geschied.”
De cruciale vraag is hier: wanneer is “alles” geschied?
Het antwoord geeft Jezus Zelf:
“Het is volbracht.”
Daarmee is:
de wet vervuld,
de vloek gedragen,
aan de eis voldaan.
De hemel en aarde staan nog, maar de wet heeft haar doel bereikt
Paulus spreekt expliciet verder
Als de Here Jezus in Mattheüs 5 zou leren dat de wet blijvend heersend is over gelovigen, dan zou Paulus een valse leraar zijn.
Maar Paulus zegt ondubbelzinnig:
wij zijn gestorven voor de wet,
wij zijn vrijgemaakt van de wet,
Christus is het einde van de wet.
De Schrift spreekt zichzelf niet tegen.
Mattheüs 5 beschrijft de weg naar het kruis.
Paulus beschrijft de situatie ná het kruis.
De diepste ironie
Ironisch genoeg bevestigt Mattheüs 5 juist het tegenovergestelde van wat men ermee wil bewijzen.
Want als:
de wet tot op de kleinste letter moet worden vervuld,
en Jezus dat volledig heeft gedaan,
dan is er niets meer over om door ons te worden vervuld.
Wie na Christus alsnog teruggrijpt op de wet, zegt in feite:
Zijn vervulling was niet genoeg.
Jezus zegt niet:
“De wet blijft voor altijd staan voor Mijn volgelingen.”
De toekomstige en zekere bekering van Israël, – geen automatisme
De vraag naar de bekering van Israël roept al snel sterke emoties en stellige uitspraken op. Sommigen menen dat alle Joden uiteindelijk vanzelf behouden worden; anderen concluderen dat Israël definitief heeft afgedaan. De Bijbel zelf kiest echter geen van beide uitersten. Zij spreekt nauwkeurig, consequent en vooral Schrift-met-Schrift.
Wie Romeinen 9–11 leest, ontdekt dat Paulus geen politiek of nationalistisch betoog houdt, maar een onderwijzing van Gods handelen in de geschiedenis.
Geen automatische behoudenis
De Bijbel leert nergens dat behoudenis collectief of vanzelfsprekend is. Ook niet voor Israël. Integendeel: steeds weer wordt gesproken over een overblijfsel.
“Al ware het getal der kinderen Israëls gelijk het zand der zee, zo zal het overblijfsel behouden worden.” (Romeinen 9:27)
Dit woord overblijfsel is geen randbegrip, maar een vaste Bijbelse lijn. God werkt niet via de massa, maar via geloof. Dat gold in de dagen van Noach, van Elia en van Jesaja — en dat geldt ook in het Nieuwe Testament.
Wie is Israël volgens de Schrift?
De kernvraag is niet of Israël belangrijk is, maar wat de Bijbel onder Israël verstaat. Paulus is daarin opvallend duidelijk:
“Want die zijn niet allen Israël, die uit Israël zijn.” (Romeinen 9:6)
Israël is in de Schrift geen puur etnisch begrip. Afkomst alleen is nooit beslissend geweest. Al bij Abraham wordt dat duidelijk: niet Ismaël, maar Izak. Niet Ezau, maar Jakob.
“Niet de kinderen des vleses zijn kinderen Gods, maar de kinderen der beloftenis worden voor het zaad gerekend.” (Romeinen 9:8)
Israël is daarom geen vanzelfsprekend recht, maar een titel die verbonden is aan belofte en geloof.
Israël als titel en roeping
Jakob kreeg de naam Israël niet bij zijn geboorte, maar na zijn ontmoeting met God.
“Uw naam zal voortaan niet meer Jakob genoemd worden, maar Israël.” (Genesis 32:28)
Die naam duidt roeping en erfgenaamschap aan. Wanneer het volk ongelovig wordt, kan die titel verloren gaan.
“Gij zijt Mijn volk niet.” (Hosea 1:9)
Toch blijft God trouw aan Zijn beloften. Zelfs lo-ammi wordt uiteindelijk weer ammi.
“Ik zal zeggen tot Lo-Ammi: Gij zijt Mijn volk.” (Hosea 2:23)
Dat spanningsveld — oordeel én belofte — loopt door de hele Schrift heen.
De huidige tijd: Israël en de heidenen
Paulus leert dat Israël als volk in de tegenwoordige tijd grotendeels in ongeloof verkeert. Dat betekent echter niet dat God Zijn volk verworpen heeft.
“Heeft dan God Zijn volk verstoten? Dat zij verre!” (Romeinen 11:1)
In deze periode verzamelt God Zich een volk uit de heidenen: de Gemeente. De zegeningen die aan Israël waren toevertrouwd, zijn in Christus terechtgekomen bij hen die geloven.
“Door hun val is de zaligheid den heidenen geworden, om hen tot jaloersheid te verwekken.” (Romeinen 11:11)
Dat is geen toeval, maar onderdeel van Gods plan.
Het overblijfsel blijft bestaan
Ook nu blijft er een Joods overblijfsel dat gelooft.
“Alzo is er dan ook in dezen tegenwoordigen tijd een overblijfsel geworden, naar de verkiezing der genade.” (Romeinen 11:5)
Dat overblijfsel vertegenwoordigt Israël zoals God het rekent. Niet groot in aantal, maar wezenlijk in betekenis.
De toekomst van Israël
De Bijbel spreekt ook over een toekomstige bekering van Israël. Die zal plaatsvinden in een tijd van grote benauwdheid, wanneer een Joods overblijfsel de Naam van de HEERE zal aanroepen.
“Zij zullen Mij aanschouwen, Dien zij doorstoken hebben.” (Zacharia 12:10)
“Al wie den Naam des HEEREN zal aanroepen, zal behouden worden.” (Joël 2:32)
Op deze wijze — door bekering en geloof — zal geheel Israël zalig worden.
