God is niet de kerk, het Bijbelse verschil tussen kerk en gemeente

God is niet de kerk maar de Schepper

Er is een verwarring die diep in het christendom is geslopen.
Een verwarring die niet onschuldig is, maar fundamenteel misleidend. God is niet de kerk. Toch leven veel christenen alsof dat wél zo is. Kerk, gebouw, organisatie en zelfs leiders krijgen een plaats die alleen God toekomt. Maar de Bijbel maakt een scherp onderscheid tussen wat mensen hebben gebouwd en wat God heeft voortgebracht.

Dat lijkt misschien een nuance,  maar het is een geestelijk breekpunt.

Veel mensen spreken achteloos:

  • “De kerk zegt…”
  • “Ik ga naar de kerk…”
  • “De kerk bepaalt…”

Maar wat bedoelen ze eigenlijk?

Een gebouw?
Een organisatie?
Een denominatie?

De Bijbel kent dat allemaal niet.

De Schrift spreekt niet over een instituut, maar over een levend lichaam.

God is niet de kerk.
God is niet de kerk.

Wat betekent “gemeente” volgens de Bijbel

Het woord dat in het Nieuwe Testament gebruikt wordt is:

ekklesia — uitgeroepenen, bijeengeroepenen

Dat zijn geen stenen.
Dat zijn geen systemen.
Dat zijn mensen.

“En Hij is het Hoofd des lichaams, namelijk der Gemeente…” (Kolossenzen 1:18 STV)

De Gemeente is:

  • een lichaam
  • levend
  • afhankelijk van Christus

En Christus alleen is het Hoofd.

 

Waarom het woord kerk misleidend kan zijn

Het idee dat God verbonden is aan een plek of gebouw is onbijbels.

“De God, Die de wereld gemaakt heeft en alles wat daarin is, Deze, zijnde een Heere des hemels en der aarde, woont niet in tempelen met handen gemaakt.” (Handelingen 17:24 STV)

En nog scherper:

“Weet gij niet, dat gij Gods tempel zijt, en de Geest Gods in ulieden woont?” (1 Korinthe 3:16 STV)

God woont niet in bakstenen.
Niet in systemen.
Niet in structuren.

Hij woont in gelovigen.

 

Waarom dit onderscheid essentieel is

Het woord “kerk” komt van kyriakon — “van de Heere”.

Maar in de praktijk is het gaan betekenen:

  • instituut
  • organisatie
  • machtsstructuur

En precies daar gaat het mis.

Want zodra een systeem zichzelf tussen God en mens plaatst, ontstaat religie.

 

Het gevaar is groter dan je denkt

Wanneer de kerk centraal komt te staan:

  • krijgt een organisatie geestelijk gezag
  • worden leiders onaantastbaar
  • wordt kritiek gezien als opstand tegen God
  • verschuift vertrouwen van Christus naar mensen

Dat is geen detail.
Dat is geestelijke misleiding.

 

Christus is het fundament, niet de kerk

“Want niemand kan een ander fundament leggen, dan hetgeen gelegd is, hetwelk is Jezus Christus.” (1 Korinthe 3:11 STV)

Niet:

  • een denominatie
  • een traditie
  • een instituut

Maar Christus.

Alleen Christus.

 

Wat is de gemeente dan wel?

De gemeente is:

  • het lichaam van Christus
  • gevormd door wedergeboren gelovigen
  • verbonden door de Geest
  • wereldwijd één

“Want wij zijn allen door één Geest tot één lichaam gedoopt…” (1 Korinthe 12:13 STV)

Niet tot een organisatie.
Maar tot een lichaam.

De kerk is wat mensen hebben gebouwd.
De gemeente is wat God heeft voortgebracht.

God is niet de kerk.
En wie dat wel zo behandelt, verwart het werk van mensen met het werk van God.

De oproep

Uiteindelijk draait het hier niet om woorden, maar om werkelijkheid:

“Laat u met God verzoenen.” (2 Korinthe 5:20 STV)

Niet:

verbind je aan een systeem

onderwerp je aan een instituut

word lid van een kerk

Maar:

laat u met God verzoenen door Jezus Christus

lees ook:

God woont niet in een kerkgebouw

God spreekt over Zijn Zoon

Wat bedoelt de Bijbel met “leven uit Genade”?

“Van in de garage staan word je geen auto”

“Van in de garage staan word je geen auto”

Een metafoor waarvan de herkomst onduidelijk is, soms wordt hij toegeschreven aan Willem Kieft, dan weer aan Louis van Gaal, of zelfs aan de karakteristieke politicus Jan Schaefer. Van de laatste kan ik me trouwens nóg wel een karakteristieke en stevige uitspraak herinneren. (“In geouwehoer kun je niet wonen“, n.a.v  de woningnood die er destijds in 1978 al was in Amsterdam). Als taalliefhebber kan ik daar erg van genieten.

Kerkgang

Wat hiermee bedoeld wordt, lijkt me wel duidelijk. Deze vlieger gaat ook op voor kerkgang. Van naar de kerk gaan word je nog geen christen, al denken veel mensen dat nog steeds. “Als je maar gaat” is dan vaak de gedachte. De werkelijkheid is toch wel anders. Als je niet gelooft heeft het geen enkele zin om trouw elke zondag (twee keer?) aan te schuiven in de kerkbanken.

Dovemansoren

Van een kerk mag verwacht worden dat daar het Woord van God gebracht wordt. En als je niet gelooft, is dat eenvoudig aan dovemansoren gericht. Dat gaat je geen beter mens maken. Sterker nog: de kans is aanwezig dat je er super gefrustreerd en doodongelukkig van wordt, omdat je allemaal dingen hoort, waar je geen bal van snapt.
Dat is een vrij logisch en trouwens ook Bijbels principe; geestelijke dingen worden geestelijk verstaan. Als je het niet gelooft is het sowieso allemaal dwaasheid.

Gewoonte

Zorg er voor dat je niet stomweg gaat uit gewoonte, of omdat iemand dat van je vraagt of zelfs eist. Geloven is in eerste instantie vertrouwen op de informatie die je is medegedeeld. En die informatie kun je In de Bijbel vinden, of ga desnoods op zoek naar een christen die je het een en ander kan uitleggen.
Denk niet dat het “vanzelf wel komt”, of “later”, want de garantie dat je straks nog leeft, heb je niet.
Er is een levende God, en Zijn Zoon heet Jezus Christus. De Bijbel vertelt ons dat Hij de weg naar God is. Ga op zoek nu.

 

En wees niet als iemand die in de garage gaat staan hopen dat hij/zij een auto wordt…..

Geverifieerd door MonsterInsights