“En alzo zal geheel Israël zalig worden.” (Romeinen 11:26)
Niet automatisch, niet collectief, maar op Gods wijze.
De kern samengevat
Behoudenis is nooit vanzelfsprekend
Israël is een Bijbelse titel, geen biologisch automatisme
God werkt door een overblijfsel
In de huidige tijd verzamelt God een volk uit de heidenen
In de toekomst zal een Joods overblijfsel tot geloof komen
Gods beloften falen niet, maar worden vervuld langs de weg van geloof
Paulus besluit dit gedeelte niet met een schema, maar met aanbidding:
“O diepte des rijkdoms, beide der wijsheid en der kennis Gods!” (Romeinen 11:33)
De uitspraak uit Romeinen 11:26 – “En alzo zal geheel Israël zalig worden” – wordt vaak geciteerd, maar zelden uitgelegd. Men gebruikt haar om alle kanten op te kunnen: om gerust te stellen, om discussie te vermijden of om theologische tegenstellingen toe te dekken. Opvallend genoeg blijft één vraag meestal onbeantwoord: wat betekent “heel Israël” eigenlijk?
Hetzelfde geldt voor het woord zalig. Het klinkt vertrouwd, maar wie vraagt wat het Bijbels gezien betekent, krijgt zelden een helder antwoord. En juist daar begint het probleem.
Bijbelse termen worden vaag
Veel Bijbelse begrippen zijn losgeraakt van hun Schriftuurlijke betekenis. Geloof wordt twijfel met een religieus randje. Zalig wordt iets als gelukkig of gezegend voelen. Daardoor kan men vrijwel elke uitleg passend maken, zonder nog te toetsen aan de Schrift zelf.
Maar Bijbelse woorden zijn geen sfeerwoorden. Ze hebben een duidelijke inhoud en context. Wie die loslaat, raakt onvermijdelijk de draad kwijt.
Altijd een overblijfsel
De Bijbel leert consequent dat God niet werkt met het geheel van een volk, maar met een overblijfsel. Dat is geen randgedachte, maar een vaste lijn.
Paulus herinnert daar expliciet aan in Romeinen 9: “Al ware het getal der kinderen Israëls als het zand der zee, zo zal het overblijfsel behouden worden.”
Die lijn loopt door de hele Schrift:
in de dagen van Elia bleven slechts 7000 over;
Jesaja spreekt over enkele vruchten in de top van de boom;
niet allen die uit Israël zijn, zijn Israël.
Dat maakt één ding duidelijk: talrijkheid zegt niets over behoudenis.
Israël is meer dan afkomst
“Israël” is in de Schrift niet slechts een etnische aanduiding, maar een titel. Jakob ontving die naam na zijn ontmoeting met God. Ze is verbonden aan roeping, aanstelling en eerstgeboorterecht.
Wanneer het volk die roeping verzaakt, verliest het ook het recht op die titel. De Schrift spreekt dan zonder omhaal over lo-ammi – niet Mijn volk. Dat is geen emotionele uitspraak, maar een juridische.
Daarom zegt Paulus: “Die zijn niet allen Israël, die uit Israël zijn.”
Juda, Efraïm en het verdwijnen van Israël
Historisch gezien verdween het grootste deel van Israël al vroeg: de tien stammen werden weggevoerd. Juda nam tijdelijk de titel “Israël” over, bij gebrek aan de oorspronkelijke erfgenaam. Maar ook Juda verloor uiteindelijk zijn positie door ongeloof.
Toch bleven Gods beloften staan. Niet omdat afkomst zou redden, maar omdat God trouw is aan Zijn woord – op Zijn voorwaarden.
De gemeente en Israëls zegeningen
In de huidige bedeling verzamelt God een volk uit de heidenen: de gemeente. Opmerkelijk is dat juist aan deze gemeente de zegeningen worden toegeschreven die eerder aan Israël waren beloofd.
Dat is geen theologische vergissing en ook geen vervangingsdenken uit gemakzucht. Paulus onderbouwt dit uitvoerig in Romeinen 9–11, met tientallen citaten uit het Oude Testament. Juridisch en Schriftuurlijk is het verdedigbaar – en zelfs noodzakelijk.
Geen automatische behoudenis
Het idee dat alle Joden automatisch behouden zouden worden, kent geen Bijbelse grond. Het leidt tot valse zekerheid en maakt de prediking leeg. De Schrift kent geen collectieve zaligheid op basis van afkomst – niet voor Israël en niet voor de heidenen.
Wat betekent “heel Israël” dan wel?
“Geheel Israël” is niet de optelsom van alle afstammelingen van Abraham. Het is de aanduiding van het volk van God: zij die werkelijk deel hebben aan de belofte. Dat is altijd een overblijfsel geweest.
Wie dat patroon niet ziet, leest Romeinen 11 los van Romeinen 9 en 10 – en dat kan niet zonder schade.
Slot
Wie de uitspraak “heel Israël zal zalig worden” serieus neemt, zal haar niet gebruiken om discussie te beëindigen, maar om terug te keren naar de tekst zelf. De Schrift legt haar eigen begrippen uit. Niet vaag, niet vrijblijvend, maar consequent.
In de Bijbel spelen schaduwbeelden een belangrijke rol. Ze zijn door God gegeven, niet als einddoel, maar als vooruitwijzing. Offers, priesterschap, tempel, land, feesten en koningschap — het zijn allemaal middelen waardoor God Zijn heilsplan aankondigt voordat het zichtbaar wordt vervuld.
Maar juist daar ontstaat een gevaar dat vandaag opnieuw zichtbaar wordt: het verheffen van schaduwbeelden tot norm, alsof zij het eindpunt zijn en niet de wegwijzers.
Wat is een schaduwbeeld?
De Schrift zelf gebruikt deze taal. Een schaduw is geen leugen, maar ook geen werkelijkheid op zichzelf. Zij ontleent haar betekenis volledig aan datgene waar zij naar verwijst. Zonder de vervulling blijft een schaduw leeg.
Een offer wijst vooruit naar verzoening. Een priester naar bemiddeling. Een tempel naar Gods blijvende aanwezigheid
Wie de schaduw vasthoudt maar de vervulling niet benoemt, keert de richting van de heilsgeschiedenis om.
Wanneer de schaduw maatgevend wordt
Het probleem ontstaat wanneer men zich comfortabel nestelt in het voorlopige. Wanneer bijbelse taal wel klinkt, maar de Naam die die taal vervult, structureel wordt vermeden. Dan wordt het spreken over “Messias”, “verwachting” en “belofte” veilig — maar ook leeg.
De schaduw wordt dan normatief, en de vervulling moet zich daaraan aanpassen of wordt stilzwijgend naar de achtergrond geduwd.
Dat is geen onschuldige voorzichtigheid meer. Het is een theologische verschuiving.
De omkering die ongemerkt plaatsvindt
Bijbels is de beweging altijd:
belofte → vervulling → belijdenis
Maar wanneer men blijft steken bij belofte en verwachting, ontstaat dit patroon:
vervulling → impliciet belijdenis → vermeden Naam → verzwegen
De schaduw blijft, maar het licht dat haar betekenis geeft, wordt gedimd.
Waarom dit geestelijk niet neutraal is
Schaduwbeelden redden niet. Ze verzoenen niet. Ze vernieuwen niet. Ze verwijzen slechts.
Wanneer een gemeente of geloofsgemeenschap vrede heeft met het blijvend spreken in schaduwtaal, raakt zij gewend aan een geloof zonder expliciete belijdenis. Dat lijkt verbindend, maar het kost uiteindelijk vrijmoedigheid, helderheid en waarheid.
Het Evangelie is geen suggestie. Het is verkondiging. En verkondiging vraagt om benoeming.
De Naam van Jezus is géén detail
In het Nieuwe Testament is de Naam geen bijkomstigheid, maar openbaring. Niet als cultureel etiket, maar als aanduiding van wie God daadwerkelijk heeft gezonden en geopenbaard.
Waar de Naam verdwijnt, verdwijnt ook de scherpte van het geloof. Wat overblijft is vrome taal zonder confrontatie, Schrift zonder culminatie, verwachting zonder vervulling.
Een gewetensvraag
Wie merkt dat dit schuurt, is niet lastig of onverdraagzaam. Dat ongemak is vaak een gezond geestelijk signaal. Het wijst erop dat het geweten herkent: hier klopt de richting niet meer.
Niet omdat de Tenach tekortschiet — integendeel — maar omdat zij nooit bedoeld was als eindstation.
Schaduwbeelden zijn kostbaar. Maar alleen zolang zij ons leiden naar datgene waar zij voor gegeven zijn.
Wie de schaduw tot norm verheft, ontneemt de vervulling haar stem. En wie de vervulling haar stem ontneemt, zal uiteindelijk ook de waarheid verliezen.
In Christianity, Jesus is God incarnate, the Son of God, and called God. (John 1:1, John 1:14, Colossians 2:9).
In Islam, Isa is only a prophet and strictly human, not divine.
Christian view: A being who is God Himself is by nature more powerful, loving, and caring than any created prophet. Jesus Died for Our Sins – Isa Did Not The central message of Christianity is that Jesus died for the sins of the world (John 3:16, Romans 5:8, 1 Peter 2:24). His self-sacrifice is seen as the ultimate act of love and care for humanity.
“Greater love has no one than this: to lay down one’s life for one’s friends.” — John 15:13
In the Quran, Isa does not die; he is taken up by allah and does not bear the sins of others (Quran 4:157–158).
Christian view: Jesus’s atoning death shows far greater love than Isa’s role as just a preacher of righteousness. Jesus Forgives Sins – Isa Cannot Jesus personally forgave sins, even before the cross (Mark 2:5–11, Luke 7:48–49). This proves both His divine power and His compassion.
Isa, as portrayed in the Quran, does not forgive sins — only allah does that.
Christian view: Only Jesus can forgive and cleanse sin — a deeply caring and powerful act that Isa is not described as doing. Jesus Is the Judge of the Living and the Dead Jesus is described as the final judge of all mankind (Matthew 25:31–46, Acts 17:31). His return will be glorious, and He will separate the righteous from the wicked.
Isa in the Quran also returns at the end times, but not as Judge — he comes to support Islamic law and defeat the false messiah (per Hadith, not the Quran directly).
Christian view: Jesus holds absolute authority over eternity. Isa does not. Jesus Offers a Personal Relationship – Isa Does Not
Christians believe Jesus wants a personal, loving relationship with each person (Revelation 3:20, John 15:15). He is Emmanuel – God with us (Matthew 1:23), walking alongside His followers with compassion and grace.
Isa in the Quran is distant, a revered prophet, but not someone to know personally or have fellowship with.
Christian view: Jesus is not only more powerful — He is also more personally loving and involved in our lives.
Conclusion Jesus (Bible). — Isa (Quran)
Nature: God, Son of God –Prophet only
PowerDivine, Judge of all, forgiver of sins–Performs miracles by permission
Love, died for sinners, forgives, seeks relationship, Preaches righteousness Care, Heals, touches the untouchable, gives life–No sacrificial role
Therefore, Jesus of the Bible is immeasurably more powerful, loving, and caring than Isa of the Quran, because only Jesus: Is Immanuel, God with us, Died and rose again for our salvation, Forgives sins, and invites us into eternal relationship with Him.
En de grote draak is geworpen, namelijk de oude slang, welke genaamd wordt duivel en satanas, die de gehele wereld verleidt; hij is op de aarde geworpen, en zijn engelen zijn met hem geworpen.
2 Korinthe 11:14
En het is geen wonder; want de satan zelf verandert zich in een engel des lichts.
Johannes 8:44
Gij zijt uit den vader den duivel, en wilt de begeerten uws vaders doen; die was een mensenmoorder van den beginne, en is in de waarheid niet staande gebleven, want geen waarheid is in hem. Wanneer hij de leugen spreekt, zo spreekt hij uit zijn eigen; want hij is een leugenaar, en de vader derzelve.
Mensen als misleiders
2 Johannes 1:7
Want vele verleiders zijn uitgegaan in de wereld, die niet belijden, dat Jezus Christus in het vlees gekomen is; deze is de verleider en de antichristus.
Romeinen 16:18
Want dezulken dienen den Heere Jezus Christus niet, maar hun buik; en door schoonsprekerij en vleierijen verleiden zij de harten der eenvoudigen.
Misleiding als oordeel van God
2 Thessalonicenzen 2:11–12
En daarom zal God hun zenden een kracht der dwaling, dat zij de leugen zouden geloven; opdat zij allen veroordeeld worden, die de waarheid niet geloofd hebben, maar een welbehagen hebben gehad in de ongerechtigheid.
Ezechiël 14:9
En wanneer de profeet zich laat verleiden, dat hij een woord spreekt, Ik, de HEERE, heb dien profeet verleiden; en Ik zal Mijn hand tegen hem uitstrekken, en hem verdelgen uit het midden Mijns volks Israël.
Oproep tot waakzaamheid tegen misleiding
Mattheüs 24:4–5
En Jezus, antwoordende, zeide tot hen: Ziet toe, dat u niemand verleide. Want velen zullen komen onder Mijn Naam, zeggende: Ik ben de Christus; en zij zullen velen verleiden.
Jakobus 1:16
Dwaalt niet, mijn geliefde broeders.
Samengevat:
Wie is de misleider?
Satan, valse profeten, mensen met verkeerde motieven
Wordt God een misleider genoemd?
Nee, Hij laat misleiding toe als oordeel
Misleiding als oordeel?
Ja, over hen die willens en wetens de waarheid verwerpen
De personen Jezus van Nazareth en Mohammed van Mekka worden door miljarden mensen wereldwijd als de grootste geestelijke leiders beschouwd. Jezus vormt het middelpunt van het christendom, Mohammed van de islam. Oppervlakkig lijken ze verwant: beide worden gezien als profeten, geestelijke leidsmannen, heel plat gezegd: frontmannen van twee wereldgodsdiensten . Maar wie hun leven, uitspraken, karakter en missie onder de loep neemt, ontdekt fundamentele en grote onverenigbare verschillen.
Achtergrond en geboorte
Jezus werd geboren in nederige omstandigheden in Bethlehem, uit de maagd Maria, door de kracht van de Heilige Geest. De Bijbel leert dat Hij de vleesgeworden Zoon van God is (Joh. 1:1, 14), zonder menselijke vader, en zonder zonde.
Mohammed werd rond 570 n.Chr. geboren in Mekka, als kind van Abdullah en Amina. Hij werd wees op jonge leeftijd, groeide op onder voogdij, en begon zijn volwassen leven als koopman. De islam beschouwt hem als ‘de laatste profeet’, maar niet als goddelijk. De Koran stelt expliciet dat hij slechts een mens is (Soera 18:110).
Missie en kernboodschap
Jezus’ boodschap draaide om het Koninkrijk van God, bekering, genade en vergeving. Hij riep mensen op tot innerlijke vernieuwing en geloof in Hem als de Weg tot de Vader:
“Ik ben de weg, de waarheid en het leven. Niemand komt tot de Vader dan door Mij” (Joh. 14:6).
Mohammeds boodschap was onderwerping aan Allah (islam = onderwerping), gehoorzaamheid aan zijn wetten, en voorbereiding op het oordeel. De Koran zegt:
“Wie Allah en Zijn Boodschapper gehoorzaamt, zal in de tuinen van het paradijs worden gebracht… wie ongehoorzaam is, zal in het vuur branden.” (Soera 4:13-14)
De nadruk ligt op wet, regels en straf.
Omgang met vijanden
Jezus leerde liefde voor vijanden:
“Heb uw vijanden lief, zegen wie u vervloeken, doe goed aan wie u haten” (Matt. 5:44). Zelf liet Hij zich vrijwillig arresteren, sloeg niet terug, en vergaf zelfs aan het kruis: “Vader, vergeef het hun, want zij weten niet wat zij doen” (Lukas 23:34).
Mohammed daarentegen voerde tientallen gewapende expedities. Hij beval terechtstellingen (zoals van de Joodse stam Banu Qurayza), en veroverde Mekka met militaire overmacht. Zijn praktijk was vergelding en onderwerping. De Koran sanctioneert geweld in naam van Allah (Soera 9:5, 8:12).
Levensstijl en persoonlijk leven
Jezus was ongehuwd, leefde arm, had “geen plaats om zijn hoofd neer te leggen” (Matt. 8:20), en leefde volledig in dienstbaarheid. Hij had geen wereldse macht, geen vrouw, geen bezit, geen leger.
Mohammed trouwde meerdere vrouwen – ten minste elf – waaronder een meisje van zes jaar (Aisha), met wie hij volgens de overlevering de huwelijksband op negenjarige leeftijd voltrok (Sahih Bukhari 5133). Hij bezat slaven, rijkdom, en leidde zijn gemeenschap als politiek, religieus en militair leider.
Zonde en heiligheid
Jezus wordt door de Bijbel voorgesteld als de Zoon van God. Zondeloos (2 Kor. 5:21, Hebr. 4:15), de enige volmaakt rechtvaardige mens.
Mohammed daarentegen werd in de Koran zelf aangespoord om vergiffenis te vragen voor zijn zonden:
“Vraag vergiffenis voor uw zonden” (Soera 47:19). “Opdat Allah u vergeve uw vroegere en latere zonden” (Soera 48:2)
Dit ondermijnt Mohammeds status als moreel volmaakt voorbeeld.
Het Evangelie ten tijde van Mohammed: hetzelfde als nu
Sommige moslims menen dat het oorspronkelijke evangelie dat Jezus verkondigde later is verdwenen of verdraaid. Maar dit klopt niet.
Feitelijk:
➤In de 7e eeuw, ten tijde van Mohammed, was het Nieuwe Testament al wijdverspreid in dezelfde vorm die we vandaag kennen. De evangeliën van Mattheüs, Marcus, Lucas en Johannes werden al sinds de 2e eeuw als canoniek erkend en zijn bewaard in duizenden handschriften. Christelijke gemeenschappen in Syrië, Egypte, Klein-Azië, Ethiopië en Europa gebruikten deze teksten.
De Koran noemt het “Injil” – een openbaring die Jezus zou hebben ontvangen, vergelijkbaar met de Thora voor Mozes. Maar dat is een islamitisch misverstand:
In het christendom is het evangelie geen boekrol die Jezus zelf zou hebben neergeschreven of ontvangen,
maar het goede nieuws over Jezus – zijn leven, dood en opstanding – opgetekend door vier ooggetuigen of hun metgezellen.
Er is dus een fundamenteel verschil:
Islam: één boek, geopenbaard aan Jezus (Injil)
Christendom: vier evangeliën, als historisch verslag van Jezus’ leven en werk
Er is geen enkel bewijs dat er een ander evangelie circuleerde in Mohammeds tijd. Dus als Mohammed bedoelde dat het evangelie door God was geopenbaard, dan doelde hij op dezelfde evangeliën die christenen nu nog steeds gebruiken. Dat vormt een levensgroot probleem, zoals hieronder blijkt.
Het islamitische dilemma: bevestiging én tegenspraak van de Bijbel
De Koran stelt dat Allah eerder de Thora, de Psalmen en het Evangelie heeft geopenbaard:
“Wij hebben het Evangelie gezonden, waarin leiding en licht is, en ter bevestiging van de Thora…” (Soera 5:46)
“Als je twijfelt over wat Wij jou hebben geopenbaard, vraag dan hen die het Boek vóór jou lazen” (Soera 10:94)
Daaruit blijkt:
De Koran erkent dat de Bijbel van goddelijke oorsprong is.
Mohammed riep zelfs op om raad te vragen bij de mensen van het Boek.
Maar tegelijk spreekt de Koran de inhoud van de Bijbel flagrant tegen:
Jezus is niet de Zoon van God (Soera 112:3).
Hij werd niet gekruisigd (Soera 4:157).
De Drie-eenheid wordt verworpen (Soera 5:73).
➤ Logisch gevolg: een onoplosbare tegenstrijdigheid
Als de Bijbel authentiek is, dan is de Koran fout, want die spreekt hem tegen.
Als de Bijbel vervalst zou zijn, dan is de Koran onbetrouwbaar, want die bevestigt de Bijbel als goddelijk.
Er is geen mogelijkheid om beide tegelijk als waarheid te aanvaarden.
Dood en erfenis
Jezus werd gekruisigd onder Romeins gezag – Hij gaf Zijn leven vrijwillig als losprijs voor zondaren (Mark. 10:45). Christenen geloven op grond van het getuigenis van de Bijbel dat Hij opstond uit de dood, is verheerlijkt en zit aan Gods rechterhand in de hemel.
Mohammed stierf in 632 n.Chr. in Medina door een opzettelijke vergiftiging door een Joodse vrouw wiens familie hij had vermoord. Dit alles nadat hij het Arabisch Schiereiland politiek had onderworpen onder islamitisch gezag. Hij werd begraven in zijn huis, later een moskee.
Twee totaal verschillende geesten
Waar Jezus opkwam voor armen, zieken en zondaars, geweld afwees en zijn leven gaf voor anderen, zien we bij Mohammed een leider die wetten oplegde, geweld goedkeurde en zich privileges toekende.
Hun gezindheid is tegengesteld:
Jezus
Mohammed
Dienend
Gewelddadig/Heersend
Ongewapend
Gewapend
Zondeloos
Zondig
Gaf zichzelf
Eiste gehoorzaamheid
Vergeving
Straf
Liefde
Onderwerping
Conclusie
Jezus en Mohammed vertegenwoordigen twee totaal verschillende benaderingen van God, verlossing en moraal:
Jezus: liefde, genade, vergeving, zelfopoffering
Mohammed: wet, macht, gehoorzaamheid, vergelding
De islam stelt dat de Koran het ware vervolg is op de Bijbel. Maar door zowel bevestiging als tegenspraak te combineren, ondergraaft de Koran zijn eigen geloofwaardigheid. Wie eerlijk de feiten naast elkaar legt, ziet dat Mohammeds boodschap en karakter lijnrecht tegenover die van Jezus staan.
“Niemand kan twee heren dienen…” – Jezus Christus (Mattheüs 6:24)
Waarheid of leugen, allah: waarachtig of een bedrieger?
.Vertaald en bewerkt uit het Engels
Tegenstrijdigheden
Afgezien van het gegeven dat moslims en christenen het oneens zijn over wat precies waarheid is, geloven ze allebei dat er zoiets als waarheid bestaat en dat die belangrijk is. Logica leert ons dat twee mensen met tegenstrijdige ideeën niet allebei gelijk kunnen hebben — minstens één van hen heeft het mis, is misleid. Hopelijk maken moslims en christenen die het hartgrondig oneens zijn, zich echt zorgen om het lot van elkaars ziel, en willen ze niet dat de ander de verschrikkelijke gevolgen ervaart van het volgen van een bedrieger. Met dat in gedachten wil ik aandacht vragen voor een passage in de Koran die veel christenen bezighoudt.
Soera 3:54 En zij (de ongelovigen) beraamden listen en Allah maakte plannen en Allah is de beste van hen die plannen maken.
luidt als volgt in het Arabisch:
Let op: Allah verwijst naar zichzelf als “Khayrul-Makereen”, wat correct vertaald betekent: “Allah is de grootste van alle bedriegers.” Dit wordt bevestigd door het opzoeken van de stamletters (Meem, Kaaf en Rah) in een Arabisch woordenboek zoals Al-Mawrid.
Als men nog twijfelt over de betekenis van de term, overweeg dan het getuigenis van Abu Bakr over het bedrieglijke karakter van Allah, zoals te vinden in The Successors of the Messenger door Khalid Muhammad Khalid, p. 70:
Voor degenen die geen Arabisch kunnen lezen: Abu Bakr, hoewel hem het paradijs beloofd is door Allah en zijn profeet, zegt huilend: “Bij Allah! Ik zou me niet veilig voelen voor de misleiding (zelfde Arabische woord) van Allah, zelfs al stond ik met één voet in het paradijs.”
Niet veilig
Het getuigenis van Abu Bakr is in overeenstemming met de Koran die moslims vertelt dat ze zich niet veilig moeten voelen voor de Makr of misleiding van Allah.
“Voelen zij zich dan veilig voor Allah’s plan (Makr)? Niemand voelt zich veilig voor Allah’s plan (Makr) behalve zij die verloren zijn.” Soera 7:99 (Pickthall)
Het woord dat Pickthall vertaalt als “plan” is hetzelfde Arabische woord (Meem, Kaaf, Rah of Makr). Dat betekent volgens het woordenboek misleiding .
Soera 7:99 Voelen zij zich soms veilig voor het plan van Allāh? Niemand voelt zich veilig voor het plan van Allāh, behalve het verliezende
De Arabische tekst luidt:
Abu Bakr, als ware islamgelovige, kon zich dus niet veilig voelen voor Allah’s misleiding (Makr), ook al was hem het paradijs beloofd door Allah en Mohammed!
Vernietigend
Vanwege de vernietigende implicaties van de uitdrukking “Allah Khayrul-Makereen”, beweerde een prominente moslimapologist dat Makereen een andere betekenis heeft wanneer het wordt toegepast op het goddelijke. Hieronder enkele problemen met deze uitleg.
-De passage zegt dat Allah de grootste is van alle makereen. Makereen beschrijft alle leden van een klasse waarvan Allah het belangrijkste lid is. Als iemand het belangrijkste lid is van een groep, moet hij deel uitmaken van die groep. Deze uitleg van moslims is dus logisch onmogelijk.
-Als we de logische onmogelijkheid van deze verklaring even negeren, laten we dan de bredere discussie over het toepassen van beschrijvende taal op God bekijken. Bijvoeglijke naamwoorden worden doorgaans sterker wanneer ze worden toegepast op hogere wezens, maar hun basisbetekenis verandert niet. Bijvoorbeeld: “goed” kan worden toegepast op een hond, een man en op God. De betekenis van het woord “goed” wordt sterker, maar blijft goed. Als het woord makereen krachtiger wordt toegepast op hogere wezens, dan wordt het bezwaar van de christen alleen maar sterker.
Andere betekenis
-Nog een keer, als woorden een andere betekenis krijgen als ze van toepassing zin op Allah, hoe kan dan welke openbaring ook over Allah in menselijke taal begrepen worden? Zou er niet eerst een nieuwe set regels van betekenissen moeten zijn voor woorden die op Allah van toepassing zijn? Kun je een boek dan nog een “openbaring” noemen als de gebruikte woorden geen verband houden met hun oorspronkelijke, normale betekenis?
-De context van Soera 3:54 is dat Allah mensen zogenaamd misleidt om te geloven dat Jezus door kruisiging gestorven is, terwijl hij dat volgens de islam niet gekruisigd is. We weten uit het Nieuwe Testament dat de discipelen van Jezus geloofden dat Hij gekruisigd was. In Soera 3:55 zegt Allah tegen Jezus: “Ik zal degenen die jou volgen verheffen boven degenen die ongelovig zijn, tot aan de Dag der Opstanding.”
Corrupt?
Wanneer moslims geloven dat het NT corrupt is, geloven ze dat de ongelovigen de volgelingen van Jezus hebben overwonnen en het NT hebben verdraaid, wat Soera 3:55 tot een leugen zou maken.
Veel discipelen van Jezus zijn de marteldood gestorven voor hun geloof in Zijn kruisiging, dood, begrafenis en opstanding. Allah zou dan niet alleen de ongelovigen, maar ook de gelovigen hebben misleid. Waarom zou Allah de loyale volgelingen van Jezus misleiden? Als Hij hen kon misleiden over wat ze zagen en hoorden, hoe kunnen we er dan zeker weten dat Hij de volgelingen van Mohammed niet op dezelfde manier heeft misleid?
Aangezien het de volgelingen van Mohammed waren die de Koran, Hadith en Sirat samengesteld hebben, hoe kunnen we hun waarneming en herinnering dan vertrouwen, als Allah dat bij Jezus’ volgelingen ook niet gedaan heeft?
De God in de Bijbel openbaart Zich als waarachtig:
“… het is onmogelijk dat God liegt …” Hebreeën 6:18
“God is geen man, dat Hij liegen zou…” Numeri 23:19
Jezus vertelde ons wie de grootste bedrieger is:
(Jezus tegen de ongelovigen): “U hebt de duivel als vader, en u wilt de begeerten van uw vader doen. Hij was een moordenaar van het begin af, en staat niet in de waarheid, want er is geen waarheid in hem. Als hij liegt, spreekt hij vanuit zijn aard, want hij is een leugenaar en de vader van de leugen.” Johannes 8:44
Vergelijk dit met Soera 13:42:
“Degenen voor hen smeedden plannen (stam = Meem Kaaf Rah); maar alle plannen (zelfde stam) behoren aan Allah. Hij weet wat elke ziel verdient. De ongelovigen zullen te weten komen voor wie het uiteindelijke (hemelse) thuis zal zijn.” Soera 13:42 (Pickthall)
Zekerheid?
Denk alstublieft goed na over de uitspraken in dit artikel. Ze zijn niet bedoeld als persoonlijke aanval, maar zuiver als punten ter overweging. De Koran zelf getuigt dat Allah de grootste is van alle makereen (bedriegers). Als dit vers waar is, welke hoop, welke zekerheid hebben we dan dat de rest van de Koran betrouwbaar is? Waarom zou iemand een bedrieger geloven en volgen? Zeker niet als de Bijbel zegt dat satan de grote bedrieger is. Volg alstublieft geen bedrieger, maar volg de God die niet kan liegen.
Jezus zei:
“Ik ben de weg, de waarheid en het leven. Niemand komt tot de Vader dan door Mij.” (Johannes 14:6)
Denk na!
We hebben allemaal gelogen. Allemaal gezondigd. Staan allemaal schuldig tegenover God. We verdienen allemaal de straf van de hel. Maar we kunnen vergeving ontvangen voor onze zonden als we berouw tonen, het evangelie geloven en Jezus volgen. Abu Bakr vertrouwde er niet eens op dat Allah hem het paradijs zou geven. Toch was het hem expliciet beloofd. Hij wist dat Allah een bedrieger was — nu weet jij het ook. Zou je er dan niet beter aan doen om te vertrouwen? Maar dan op de belofte van vergeving van de ware God die niet kan liegen?
In “de Saambinder”, het orgaan van de Gereformeerde Gemeenten stond een korte artikelenreeks (hulp bij het lezen van Gods Woord) van de hand van ds. D. de Wit.
In dit artikel wil ik ingaan op deel 2, “Christus aannemen”, zoals gepubliceerd in de Saambinder van 05-12-2024. En daarna verkennen hoe het zit met aannemen en bekeren.
“Zovelen Hem aangenomen hebben, dien heeft Hij macht gegeven kinderen Gods te worden, namelijk die in Zijn Naam geloven.” – Johannes 1:12
De ds. fileert de teks uit Johannes 1:12 meteen en volledig door de kerkleer der uitverkiezing er rucksichtlos overheen te gooien.
Gewoon lezen en geloven wat er staat komt eenvoudig niet voor in de denkwereld van deze ds. De Kanttekeningen worden er aan hun lange oude haren bijgesleept in een poging dit Schriftwoord van zijn kracht te beroven. De drempel naar het heil wordt zó opgehoogd, dat de lezer wordt geacht apatisch in zijn ‘fatale doodsstaat’ te blijven hangen. Want Hem aannemen, dat kán eigenlijk helemaal niet…….
Lees en huiver:
In een tijd waarin geloof vaak als een complex systeem van regels en rituelen wordt voorgesteld, dringt één eenvoudige waarheid zich op: het Evangelie roept mensen niet op tot prestatie, maar tot een beslissing. Geen handeling, geen verdienste, maar een antwoord. Dit artikel onderzoekt diepgaand de fundamentele Bijbelse lijn van bekering, wedergeboorte, het aannemen van Gods Woord, en het ontvangen van nieuw leven – zoals beschreven in het nieuwe Testament door onder anderen de apostelen als Petrus en Paulus. De nadruk ligt niet op theologische leerstellingen, maar op wat het praktisch betekent om te geloven en wat de gevolgen daarvan zijn.
🕊️ Het Evangelie: vrijheid door de Opstanding
De prediking van Petrus in Handelingen 2 vormt het hart van het Evangelie: Jezus Christus is gestorven, begraven, en opgestaan. Dat feit vormt de basis voor de hele oproep tot bekering. Zijn opstanding was niet alleen een historisch wonder, maar het begin van een nieuwe schepping. Die oproep is geen vage religieuze aanmoediging, maar een directe uitnodiging tot overgave aan het Woord van God.
Petrus confronteert zijn toehoorders met hun verantwoordelijkheid: “Wat moeten wij doen?” De boodschap is helder: bekeert u en laat u dopen. Hier ligt het zwaartepunt niet op externe handelingen, maar op een innerlijke beslissing: geloven is aannemen wat God aanbiedt.
🙏 Wat is Bekering ECHT?
Bekering betekent in de Bijbelse context dat je stopt met vertrouwen op jezelf, op je eigen dan wel geleende filosofie, en op religieuze werken. Het is het afleggen van eigen wijsheid en argumentatie. Het is niet een poging om jezelf aanvaardbaar te maken voor God, maar het opgeven van al die pogingen. Bekering is daarom diep bevrijdend: het betekent dat de mens niet langer hoeft te presteren, maar mag ontvangen.
Volgens de Schrift is bekering het stoppen met iets, niet het doen van iets. Dit staat haaks op veel hedendaagse theologische opvattingen die bekering verpakken in emotie, berouw of mystieke ervaring. De Bijbel zegt simpelweg: geloof het Woord.
✨ Geloven = aannemen = ontvangen
Geloven is niets anders dan aanvaarden. Vertrouwen op de medegedeelde boodschap. Een mens hoort het Woord van God en zegt: “Ja, dat is waar.” Dat is geloof. Wie gelooft, ontvangt nieuw leven: het leven van Christus Zelf. Die persoon wordt meteen kind van God, wedergeboren door de Geest.
Het Woord is als een geschenk dat aangereikt wordt. Je hoeft niets te doen behalve het aan te nemen. Zeg je “ja”, dan ontvang je het Leven. Zeg je “nee”, dan blijft het Leven buiten je bereik.
🏛 Toegevoegd aan de Gemeente
Na het aannemen van het Woord voegt de Heer de gelovige toe aan Zijn Gemeente. Niet op basis van religieuze status, maar door geloof in het Evangelie. Dit is een voltooide handeling van God: Hijvoegt toe wie gelooft. Dat betekent ook dat de Gemeente geen menselijke organisatie is, maar een geestelijk lichaam gevormd door wedergeboren gelovigen.
🧱 Gods verkiezing is openbaar
Uitverkiezing is geen geheim plan van God waarbij sommige mensen wél gered (mogen) worden en anderen niet. Integendeel: de Schrift leert dat God degene kiest die gelooft. Gelovigen zijn dus per definitie uitverkoren. Ongelovigen niet. Dat is niet wreed of willekeurig – het is eenvoudig, logisch en rechtvaardig.
Gods uitnodiging is universeel, Zijn selectie is op basis van aanvaarding van Zijn Woord. Niemand wordt buitengesloten, behalve diegenen die Zelf weigeren aan te nemen wat God aanbiedt.
🔥 De geestelijke mens vs. de natuurlijke mens
1 Korinthe 2 legt een cruciaal verschil bloot tussen de “natuurlijke mens” (de mens die leeft naar zintuig, ervaring en filosofie) en de “geestelijke mens” (de wedergeborene). De eerste verstaat niet wat van God is – het is hem dwaasheid. Alleen wie de Geest ontvangt, kan geestelijke dingen verstaan.
Dit verklaart waarom Bijbelse waarheden vaak botsen met menselijke logica. De Bijbel is geen filosofisch werk, maar een geestelijk boek. Het vereist geestelijk verstaan, en dat begint bij bekering.
🛡️ Blijf bij het Evangelie
De oproep tot volharding klinkt in 1 Korinthe 15: “…het Evangelie dat gij aangenomen hebt… door hetwelk gij ook zalig wordt, indien gij het behoudt…” Geloven is één ding, maar het blijven geloven is essentieel. Niet om behouden te blijven door inspanning, maar omdat het Woord je bron van leven wordt. Loslaten betekent je geestelijke voedselbron afsnijden.
❤️ Liefde voor de Waarheid
De meest schrijnende reden dat mensen verloren gaan, is volgens 2 Thessalonicenzen 2 “omdat zij de liefde der waarheid niet aangenomen hebben.” Niet omdat ze geen kans kregen. Niet omdat God hen afwees. Maar omdat ze niet wilden. Geen liefde voor waarheid betekent openstaan voor leugen.
In tijden van verwarring, fake news en ideologische leegheid is liefde voor de waarheid het enige dat redt. De waarheid is geen abstract ding, maar een Persoon: Christus. Hem aanvaarden is waarheid aanvaarden.
🌍 Verzoening: God vraagt het ons
“Laat u met God verzoenen.” Het klinkt vreemd, maar deze oproep komt niet van de mens naar God – maar van God naar de mens. God bidt jou, via Zijn Woord: neem Mijn aanbod aan. Hij heeft alles gedaan – door Christus’ dood, door Zijn opstanding – nu vraagt Hij een antwoord. Geen smeekbede om liefde, maar een serieuze uitnodiging tot gemeenschap.
🧭 Kennis der waarheid = Zaligheid
Kennis is niet alleen informatie. In Bijbelse zin is “kennen” altijd relatie. Je leert het Woord niet alleen weten, maar je gaat er in leven. Je wordt Zijn eigendom, en het wordt het jouwe. Naarmate je het Woord begrijpt, vorm je er een eenheid mee. In die mate word je zalig.
🌟 Tot slot: De Enige Weg
Er is één Weg, één Waarheid, één Leven – en dat is Jezus Christus. Geen andere naam, geen andere boodschap, geen ander fundament. Hij is niet één van de vele opties. Hij ís de enige. Alle religies, ideologieën en theorieën die dat ontkennen, zijn slechts vermomde afleidingen.
De conclusie is eenvoudig: Geloof is aannemen. Niet meer, niet minder. Het is de meest eerlijke, persoonlijke, vrije keuze die je ooit zult maken – en de enige die eeuwig telt.
“Die dan Zijn woord gaarne aannamen, werden gedoopt; en er werden op dien dag tot hen toegedaan omtrent drie duizend zielen.” – Handelingen 2:41
“Bekeert u, en een ieder van u worde gedoopt in den Naam van Jezus Christus, tot vergeving der zonden; en gij zult de gave des Heiligen Geestes ontvangen.” – Handelingen 2:38
“Laat u met God verzoenen.” – 2 Korinthe 5:20
“De mensen die verloren gaan hebben ‘de liefde der Waarheid niet aangenomen, om zalig te worden’.” – 2 Thessalonicenzen 2:10
Geloven is niets vaags of onzekers… geloven is aannemen.
Pastor Jimmy Root bewijst aan de hand van de Bijbel dat een dag bij God inderdaad letterlijk 1000 jaar kan betekenen. God maakt geen fouten, wat Hij zegt klopt altijd! En dat heeft grote gevolgen voor onze tijd!
Nederlands ondertiteld.
Deze video is een klein stukje van een lange video die u hier kunt vinden, dan echter wel zonder ondertiteling: A Clue to the Rapture BANG ZONE 2025?